Kijken naar de rivier, denken aan de zee

Het is een mooie zomernacht in Bonn. Juni 1989. Op een muurtje aan de Rijn zitten twee heren. Helmut Kohl, kanselier sinds 1982, economisch succesvol maar in eigen land niet bijster populair. En Michail Gorbatjsov, sinds een jaar president van de Sovjet-Unie en druk doende een star wereldrijk te hervormen. Ze maken een praatje met jongeren die langs de oever flaneren en bespreken de toestand in de wereld.

Helmut Kohl, november 2005 Foto Tobias Schwarz/Reuters Helmut Kohl, former German Chancellor sits in front of a large photograph of himself during a news conference to promote his new book, 'Erinnerungen 1982-1990' (Memories 1982-1990) in Berlin November 2, 2005. Kohl, born in 1930, was Chancellor with the Christian Democratic Union CDU from 1982 until 1998. The book goes on sale tomorrow. REUTERS/Tobias Schwarz REUTERS

Het is het begin van een gedenkwaardige zomer. Europa is in beweging, maar niemand weet dat het ondenkbare binnen handbereik is. In een lange reeks onderhandelingen hebben NAVO en Warschaupact de wapenwedloop een halt toegeroepen. In het Oostblok ontluikt de democratie. Hongarije is net begonnen de versperringen aan de grens met Oostenrijk op te ruimen, maar aan de Berlijnse Muur is in februari nog een jongeman, die uit de DDR naar het vrije Westen wilde vluchten, door grenswachten doodgeschoten.

Zittend op het muurtje wijst Kohl naar de Rijn: “Kijkt u eens naar die rivier. Hij symboliseert de geschiedenis. U kunt in deze rivier een stuw aanleggen, maar dan zal hij over de oever treden en zich een andere weg naar zee banen. Zo is het ook met de eenheid van Duitsland. U kunt proberen haar te verhinderen. Dan maken wij het misschien niet meer mee. Maar zo zeker als de Rijn naar zee stroomt, zo zeker is het dat Duitsland en Europa verenigd zullen worden.“

Gorbatjsov luistert. Hij spreekt zijn gastheer niet tegen. Een dag later zal hij tijdens een tafelrede formeel het einde van de Koude Oorlog verkondigen. “We trekken een streep onder de naoorlogse periode.“

De scène op het muurtje aan de Rijn is een van de sleutelpassage in het tweede deel van de Kohls autobiografie, waarin de aanloop naar de Duitse eenwording centraal staat. Het bezoek van de Sovjet-leider aan de Bondsrepubliek had een historisch karakter en was een groot succes. West-Duitsland raakte in de ban van Gorbimania. De man van perestrojka en glasnost, van vernieuwing en openheid, werd ontvangen als een held. Kohl en Gorbatsjov bouwden in die dagen een vertrouwensrelatie op die, later dat jaar, als de DDR desintegreert, van groot belang zal zijn. Bovendien vond Kohl in Gorbatjsov een medestander in zijn onverstoorbare streven naar Duitse eenheid - ook al zouden de twee er nog woorden over krijgen.

Het gesprek aan de Rijn illustreert ook hoe Kohl denkt over internationale betrekkingen: voor de verhoudingen tussen staten zijn goede persoonlijke banden tussen regeringsleiders van groot belang. Alleen als je de gesprekspartner persoonlijk goed kent, stelt Kohl, weet wat je van hem kunt vragen. In de zomernacht aan de Rijn vertellen de twee mannen elkaar ook hun levensverhaal.

Het bezoek van Gorbatjsov is ook een keerpunt in het boek. In 2004 publiceerde Kohl het eerste deel van zijn memoires, Erinnerungen 1930-1982, waarin hij zijn weg naar de macht beschrijft. Eigenlijk wilde hij zijn 16-jarige heerschappij in één keer behandelen. Dat lukte niet. Deel twee van Erinnerungen, dat afgelopen najaar verscheen, beslaat weliswaar 1.088 pagina's, maar behandelt slechts de eerste helft van zijn regeerperiode, tot vlak voor de Duitse eenwording in 1990.

