Screenen op geslachtsziekte nu ook per post

Screenen op de bij seks overgedragen infectieziekte chlamydia kan heel goed per post. Veel mensen zijn bereid een envelop met daarin de vraag om mee te doen, vergezeld van een duidelijke uitleg van het probleem en een meegestuurd urinebuisje, serieus te nemen. Zeker 40 procent van aangeschrevenen plast het testbuisje vol en stuurt het terug per post. Bijna iedereen die besmet is, gaat daarna naar de dokter voor een antibioticakuur.

Dat blijkt uit onderzoek van Hannelore Götz, arts infectieziekten van de Rotterdamse GGD. Zij promoveert vandaag aan de Erasmus Universiteit. Götz concludeert dat screenen per post een efficiënte methode is om de zich steeds verder verspreide soa (seksueel overdraagbare aandoening) chlamydia in te perken. Ook is het mogelijk op die manier risicogroepen gericht te benaderen. Tot de risicogroep, zo vond Götz, behoren vooral mensen in de grote steden, van Surinaamse of Antilliaanse etniciteit, met een lage of middelbare opleiding, die meerdere sekspartners hadden en in de laatste twee maanden een nieuwe.

In de grote steden is 3,2 procent van de mensen besmet met chlamydia. Op het platteland is dat 0,6 procent. Maar in sommige risicogroepen kan de besmettingsgraad oplopen tot 10 à 20 procent. Vrouwen zijn wat vaker besmet dan mannen. Götz ontwikkelde een test waarmee aangeschrevenen zelf kunnen inschatten of ze een grote kans op chlamydia lopen.

Chlamydia is een bacterie-infectie. Bij veel mensen verloopt de infectie onopgemerkt. Verschijnselen zijn tussentijdse bloedingen bij vrouwen en een pijnlijk of branderig gevoel bij het plassen bij beide geslachten. Een infectie gaat vrij vaak vanzelf weer over. Er kunnen echter ook ernstige complicaties optreden. De bekendste treden op bij vrouwen: onvruchtbaarheid of buitenbaarmoederlijke zwangerschap. Veel ivf-behandelingen zijn onnodig als chlamydia goed zou worden bestreden.

“Er wordt al jaren gepraat over landelijk screenen op chlamydia,“ zegt Götz. “Alleen uit Amsterdam waren besmettingscijfers bekend. Die zijn hoog. De besmettingsgraad is er ongeveer 3 procent.“ Soa Aids Nederland, de landelijke organisatie ter bestrijding van geslachtsziekten, coördineerde uiteindelijk een onderzoek in vier GGD-regio's. In de GGD-regio's Groningen, Hart van Brabant, Oostelijk Zuid-Limburg en Rotterdam plofte bij 21.000 15- tot 29-jarigen een envelop op de deurmat met de vraag om aan de screening mee te doen. Ook de uitslagen werden per post verstuurd. “Doorgaans gebeurt dat na een gesprek met een zorgverlener,“ zegt Götz.

Ze onderzocht naderhand hoe de aangeschrevenen het vonden om opeens een brief over geslachtsziekten te krijgen. Götz: “De meesten vonden het een goede aanpak. Onze indruk is dat de methode de deelname zeker niet heeft verlaagd. Migrantenjongeren zijn het lastigst te bereiken.“

In de toekomstige praktijk ziet Götz veel in een combinatie-aanpak. “De benadering per post werkt goed. Maar de groepsaanpak slaagt ook. Op Regionale Opleidings Centra, de ROC's waar in de Rotterdamse regio toch 40.000 jongeren op zitten, waarvan er veel tot de risicogroep behoren, levert dan responspercentages van boven de 70 procent.“