Brussel helpt bij vrouwenstrijd

Werkgevers noemen het een “voorbeeld van ongewenste Europese regelgeving“, maar advocaat Gabi van Driem is dit keer wel blij met Brusselse bemoeienis. Op het moment ligt er een wetswijziging bij de Kamer die strengere Europese regels over seksuele intimidatie op de werkvloer in het Nederlandse recht moet doorvoeren. Van Driem is feministe en advocaat. Ze verdedigt slachtoffers van seksuele intimidatie.

Gabi van Driem (54) studeerde rechten aan de Universiteit van Amsterdam. Sinds 1981 verdedigt ze met haar kantoor vrouwen in een achterstandssituatie. In 2004 kreeg ze de Aletta Jacobsprijs voor vrouwenemancipatie in Nederland. (Foto NRC Handelsblad, Rien Zilvold) amsterdam gabi van driem foto rien zilvold Zilvold, Rien

“Ik ga nu met een andere bril beoordelen of het voor mijn cliënt zin heeft om naar de rechter te gaan“, vertelt Van Driem. Onder de nieuwe regels komt de bewijslast bij de werkgever te liggen als het gaat om aansprakelijkheid bij seksuele intimidatie. Als werkgevers niet kunnen aantonen dat ze voldoende preventieve maatregelen hebben getroffen, kunnen ze financieel aansprakelijk gesteld worden. Voorheen moesten slachtoffers zelf bewijzen dat ze seksueel geïntimideerd waren.

“Stel, een schoonmaakster is na werktijd aangerand door een werknemer die aan het overwerken was“, legt Van Driem uit. “Dan moet de werkgever voortaan aantonen dat die werknemer echt moest overwerken en daar niet met voorbedachte rade zat. In de oude situatie moest de schoonmaakster zelf aantonen dat zij aangerand was. Met een gescheurde rok of een getuige die haar toevallig met een rood hoofd zag wegfietsen bijvoorbeeld. Dat was vaak heel moeilijk.“

Van Driem krijgt op diverse fronten met de nieuwe regelgeving te maken. Ze verdedigt slachtoffers van seksuele intimidatie, traint leden van interne klachtencommissies en staat werkgevers bij die een dader van seksuele intimidatie willen ontslaan. Het kantoor van Van Driem verdedigt zelf nooit daders. “Ik verwacht dat er meer zaken zullen komen op dit terrein. Nu is voor een slachtoffer de drempel om naar de rechter te gaan nog heel hoog. En als ze gaan trekken veel slachtoffers aan het kortste eind.“

Slachtoffers hebben dus meer kans dat ze hun werkgever aansprakelijk kunnen stellen. Verder denkt Van Driem dat de nieuwe regels goed zullen uitpakken voor de bedrijfscultuur. Werkgevers zullen eerder geneigd zijn om preventieve maatregelen te nemen, om claims te voorkomen. “Dit leidt tot een beter klimaat.“

Van Driem: “Om daders echt aan te kunnen pakken moet seksuele intimidatie op het werk in het wetboek van strafrecht op worden genomen.“ Nu gaat het om een wijziging van het burgerlijk wetboek. Het strafrecht kan alleen door de nationale wetgever worden gewijzigd en niet door Brussel.

Wat Van Driem betreft levert de implementatie van de Europese regelgeving dus slechts een “beperkte verbetering“ op. Maar, ze is wel blij met de Brusselse bemoeienis: “Het is een stap vooruit. Het is heel goed dat Europa het tegengaan van seksuele intimidatie stimuleert.“

Dinsdag stemt de Tweede Kamer over de invoering van de Europese regels in het burgerlijk wetboek. Een meerderheid in de Kamer heeft aangekondigd voor te zullen stemmen. De Europese richtlijn waar de veranderingen uit voortvloeien dateert al van 2002. Op grond van het recht op gelijke behandeling van man en vrouw, moet seksuele intimidatie volgens die richtlijn bestreden worden. Eigenlijk had Nederland de richtlijn al met ingang van oktober vorig jaar moeten doorvoeren. Van Driem: “Nederland is nogal traag.“