Elfhonderd pagina's. Dat is veel Kohl. Te veel. Tot het bezoek van Gorbatsjov is het boek een machtige vertelling met weinig frivoliteiten. Aan de hand van zijn agenda uit die dagen beschrijft Kohl een Europese regeringsleider die belangrijke ontmoetingen heeft en dito toespraken houdt. Kohl met Mitterrand in Verdun, Kohl met Reagan in Bitburg. Kohl over de Europese eenwording. Kohl over transatlantische verhoudingen. Kohl over economie, over milieu en kinderopvang. Belangwekkend, zeker, maar zouteloos.

Pas met Gorbatsjov wordt het spannend. Na bijna 900 pagina's. De politieke ontwikkelingen van de tweede helft van 1989 vormen nu eenmaal een hoogwaardiger grondstof dan de rest van de jaren tachtig. Bovendien speelde Kohl een onbetwiste hoofdrol in de tumultueuze maanden die zouden uitmonden in de fusie van BRD en DDR. Maar Kohl is in de beschrijving van zijn finest hour ook openhartiger dan in de voorafgaande hoofdstukken.

Zo kan hij zijn tranen nauwelijks bedwingen als de Hongaarse premier Németh hem tijdens een geheime ontmoeting belooft duizenden vluchtelingen uit de DDR naar het westen te laten reizen - ook al riskeert hij een groot conflict met de onbuigzame leiders in Oost-Berlijn. Over zijn prostaataandoening vertelt Kohl zo frank en vrij dat het onwillekeurig komisch wordt. Zo ziet de lezer Kohl, gekweld door hevige pijn, 's nachts in zijn pyjama over het gazon rond zijn bungalow rennen, op weg naar bewakers die hem naar het ziekenhuis moeten brengen.

Kohls beschrijving van de Duitse eenwording is het relaas van een man die het historische gelijk aan zijn kant weet. Dat schrijft natuurlijk lekker. Kohl heeft het ideaal van de eenwording nooit losgelaten en heeft met behoedzame en moedige manoeuvres bijgedragen aan een vreedzame politieke omwenteling in Europa. Hij is gelauwerd voor die rol en zal, terecht, als kanselier van de eenwording de geschiedenis ingaan. Toch hebben het succes en de jaren hem niet milder gestemd.

Kohl blijft tikken uitdelen. De Britse premier Margaret Thatcher, die niets in de eenwording zag, krijgt er regelmatig van langs. Als Europese regeringsleiders vlak na de val van Muur bijeenkomen begint Thatcher “buiten zichzelf van woede te stampvoeten'. Thatcher: ,,Twee keer hebben we de Duitsers verslagen! Nu zijn ze er weer.“ Ook premier Ruud Lubbers moet incasseren. Kohl schrijft weliswaar dat hij begrijpt dat de Duitse eenwording in Nederland moeilijk ligt, maar als Lubbers sceptisch is, noemt hij dat toch “een heel grote persoonlijke teleurstelling.' In de wereld van Kohl kun je het maar beter met Kohl eens zijn.

Wat voor buitenlandse gesprekspartners geldt, gaat in verhevigde mate op voor binnenlandse politici. Van sociaal-democraten die in de jaren tachtig toenadering tot de DDR bepleitten blijft geen spaander heel. Om van de Groenen, die tegen eenwording zijn, maar te zwijgen. Kohl is in de jaren tachtig niet de enige West-Duitser met contacten in het Oostblok. Talloze Duitse politici reizen naar Oost-Berlijn. Kohl heeft er in de protocollen van het Politbureau nog eens op nageslagen wat zijn tegenspelers in den vreemde zoal deden. Zo werd Kohls partijgenoot en rivaal Lothar Späth daags na de laatste fatale schietpartij aan de Muur, februari 1989, door partijleider Erich Honecker ontvangen. Lothar Späth repte met geen woord over het voorval. Kohl roept Späth nu alsnog ter verantwoording. Helmut Kohl, 75 inmiddels, staatsman in ruste, blijft vechten.

Helmut Kohl: Erinnerungen 1982-1990. Droemer Verlag, 1133 blz. euro 29,90