Mulisch lacht om aantijging

Is Harry Mulisch tijdens de Tweede Wereldoorlog lid geweest van de Jeugdstorm? Of is de onthulling van de journalist Dick Verkijk een verzinsel, en de ophef erover niets meer dan een publiciteitsstunt?

Volgende week verschijnt het 75 pagina's tellende boekje Harry Mulisch, fel anti nazi. Maar sinds wanneer bij uitgeverij Aspekt. Daarin beweert Verkijk dat Mulisch, die is geboren in 1927, tijdens de oorlog lid is geweest van de jongerenafdeling van de NSB, de Nationale Jeugdstorm. Verkijk baseert zich op twee getuigen, van wie er een alleen met zijn voornaam genoemd wordt. Er zou een foto zijn van Mulisch met een van hen.

De uitgeverij wil alleen kwijt dat men Mulisch het boekje heeft gestuurd, zodat hij een weerwoord kon schrijven. Mulisch heeft dat geweigerd.

Ook Dick Verkijk, 76 jaar en woonachtig in de Verenigde Staten, wil er aan de telefoon niets over zeggen. 'Tot het boek is verschenen, heb ik geen commentaar. U begrijpt volgende week wel waarom.' Van het bestaan van de gewraakte foto heeft hij gehóórd, zegt hij nog wel, gezien heeft hij hem nooit.

Harry Mulisch is spraakzamer. 'De nationale bejaardenstorm', zegt hij gekscherend aan de telefoon. 'We zijn allemaal rond de tachtig; de getuigen, de journalist en ik.' Hij bedoelt: misschien is het geheugen niet meer wat het is geweest. Verkijk doet hij af als een 'dementerende journalist.'

Van de getuigen (de naam van de tweede stuurde de uitgeverij hem separaat toe) heeft Mulisch volgens eigen zeggen nog nooit gehoord. En over zijn collaborerende vader, die bij de roofbank Liro werkte, is hij altijd openhartig geweest. Net als over zijn overgrootmoeder en grootmoeder die in concentratiekamp Sobibor werden vergast. 'Als mijn moeder nog leefde, dan had ze zich slap gelachen.' Een weerwoord schrijft hij niet, want dan 'verkoopt het boek alleen maar beter'. En voor laster zal hij Aspekt niet aanklagen. 'Dat zouden ze wel willen.'

    • Yaël Vinckx