In dubio: schenken of niet?

Schenken is gebonden aan strikte regels. En die kunnen voor- en nadelig uitpakken voor zowel gever als begunstigde. Een kind met wie het contact verbroken is, blijft volgens de wet iets heel anders dan een dierbare vriendin.

Het lijkt een simpele handeling, schenken. Je maakt wat geld over naar een ander en dat is het dan. Maar het schenkingsrecht kent vele haken en ogen. Zo is in de wet op de cent nauwkeurig vastgelegd hoeveel je aan wie mag schenken. Geef je meer weg, dan betaalt de ontvanger over dat extra bedrag belasting ofwel schenkingsrecht. Een ouder mag sinds 1 januari van dit jaar eenmaal per jaar 4.342 euro aan een kind schenken. Voor kleinkinderen en derden geldt een maximum van 2.606 euro per jaar.

De frequentie van eenmaal per jaar is een vooruitgang: tot 1 januari 2006 mocht maar eenmaal in de 2 jaar een vergelijkbaar bedrag belastingvrij worden weggegeven.

Voordelen van schenken

Voor de schenker is het een prettig idee dat er na zijn of haar overlijden een kleiner deel van het vermogen aan de fiscus hoeft te worden overgedragen. Dat voordeel kan aanzienlijk zijn, volgens Jacco Sjerps, fiscaal specialist van de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie. “Stel: mevrouw Jansen bezit 347.000 euro. Volgens de Successiewet zou haar dochter na het overlijden van haar moeder over dat bedrag bijna 54.000 euro successierecht moeten betalen. Als mevrouw Jansen haar dochter reeds voor haar dood de helft schenkt, betaalt de dochter 20.000 euro aan schenkingsrecht en nog eens 21.000 euro successierecht over het resterende bedrag dat ze na de dood van haar moeder erft. Bij elkaar dus 41.000 euro, een voordeel van 13.000 euro. Bijkomend voordeel van schenken is dat de schenker ziet dat hij de ontvanger een plezier doet.“

Dankzij Johan Cruijff en zijn beroemd geworden trapveldjes is schenken aan goede doelen sinds kort geheel belastingvrij (was 8 procent). Dus wie zijn hele vermogen uit handen van de fiscus wil houden, moet een (erkend) goed doel uitzoeken als begunstigde. Dit geldt zowel voor schenkingen als nalatenschappen.

Wie wil schenken, maar het geld eigenlijk niet kan missen, kan een schenking op papier overwegen. Zo'n schenking is pas na overlijden van de schenker opeisbaar. Voordeel is dat de begunstigde na het overlijden van de schenker geen successierecht hoeft te betalen over het op papier geschonken bedrag.

Nadeel is dat de schenking in een notariële akte moet worden vastgelegd en jaarlijks een aantoonbare, reële rente moet worden betaald aan de papieren begunstigde, die het latere successierecht vervangt. Anders vindt bij overlijden heffing van successierecht plaats over het geschonkene.

Voor iemand die weet dat hij/zij niet lang meer te leven heeft, kan een papieren schenking uitkomst bieden, mits de schenking ten minste 180 dagen voor het overlijden geregeld is.

Nadelen

“Kleed je niet uit voor je naar bed gaat', luidt een notarieel gezegde. Ofwel: je kunt wel schenken, maar niemand weet hoe lang hij nog te leven heeft en dus hoeveel geld hij zelf nog nodig heeft.

Ook voor mensen die hun einde voelen naderen en dus weinig geld meer nodig hebben, zit er een addertje onder het gras, waarschuwt Renée Albers-Dingemans, wetenschappelijk medewerker van de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie. “Overlijdt de schenker binnen 180 dagen na de schenking, dan wordt de gift fiscaal behandeld als erfenis en is de ontvanger aanzienlijk duurder uit dan bij een schenking.“

Een ander nadeel van schenken is dat de ontvanger veel belasting betaalt als het om een groot bedrag gaat. Zo betaalt een neef of nicht - volgens het schenkings- en erfrecht een vreemde van de gever of erflater - over een schenking van 200.000 euro maximaal 59 procent belasting. Netto houdt het familielid daar dus relatief weinig aan over. Vroeg beginnen met schenken in kleine (belastingvrije) porties levert in zo'n geval relatief het meeste op.

Wie wil schenken (of nalaten) aan een bijstandsgerechtigde kan met het merkwaardige feit te maken krijgen dat dat hoogst onvoordelig kan uitpakken voor de ontvanger, volgens Albers. “Een gezin in de bijstand mag een vermogen tot 10.360 euro hebben, voor een alleenstaande geldt een bedrag van 5.180 euro. Aangezien een schenking het eigen vermogen vergroot, zal de uitkerende instantie de uitkering korten of intrekken. Reden waarom nogal wat bijstandsgerechtigden niet blij zijn met een (flinke) gift of erfenis.“ De officiële schenking of erfenis weigeren helpt niet: dat zou kunnen worden gezien als het moedwillig afwijzen van de mogelijkheid om extra inkomsten te verkrijgen met als mogelijk gevolg korting op de uitkering.