Blokken voor eigen beachvolleyhal

Vandaag studeerden twaalf topsporters af aan de Randstad Topsport Academie. Een studieboek lezen tijdens een toernooi: het kan.

Zes dagen per week traint Rebekka Kadijk (26) in een sportcentrum in Amsterdam. Zeven maanden per jaar zit de beachvolleybalster in het buitenland voor toernooien en trainingskampen. “Maar zonder een diploma red je het als topsporter niet“, weet Kadijk. “Als mijn sportcarrière voorbij is en ik kan geen papiertje laten zien, heb ik een groot probleem.“

Kadijk was een van de twaalf topsporters die vanmorgen in Rotterdam een heao-diploma commerciële economie in ontvangst nam van NOC*NSF voorzitter Erica Terpstra. Tezamen vormen zij de derde lichting van de Randstad Topsport Academie, een samenwerkingsverband tussen het gelijknamige uitzendconcern en de Hogeschool voor Economische Studies (HES) in Rotterdam. “Als alles volgens plan verloopt, run ik over vijf jaar mijn eigen beachvolleybalhal“, zegt Kadijk, die ondanks haar zware studieprogramma vorig jaar zilver won op het EK beachvolleybal in Moskou.

De academie houdt zoveel mogelijk rekening met de sportieve verplichtingen van studenten. Zij moeten twee dagen per week colleges volgen, maar wanneer studenten voor toernooien of trainingskampen in het buitenland verblijven, valt daar altijd wel een mouw aan te passen. Zij maken tentamens wanneer het hén schikt, krijgen de lesstof nagestuurd bij het missen van colleges, kunnen 24 uur per dag een beroep doen op docenten en maken groepsopdrachten via intranet. Kadijk: “Mijn werkstukken maakte ik zoveel mogelijk buiten het seizoen. En als het kon las ik tussen de wedstrijden door een studieboek.“

De vierjarige opleiding is toegankelijk voor sporters met een A en B-status en high potentials: mensen die op het hoogste landelijke competitieniveau spelen of van het nationale jeugdelftal deel uitmaken. “Vooral die laatste groep is de afgelopen jaren steeds groter geworden“, zegt Bianca Heideman, die bij het uitzendconcern verantwoordelijk is voor onderwijs. “Dat heeft voor een groot deel te maken met de toename van het aantal Lootscholen (scholen voor voortgezet onderwijs waar topsporters een aangepast lesprogramma kunnen volgen, red.). Jonge topsporters kunnen steeds gemakkelijker doorstromen.“

Speciaal voor jonge talenten opent de sportacademie later dit jaar een dependance aan de Saxion hogescholen in Deventer. Ook daar gaat het om een opleiding commerciële economie. “We onderzoeken nog of het mogelijk is een opleiding fysiotherapie voor topsporters te starten in Nijmegen“, aldus Heideman.

Uit onderzoek blijkt dat slechts een kwart van de topsporters zich zorgen maakt over het vinden van een “gewone' baan na beëindiging van hun sportieve loopbaan. Maar de praktijk is minder rooskleurig; zonder diploma lukt het voormalige topsporters niet een baan te vinden. Het is zaak dat zij nog tijdens hun sportcarrière over hun eigen toekomst nadenken.

Tot die conclusie kwam ook Johan Cruijff. In het jaar dat de Randstad Topsport Academie haar deuren opende, richtte de oud-voetballer een naar hem vernoemde sportacademie op aan de Hogeschool van Amsterdam: Johan Cruyff University (JCU). Topsporters kunnen er in vier jaar hun heao-diploma commerciële economie halen. Voorwaarde voor toelating is dat een sport wordt beoefend in de hoogste klasse, of dat die klasse, gezien de leeftijd, nog kan worden bereikt. “Wij vatten het begrip “topsporter' iets ruimer op dan in Rotterdam“, zegt mede-oprichter Wim de Wit. “Het merendeel van de studenten “doet' veel aan sport. En ja, daar zitten ook een paar topsporters tussen.“

In de afgelopen zes jaar studeerden zo'n honderd studenten af aan de Johan Cruyff University. In juni komen daar nog eens vijftig bij. Anders dan bij de Rotterdamse opleiding is het héle onderwijsconcept op sport gericht, zegt De Wit. “Bij ons worden geen colleges gegeven over de pakjes boter van Unilever - behalve als die boter bewezen effecten heeft op de gezondheid van sporters.“

Topsporters vormen een gezichtsbepalende doelgroep voor universiteiten en hogescholen. En dat is in een tijd van krimpende budgetten en studentenpopulaties geen overbodige luxe. Het is dan ook niet verwonderlijk dat een aantal instellingen voor hoger onderwijs topsportbeleid heeft ontwikkeld om deze groep binnen te halen. Zo kunnen studenten aan de Fontys Hogescholen in Tilburg en Sittard vrijstellingen aanvragen als zij een A of B-status hebben. Ook aangepaste lesroosters behoren tot de mogelijkheden.

Topsporters die een opleiding aan de Rijksuniversiteit Groningen volgen kunnen voor maximaal twee jaar een beurs van 2.400 euro aanvragen. Het concept lijkt aan te slaan; zo'n veertig studenten hebben zich de afgelopen jaren bij topsportcoördinator Cees Reitsma gemeld. “Maar“, waarschuwt Reitsma “niet alle sporten zijn te combineren met een reguliere studie. Een topschaatser is praktisch de hele winter weg. Dan wordt het wel erg lastig om hier je diploma te halen.“

    • Danielle Pinedo