Rugslapen maakt Nederlandse wieg veiligste ter wereld

De strijd tegen wiegendood boekte zijn eerste succes in Nederland en leidde tot een wereldwijd beleid van rugslapen. 'Nu moeten we de grootouders gaan bijscholen.'

De redressiehelm

Zet je baby een helm op. Daarmee herstel je een afgeplat kinderhoofd dat is ontstaan door het slapen op de rug. Een 'redressiehelm' noemt fabrikant Livit uit Haarlem de constructie, voorgeschreven door plastisch chirurgen en kinderartsen. Hij kost 1.000 euro en is verkrijgbaar in felgekleurde dessins. De ziektekostenverzekeraar betaalt. En ouders hoeven zich niet langer zorgen te maken dat hun kind om een scheve schedel gepest wordt.

Is de vorm van babyhoofdjes een nieuw gat in de gezondheidsmarkt?

Feit is dat deze aandoening er nooit was geweest als die andere aandoening, wiegendood, niet zo succesvol bestreden was. Het is de tol die baby's betalen voor het strikte rugslapen dat jeugdartsen sinds 1987 op consultatiebureaus adviseren. Naar schatting drie procent van de tweejarigen kan daardoor een meer of minder afgeplat achterhoofd krijgen.

Is dat erg?

Nee, zegt kinderarts Ko van Wouwe, die als onderzoeker werkt bij TNO Kwaliteit van Leven. In elk geval niet als je het aantal scheve schedels afzet tegen het afgewende wiegendoodleed. De Nederlandse cijfers zijn spectaculair. Na het 'rugslaapdvies' verminderde het aantal gevallen van wiegendood met meer dan negentig procent, van 120 sterfgevallen op 100.000 nuljarigen in 1985 tot 8 in 2005. Daarmee is Nederland wereldwijd 'kampioen wiegendoodbestrijder'. En dan zwijgt de onderzoeker nog over het trauma dat ouders bespaard blijft als ze hun baby onverwacht en op onverklaarbare wijze dood aantreffen. Van Wouwe: 'Dan zeg ik over scheve babyhoofdjes: elk voordeel heeft zijn nadeel.'

Een baanbrekend succes. Zo kwalificeren kinderarts Van Wouwe en hoogleraar jeugdgezondheidszorg Remy Hira Sing de wereldwijde strijd tegen de wiegendood, lange tijd de belangrijkste doodsoorzaak voor baby's in de westerse wereld. In een artikel in het medisch-wetenschappelijke tijdschrift The Lancet schrijven de onderzoekers vandaag het einde van 'de wiegendoodpandemie' toe aan het advies baby's op de rug te slapen te leggen. Nederland begon daar als eerste land massaal mee. Door de opzet van de zuigelingenzorg leidde dat tot een snel, geruisloos en relatief goedkoop succes. Want waar ter wereld zien artsen en verpleegkundigen in het eerste jaar 93 procent van alle baby's om de zes weken? Hira Sing, hoogleraar aan het Amsterdams VU Medisch Centrum: 'Op de consultatiebureaus kunnen we vaccineren, en ouders goed op de hoogte brengen van de laatste wetenschappelijke inzichten. Bovendien kost het weinig, honderd euro per jaar per kind. Voor dat geld kun je je kat niet eens inenten.'

Toch kwam het rugslaapadvies te laat voor 10.000 kinderen in Groot-Brittannië en nog eens 50.000 anderen in de rest van Europa, de Verenigde Staten en Australië, schatten Van Wouwe en Hira Sing. Want niemand ondernam iets tegen wiegendood. Totdat hoogleraar kindergeneesgekunde Guus de Jonge zijn nek uitstak. Op basis van een Amerikaanse literatuurstudie uit 1944 adviseerde hij baby's niet langer op de buik te slapen te leggen. Alleen: het was nog geen bewezen succesformule. En dat stuitte op kritiek bij collega-kinderartsen.

De Jonge zette door. Hij weigerde nog langer af te wachten en toe te kijken hoe bezorgde, welgestelde ouders apparaten aanschaften om thuis hartslag en ademhaling van hun kind te volgen. Met hulp van de jeugdartsen op consultatiebureaus, via de media en de massale medewerking van ouders slaagde hij er uiteindelijk in het ondubbelzinnige bewijs te vergaren. Hij maakte aannemelijk dat als een baby op de buik draait, hij daarna verdoofd kan raken en uiteindelijk kan stikken door het opnieuw inademen van de eigen uitgeademde, zuurstofarme lucht. Vakbroeders overal ter wereld waren overtuigd. Het parool 'back tot sleep' werd in 1991 door Groot-Brittannië overgenomen en in 1994 volgden de Verenigde Staten.

Rugslapen is tegenwoordig niet meer de enige voorzorgsmaatregel die ouders nemen tegen wiegendood. Mede geïnspireerd door onderzoek van de Landelijke Werkgroep Wiegendood die ieder jaar alle wiegendoodgevallen analyseert, propageren de consulatiebureaus een reeks adviezen. Zijligging van de baby na twee weken wordt afgeraden. Borstvoeding wordt aangemoedigd. Moeders moeten stoppen met roken in het bijzijn van baby's. Het wordt ontraden samen met de baby in één bed te slapen en dekbedjes moeten worden vermeden. Uit de laatste landelijke TNO-peiling over wiegendood blijkt dat ouders, ook die van Marokkaanse en Turkse afkomst, die verzorgingsadviezen steeds beter opvolgen (zie inzet).

Niettemin kwamen de afgelopen twee jaar nieuwe risico's aan het licht. In 2004 rapporteerde de werkgroep dat op een kinderdagverblijf de kans op wiegendood liefst vier maal zo groot was als thuis, mogelijk als gevolg van routineverandering. Afgelopen juni concludeerde de werkgroep dat zeven procent van de baby's overleed in de box. En vandaag constateren Britse onderzoekers in The Lancet dat in Groot-Brittannië wiegendood op de bank de laatste jaren is verviervoudigd.

Verontrustend? Natuurlijk, zeggen Hira Sing en Van Wouwe, want het raadsel wiegendood is nog lang niet opgelost. Aan de andere kant, zeggen ze, weten we zo langzamerhand steeds beter wat een gezond kind is. Ik denk, voegt Van Wouwe eraan toe, dat het in het geval van wiegendood bijna niet mogelijk is het sterftecijfer nog verder omlaag te brengen. Hira Sing knikt. Daarna, streng: 'Maar we mogen niet verslappen. De adviezen vereisen ieders onverminderde aandacht. Nu gaan we zorgende grootouders bijscholen.'

En het scheve babyhoofdje?

Begrijp Ko van Wouwe niet verkeerd. Een afgeplat babyhoofd kan voor ouders een hele zorg zijn. Maar bij de meeste baby's gaat het vanzelf weer over, zegt hij, zeker als ze borstvoeding krijgen en aan twee kanten worden aangelegd. Artsen van consultatiebureaus adviseren bovendien een baby die wakker is elke dag meermalen een kwartiertje onder toezicht op zijn buik of zij te leggen. En als dat niet helpt, kan in de ernstigste gevallen een baby tussen de vijf en zeven maanden een helmpje worden aangemeten.

Van Wouwe: 'Een hulpmiddel is prima. Maar ik benadruk dat het belangrijk is ongelukken goed te registreren. Zodat je weet waaraan baby's overlijden.'

    • Wubby Luyendijk