De krant antwoordt

1 Inderdaad, dat was 'm. En is dat acceptabel? Een redacteur mag zelf weten hoe hij z'n vrije tijd besteedt. Tenminste, zo lang het z'n werk niet hindert. Is dat risico er wel, dan heeft hij toestemming van de hoofdredacteur nodig, ook als het om een incidentele bezigheid gaat. Zo staat het in de CAO voor Dagbladjournalisten. Ik vond het risico voor z'n werk beperkt en gunde hem z'n uitstapje. Ik weet dat hij van spellen houdt en dat hij vroeger vaker en met succes aan tv-quizzen deelnam. Beerekamp is een journalistieke professional die als recensent nooit schrijft over het lichte genre van tv-spellen. En wat hij van de nieuwe zender Talpa vindt, had hij voor deelname aan deze quiz al ruimschoots opgeschreven. Maar ik moet erkennen dat hij bij een aantal lezers toch twijfels heeft opgeroepen. Er kwam een handvol e-mails. Dat is een les voor een eventuele volgende keer.

2 Is het een goed idee om alle ingezonden brieven aan NRC Handelsblad te publiceren, deels in de krant en de overige op de website? En zou daarmee de eventuele kloof tussen krant en maatschappij, cq lezer kunnen worden gedicht? Met andere woorden: moet de krant de brieven nog wel filteren. Of is verdelen voldoende: sommige naar de krant en andere naar de site?

Het is verleidelijk om te denken dat de krant daarmee z'n taak beter vervult dan door selectie. Maar zo is het niet. Althans, dat vind ik. Als we naast de papieren brievenrubriek een digitale reactierubriek zouden beginnen, dan ben ik ook daar voorstander van beperking. Niet alleen om de kwaliteitsnorm van ingezonden reacties te handhaven. Geen verdachtmakingen, vuilspuiterij, buitensporig emotionele argumenten, campagnes, acties, rectificaties, beledigingen, pseudoniemen etc. Daarvan is op internet al te veel voorhanden, juist in de sfeer van de weblogs. Maar ook om geen A-medium (brieven voor de krant) en een B-medium (de site voor het restant) te creëren. We nemen de site even serieus als de krant. En ik vind dat de kwaliteit van de site zou lijden als we aan de oneindige plaatsruimte daar zouden toegeven.

Het digitaal of op papier publiceren in het domein van NRC Handelsblad van een brief of reactie moet een meerwaarde hebben, die de redactie eraan geeft. Die waarde, hoe omstreden ook, kan ook zitten in de weigering van een brief. Kennelijk vindt de redactie de wel geplaatste brief of e-mail een zinnige gedachte, een terecht weerwoord of een redelijke aanvulling. En de niet geplaatste dus niet. Selectie is de beste service die de redactie andere lezers kan bieden. Die hoeven niet álle brieven en e-mails te lezen die de lezers stuurden. Maar juist een redelijke, representatieve doorsnee daarvan in de krant of op de site. Ook lezers willen economisch met hun tijd omgaan. Lezersonderzoek steunt die benadering ook.

Onbeperkte plaatsruimte is voor een medium eerder een vloek dan een zegen. De belangrijkste functie van de redactie is die van filter. Gooien we dat filter weg, dan raken we ook het gezicht en de kleur van de krant kwijt. Krant en site worden dan een anoniem doorgeefluik. Daarvan zijn er al genoeg. Lezers confronteren ons dan ook niet meer met ons beleid of onze beslissingen die er dan ook niet meer toe doen. Terwijl die botsingen juist voor scherpte en energie zorgen. Overvloed maakt lui.

nieuwe kwesties:lezerschrijft@nrc.nl
    • Folkert Jensma