Servië: tycoon versus 'duivel'

In Servië woedt een ware oorlog tussen de regering en de zakentycoon Karic, een zakenman die rijk werd in het tijdperk-Milosevic. De reden: Karic' politieke ambities.

Niemand kan zeggen dat Bogoljub Karic zich niet met verve verdedigt. De Servische premier Vojislav Kostunica, zo riep hij gisteren in hartje Belgrado vierduizend aanhangers toe, is 'de zwartste duivel van Servië' en 'de leider van de maffia die plundert wat Servië in eeuwen heeft opgebouwd'.

Op datzelfde moment legde Kostunica Oostenrijkse zakenpartners van Karic, aangevoerd door de Oostenrijkse vice-kanselier Gorbach, uit dat ze beter hadden moeten uitkijken toen ze vorig jaar voor een kwart miljard dollar Karic' aandeel in het mobiele telefoonbedrijf Mobtel overnamen; als ze dat hadden gedaan hadden ze geweten dat Bogoljub Karic helemaal geen meerderheidsbelang in Mobtel hád.

Sinds een maand is de Servische regering bezig met de politieke demontage van Karic, de belangrijkste van de zakentycoons die in het tijdperk-Milosevic rijk zijn geworden. Karic heeft het er zelf naar gemaakt: hij was zo druk doende zijn economische invloed te vertalen in politieke invloed, dat hij de regering in paniek bracht. Het resultaat: een keihard moddergevecht.

Bogoljub Karic is een van die tycoons die in het tijdperk-Milosevic rijk konden worden dankzij de nauwe vervlechting van zakenleven, politiek en de georganiseerde misdaad. Na Milosevic' val konden die louche zakenlieden gewoon hun gang blijven gaan.

De afgelopen jaren heeft Bogoljub Karic geprobeerd naast economische ook politieke invloed te verwerven. Hij richtte in mei 2004 een eigen partij op, Kracht van Servië (PSS), die nu in de peilingen derde en soms zelfs tweede staat. Karic zelf nam in 2004 deel aan de presidentsverkiezingen; hij werd met 18,2 procent van de stemmen derde. Een programma of een ideologie heeft de PSS niet: ze is simpelweg het vehikel van de populist Karic om politiek hogerop te komen.

In Belgrado begonnen in de loop van vorig jaar de alarmbellen te rinkelen toen Karic begon een eigen fractie in het parlement te stichten - door parlementariërs om te kopen. Naar verluidt voor 30.000 euro en een woning stapten inmiddels vijf parlementariërs over naar Karic' PSS. Zo'n overstap is, afgezien van de manier waarop, legaal, want in Servië zijn parlementszetels geen eigendom van de partij, maar van degene die erop zit. Voor de regeringspartijen was die ontwikkeling alarmerend, want Kostunica's regering beschikte na het weglopen van die vijf parlementariërs nog maar over 128 van de 250 zetels in het parlement. Toen Karic in december aankondigde per 1 januari nóg vier leden van de regeringsfracties los te zullen weken, was de maat vol. De regering, bang de meerderheid in het parlement te verliezen, ontnam op 29 december Karic' melkkoe Mobtel de licentie.

Het motief voor die maatregel was een fraudegeval van twee jaar eerder. Mobtel had toen 79 flats gekocht voor zijn personeel. Voor elk van die flats was rond 100.000 dollar betaald. Het personeel kocht die flats van Mobtel voor een fractie van die prijs. Daarmee, aldus de regering, liep de fiscus miljoenen mis. Oplichting! Afgelopen weekeinde werden drie Mobtel-managers opgepakt en werd een aanklacht ingediend tegen een van Karic' broers, Sreten, die vervolgens liet weten niet voor verhoor beschikbaar te zijn omdat hij in het ziekenhuis ligt. Volgens de regering gingen de transacties met de flats ook nog ten koste van de Servische KPN, de partner van Karic in Mobtel. Verder werd Karic verweten dat Mobtel nooit dividend heeft uitgekeerd, hetgeen de staat 50 miljoen dollar zou hebben gekost. De staatspartner van Karic, PTT, had nooit geld gezien. Verder, aldus de regering, lichtte Mobtel de staat op door schijnfirma's in Cyprus miljoenen te betalen voor nooit gegeven adviezen. Die schijnfirma's waren allemaal eigendom van Bogoljub Karic.

In mei vorig jaar verkocht Karic zijn aandeel voor 250 miljoen dollar aan een Oostenrijks consortium onder leiding van financier Martin Schlaff, een zakenman wiens naam is gevallen in de rel over de vermeende betaling van steekpenningen aan de zoon van de Israëlische premier Sharon. Maar volgens de regering had Karic helemaal geen meerderheidsaandeel in Mobtel te verkopen. Al twee jaar lang namelijk maken Karic en zijn partner PTT ruzie over de vraag wie eigenlijk een meerderheidsaandeel in Mobtel heeft. Omdat de PTT nooit een cent uit de reusachtige winst van Mobtel had ontvangen, en omdat de PTT het niet-ontvangen geld graag vertaalde in aandelen, was het PTT-aandeel in Mobtel van 49 tot 58 procent gestegen, althans: volgens de PTT. Al twee jaar speelt die kwestie voor een rechtbank in Zürich. Een uitspraak is er nog altijd niet. Maar voor de regering was deze kwestie in december aanleiding de eigendomskwestie aan te voeren als een van de redenen voor de intrekking van de licentie van Mobtel. De Oostenrijkers reageerden woedend, omdat zij zich mede-eigenaar van Mobtel achtten, maar volgens premier Kostunica hadden ze gewoon beter moeten opletten.

Vrijwel iedereen gaat er van uit dat de aanval op Karic politiek gemotiveerd is. Immers, de ruzie over het eigendom van Mobtel speelt al twee jaar en de vermeende fraude met de 79 flats is ook al twee jaar bekend. Pas nu de regering moet vrezen voor haar voortbestaan omdat Karic links en rechts parlementariërs opkoopt, is actie tegen hem ondernomen. De regering werkt nu hard aan een wetswijziging die het overlopen van parlementariërs van de ene fractie naar de andere verbiedt. En Karic schreeuwt moord en brand, met - aldus het nieuwsbulletin VIP, doorgaans neutraal - 'langdradige, pathetische en zelfs naar Servische maatstaven extreem schaamteloze' beschuldigingen richting regering.

    • Peter Michielsen