Alleen een hogere accijns helpt tegen dronkenschap

Een combinatie van bezorgde voorlichting en vrolijke reclame heeft drankgebruik onder jongeren bevorderd, concludeert Maarten Huygen.

Van een tot drie glazen word je vrolijker en spraakzamer, meldt de brochure Feiten over alcohol. Voor cocktaildrankjes zonder tic geldt dat niet. Vandaar dat de wat in deze congresomgeving “netwerkborrel' wordt genoemd, snel is afgelopen. Tegen half zes zijn bijna alle bezoekers aan het Nationaal Alcoholcongres al uitgepraat en staan slechts enkele volhouders in de hoofdhal van het Rotterdamse WTC met een glas vruchtenmix te vissen naar leuke contacten.

Ik neem op mijn eentje een glaasje champagne, nul procent. Wij hebben gruwelijke feiten te verstouwen gekregen over wegterende hersenen. Het is dus toch waar. In een zweterig zaaltje, tot aan de nok gevuld met professionele hulpverleners, gaf onderzoeker Guus Smit van de Vrije Universiteit van Amsterdam een uiteenzetting. Ik zag de hippocampus 15 tot 35 procent krimpen en er werd al verminderde activiteit van het geheugengedeelte gemeten bij een jarenlange volwassen gewoonte van 25 glazen per week. Verminderde geheugenactiviteit: tevergeefs probeer ik mij te herinneren wanneer mij dat is overkomen. Drinken mensen niet juist om te vergeten? Voor jongeren is het blijvende effect van alcohol nog erger, want hun hersenen groeien tot hun 24ste door. En al die tijd kan overconsumptie schade voor het leven veroorzaken.

Op filmpjes zag ik zenuwcellen die zich via fijn tastende voeldraadjes met elkaar verknoopten. Gedurende de puberteit en later worden die miljarden verbindingen deels verwijderd en fijner afgesteld op het gebruik. Een gewoonte van doorzakken met tien à vijftien glazen per avond, wat veel jongeren doen, kan de natuurlijke tuning van het brein lelijk verstoren. Hersenen ontwikkelen zich van achteren naar voren en het gedeelte vooraan, dat dient voor de moeilijke beslissingen, komt het laatst. Hoe jonger iemand met drinken begint, des te groter de kans op verslaving gedurende het latere leven. Dus vroeg leren drinken is onverstandig.

Ik proef nog de eau rougie van mijn jeugd, met wijn aangelengd water, en daarna ging ik vanaf mijn zestiende zelf elke zaterdag naar het café. Maar toen was het te duur om dronken te worden. Nu bulken jongeren van het geld. Volgens het Nationaal Instituut voor Budgetonderzoek heeft een zestienjarige gemiddeld al 177 euro per maand te besteden en daar is veel supermarktbier mee te kopen. Zou ik vijftien biertjes op een nacht dan ook heel gewoon hebben gevonden? Het is verbluffend hoeveel liters jongens en meisjes opdrinken. In plattelandsgemeenten maken sportverenigingen plaats voor drinkschuren met internetsite. Steeds hoger stapelen de kratten zich op. Het begrip zinloos geweld is uit de mode, maar het verschijnsel niet. In de strandplaats Renesse is de politie gaan turven en bij bijna alle geweldsdelicten was alcohol in het spel.

Ouders kunnen de jeugdige drankzucht niet in hun eentje aan: een onderzoekster vond een directe correlatie tussen het aantal waarschuwende gesprekken met kinderen over drank en het wekelijkse aantal glazen, hoe meer gesprekken hoe meer drank. De jongeren zijn de obsessie van de commercie, de goeroes van de smaak. Iedereen wil jong doen. Het is zaak om hun aandacht te trekken voor mobieltjes, voor Ipods, voor muziek en voor drank. Terwijl het gemiddelde gebruik in Nederland sinds het historische hoogtepunt van 1980 van 8,9 liter pure alcohol per hoofd tot het voor Europa gemiddelde 7,8 liter is gedaald, drinken jongeren steeds meer. Zij zijn groeimarkt en probleemgroep. Ouders laten in wanhoop hun kinderen “veilig' thuis drinken. Bij schoolfeestjes waggelen series zatte leerlingen binnen.

Voorlichting alleen werkt niet. Het is een gratuite manier om budgetten voor drankbestrijding op te maken zonder de drank- en horecalobby tegen de haren in te strijken. Twintig jaar spotjes tegen alcohol hebben de jongeren niets geholpen. Ik bekeek spotjes uit de serie “drank maakt meer kapot dan je lief is' en ik zag een dronken jongen die een hondje in het water liet vallen en een wild meisje dat iets engs deed met een motorzaag. De meeste jongeren die dat zien, zullen denken dat ze zelf niet zo stom zijn. Bovendien worden er meer spotjes gemaakt vóór drank dan tegen. Vrijwel overal in Europa zijn tv-reclames voor drank tussen vijf en negen 's avonds verboden, behalve in Nederland. Dat is het resultaat van de door de machtige Nederlandse dranklobby zo vurig bepleite zelfregulering.

Tijdens een debat voor het Nationaal Alcoholcongres pleitten de vertegenwoordigers van drank en horeca voor vrijwilligheid. “We moeten het samen oplossen“, sprak Mark de Witte van Bacardi (die van de breezers). Hij heeft gelijk, maar het is niet genoeg. VVD-Kamerlid Joldersma wekte veel hilariteit in de zaal met haar hoop op sociale controle: “Als een meisje in de trein zegt “ik ga vanavond lekker veel drinken', dan gaat iemand anders in de trein zeggen dat het niet normaal is.“ Dat zal haar partijgenoot Hans Wiegel, voorzitter van het Centraal Brouwerijkantoor, enthousiast beamen.

Daarom vind ik het dapper van minister Hans Hoogervorst van Volksgezondheid dat hij op het congres pleitte voor maatregelen, ondanks de onwillige Tweede Kamer. Over de verhoging van de minimumleeftijd voor de aankoop van drank van zestien tot achttien jaar is binnen een jaar consensus ontstaan onder professionele hulpverleners. Als die maatregel goed wordt uitgelegd, met dreigende hersenverweking en al, krijgen ouders en opvoeders houvast. Uiteindelijk is de verhoging van het accijns het effectiefst tegen drankmisbruik. Dat blijkt ook uit onderzoek in de VS. In deelstaten met een hoog accijns wordt minder gedronken. Duitsland heeft de consumptie van breezers met een hoog accijns afgeremd. Alleen accijns kan op tegen hogere zakgelden en het treft nauwelijks de matige drinker. Jongeren hoeven niet te worden gecontroleerd als slemppartijen te duur worden.

    • Maarten Huygen