CDA te radicaal

De fractie van het CDA heeft een groot aantal maatregelen gepresenteerd om de Nederlandse democratische rechtsstaat te beschermen tegen zichzelf. Maar ook met name tegen het gevaar dat zou uitgaan van 'duizenden moslims in Nederland die (volgens de AIVD) vatbaar zijn voor radicalisering'. De terreuraanslagen door fanatieke moslims in andere landen, de moord op Van Gogh in eigen land, hebben binnen de christen-democratische fractie kennelijk een kettingreactie in het denken op gang gebracht. Deze heeft uitgemond in de stelling dat de Nederlandse rechtsstaat onvoldoende beveiligd is 'tegen bedreigingen van extremisme en terrorisme door gebruikmaking van de ruimte die de democratie biedt'. En dan doelt de fractie van de grootste regeringspartij op 'het verwerven van invloed in deelraden, gemeenteraden of landelijke politiek'.

Fractievoorzitter Verhagen heeft zich al eerder beducht getoond voor een dreigende machtsovername door een imaginaire 'sharia-partij'. Nu ligt er een rapport van zijn fractie, Alles van waarde is weerbaar, waarin onverkort wordt gesteld: 'de democratie moet niet worden misbruikt om vrijheid en rechtsstaat de nek om te draaien'. Dat lijkt een waarheid als een koe, maar de CDA-fractie draaft door. Zij wil de democratie en de rechtsstaat weerbaar maken tegen een ingebeelde vijand: een nog niet bestaande partij die de rechten van de rest van bevolking teniet wil doen. De kans bestaat dat de rechtsstaat zélf het slachtoffer wordt van de voorgestelde maatregelen, die even vergaand als kortzichtig zijn.

De christen-democraten in de Tweede Kamer stellen onder meer voor dat politieke partijen moeten kunnen worden geweerd uit het democratisch bestel. Hiertoe zou de rechter partijen moeten toetsen aan hun doelstellingen. Maar die rechter wordt zo opgezadeld met een wel zeer politieke taak, die onwenselijk is voor de neutraliteit van het ambt. Ook wenst de CDA-fractie een aanscherping van het wetboek van strafrecht op het punt van de zogeheten 'haatzaaibepalingen'. Hierbij gaat het om inperkingen van de vrijheid van meningsuiting en van de godsdienstvrijheid ter bescherming tegen het aanzetten tot haat. Het probleem hiermee, net als met de overige voorgestelde inperkingen van grondrechten, is dat het recht voor iedereen geldt en niet alleen voor de kennelijk door het CDA bedoelde extremistische moslims.

De opstelling van de fractie wijkt af van die van de politiek leider van het CDA. Minister-president Balkenende kapittelde zaterdag op een lokale partijbijeenkomst de PvdA en haar Rotterdamse lijsttrekker Van Heemst, omdat deze partij te gemakkelijk criminaliteit zou verbinden met islam. Het CDA zal in deze verkiezingstijd moeten kiezen of het wel of niet mikt op de stem van moslims.

De CDA-fractie staat in haar benadering van de aanpak van radicalisering vooralsnog tamelijk alleen. Natuurlijk is de rechtsstaat niet onkwetsbaar. Dat onderkent ook de regering, maar zij stelt ook in een nota over justitiële aanpak van radicalisering dat 'iedere stroming die gericht is op maatschappelijke verandering door de gevestigde machten al gauw als radicaal wordt gezien'. De CDA-fractie gaat welbewust verder, en daarmee gaat zij in de fout.