Het gelijk van D66 over missie-Afghanistan

Hoe ongerijmd het ook klinkt, de morele druk waaronder D66 gebukt gaat vormt tevens de basis van haar gelijk. Wat dat betreft, mag er allereerst geen misverstand over bestaan dat de Democraten zich niet keren tegen het (morele) doel van de missie: de ombouw van Afghanistan tot een fatsoenlijk land, waarin het geweld is uitgebannen en de mensenrechten worden gerespecteerd. Daarnaast is het ook duidelijk dat hun standpunt mede wordt bepaald door het gevaar dat de Nederlandse militairen in Uruzgan lopen. Van angsthazerij kan D66 echter niet beticht worden. Van redelijkheid echter wel, hoe moeilijk dat ook te accepteren is voor de voorstanders van de missie. Deze zullen namelijk ruiterlijk moeten erkennen, dat slachtoffers op geen enkele manier te verkopen zijn, in het licht van het doel van de vredesmissie.

De ombouw van Afghanistan tot een fatsoenlijk land is namelijk alleen mogelijk door op het universele morele vlak, waarbij ik met name doel op het respecteren van de mensenrechten, het goede voorbeeld te geven. Wederkerigheid is immers een kenmerk van moraal! Wat wij van de Afghanen verlangen met betrekking tot het respect voor de alom onderschreven mensenrechten, mogen zij zonder meer ook van ons verlangen.

Wat dat betreft wordt het tijd dat Den Haag Washington duidelijk maakt dat van deelname aan de vredesmissie eerst sprake kan zijn, nadat de Amerikanen in eigen huis schoon schip hebben gemaakt wat fatsoen - het respecteren van de mensenrechten - betreft. Als mondialisering van de `normen en waarden discussie`, moet dit onze premier aanspreken.

    • Wouter ter Heide