Altijd werken dankzij de hotspot

Telecombedrijven breiden hun hotspotnetwerk voor draadloos internet snel uit. Vandaag kondigt KPN de bouw van weer 120 nieuwe aan. Maar een landelijk dekkend netwerk zit er niet in.

De Crown Lounge vormt met de rest van Schiphol de hotspot waar in Nederland het meest wordt geïnternet. De Brit Stewart Wiltshire (rechts) zit uren te wachten op zijn vertraagde vlucht en probeert zijn tijd nuttig in te vullen met e-mailen. 'Vroeger kon je nergens verbinding maken en kon je dus niet werken. Dat mis ik eigenlijk wel.' Foto Bram Budel Wachtende passagiers in de crowne lounge voor business class reizigers van de KLM op Schiphol. In de wachtruimte kunnen bezoekers internetten via het netwerk van Attingo. FOTO: BRAM BUDEL Budel, Bram

De businessclass passagiers die op Schiphol urenlang op hun vertraagde vlucht wachten, kunnen hun tijd plezierig doorbrengen. Kletsen met medereizigers, tv kijken, douchen, jezelf gratis bedrinken, dommelen in een luie stoel, in de Crown Lounge van KLM kan het allemaal. Maar de meeste zijn gewoon aan het werk. Met hun laptop op schoot en een mobiele telefoon of handcomputer binnen handbereik, beantwoorden zij de e-mails die anders zouden blijven liggen.

Samen met de rest van Schiphol is de Crown Lounge de meest succesvolle hotspot voor draadloos internet in Nederland. Vorige week veranderde hij van eigenaar. Telecomonderneming KPN kocht voor een onbekend bedrag Attingo, het bedrijf dat alle hotspots en andere internetdiensten op Schiphol exploiteert. Telecomondernemingen bouwen hun hotspotnetwerk in hoog tempo uit. Het afgelopen jaar heeft KPN het aantal plaatsen waar draadloos kan worden geïnternet via wifi (wireless fidelity, die techniek die voor de hotspots wordt gebruikt) verdubbeld tot ruim 600. En het bedrijf heeft net een overeenkomst gesloten voor de bouw van nog eens 120 hotspots gesloten met Hogenboom vakantieparken, de Q8 tankstations en de bakkers van Délifrance, vertelt directeur hotspots Ardjan Konijnenberg.

Tot nu toe zijn het voornamelijk internationale zakenreizigers die van de hotspots gebruikmaken, vertelt Pim van der Feltz, directeur marketing van T-Mobile Nederland, het bedrijf dat met ruim 650 hotspots net het grootste aantal heeft. De dienst dringt volgens hem ook door tot Nederlandse forenzen; de gewone consument blijft nog achter.

T-Mobile streeft ernaar een 'landelijk' netwerk van hotspots te hebben. Dat betekent dat iedereen binnen zeven minuten een T-Mobile hotspot moet kunnen bereiken: in de stad lopend, op de snelweg met de auto. Volgens Van der Feltz is dat nu voor 90 procent van Nederland het geval. KPN heeft een andere hotspotstrategie. In plaats van zo veel mogelijk, wil het bedrijf zo goed mogelijke hotspots hebben. Vandaar Schiphol. Volgens KPN maken maandelijks ruim 40.000 reizigers op Schiphol gebruik van internet via Attingo, van wie een deel draadloos. Verder heeft het bedrijf bijvoorbeeld hotspots in hotels, de NS treinstations en loopt er een proef voor draadloos internet in de trein.

In hoeverre telecombedrijven al geld overhouden aan de hotspots, is niet duidelijk. Volgens zowel T-Mobile, KPN als Enertel (met 200 hotspots de derde aanbieder in Nederland) verschilt het sterk per locatie of de investeringen al zijn terugverdiend of niet. Wel zien de bedrijven het als een veelbelovende markt. Konijnenberg van KPN vertelt dat het aantal gebruikers van de KPN-hotspots vorig jaar met 100 tot 300 procent groeide, afhankelijk van de locatie. Attingo is in ieder geval winstgevend.

T-Mobile probeert intussen ook de gewone consument te verleiden tot draadloos internetten. Vorige week kondigde het bedrijf een deal aan met computerspelletjesbedrijf Nintendo. Gamers kunnen hun draagbare Nintendo DS spelcomputer meenemen naar een hotspot van T-Mobile, onder andere in alle filialen van McDonald's, om vanaf daar gratis tegen andere gamers te spelen. Nintendo betaalt daarvoor een vergoeding aan T-Mobile. Van der Feltz geeft aan dat er meer van dit soort samenwerkingsverbanden aankomen.

Een andere potentiële toepassing van hotspots is internettelefoneren. In Engeland is telecombedrijf BT begonnen met een mobiele telefoon die goedkoop via het internet belt als er een wifiverbinding is, en automatisch overschakelt naar het gewone mobiele netwerk als hij buiten het bereik van wifi valt. Vooralsnog is dit vooral bedoeld voor de wifiverbinding thuis, maar het lijkt een kwestie van tijd voordat mobiel internetbellen via een hotspot ook mogelijk wordt. Aangezien internetbellen veel goedkoper is dan bellen via het gewone gsm-netwerk, zou dit de markt voor mobiele telefonie ingrijpend kunnen veranderen. Ook KPN doet proeven met bellen via het wifi-netwerk.

Een netwerk van wifi-hotspots dat écht landelijk dekkend is, zit er niet in, laten de verschillende telecombedrijven weten. Doordat de antenne's maar een bereik hebben van zo'n 200 meter, zou je er zoveel nodig hebben dat niemand het rendabel zou kunnen exploiteren. Andere technieken voor mobiel internet, zoals umts, worden ingezet om mobiel te internetten in de 'gaten' tussen de hotspots. Dat gaat met de huidige technieken wel minder snel, T-Mobile werkt wel al aan de snellere opvolger van umts: hsdpa.

Als Nederland ooit één grote hotspot wordt, zal dat met een andere techniek gebeuren. Wimax is de opvolger van wifi: sneller mobiel internet met een groter bereik, tot wel 10 kilometer. Enertel zet in op deze techniek. Maar voorlopig is Wimax nog in de testfase, onderzoekers van Forrester Research verwachten niet dat Wimax voor 2010 een noemenswaardige rol zal spelen.

Mocht heel Nederland straks draadloos bereik hebben, betekent dat wel dat er nooit meer een excuus is om niet te werken. Sommige zakenreizigers in de Crown Lounge vertellen dat ze het nu al missen, de tijden dat een vertraging betekende dat je urenlang kon niksen.