VNU heeft zichzelf kwetsbaar gemaakt

Zeven investeerders willen 7,2 miljard euro betalen voor uitgever VNU. Het kan de grootste overname ooit worden.

Als de beurswaarde niet hard genoeg groeit, wordt een bedrijf kwetsbaar. De Nederlandse uitgever VNU moest twee maanden geleden onder druk van boze aandeelhouders een geplande miljardenovername van een Amerikaans bedrijf afblazen. En is nu zelf prooi geworden van een voorlopig overnamebod van 7,2 miljard euro door een groep van zeven, vooral Amerikaanse investeerders. Als die groep - over drie tot vier weken - haar bod doorzet, wordt het de grootste overname ooit van een Nederlands bedrijf.

VNU is nu de prooi; misschien wel omdat het de afgelopen tien jaar te veel heeft gejaagd. De uitgever zette in 1997 zijn eerste grote stap met de overname van een aantal Gouden Gidsen en heeft daarna zoveel verkocht en doorverkocht dat het volledig van identiteit is verwisseld. Het was een uitgever uit Haarlem die iedere week bij de mensen thuis de Libelle bezorgde en iedere dag De Gelderlander. Het is nu een bedrijf dat vanuit New York wordt geleid, in de VS de kijkcijfers meet van Desperate Housewives en in Frankrijk bij Carrefour of in Groot-Brittannië bij Tesco de omzetcijfers bijhoudt van Becel-margarine. Van de 38.000 werknemers wonen er nog 600 in Nederland.

Ook de klanten zijn geen Nederlandse huishoudens meer, maar multinationals zoals Disney en Unilever. Het idee was dat hoogwaardige informatie voor professionele klanten meer geld oplevert. Hoe hoger de winstmarge, hoe hoger de beurswaarde, hoe tevredener de aandeelhouder.

Maar een verbouwing brengt ook risico met zich mee. Vooral de miljardenovername van het Amerikaanse bedrijf AC Nielsen, dat de marketinginformatie in supermarkten meet, zorgde voor tegenvallers. De waarschuwing kwam al op de persconferentie bij de overname, waar bleek dat AC Nielsen in heel Europa per land een verschillend softwaresysteem had en de omzetcijfers van de Franse en Britse pakjes Becel dus niet eenvoudig aan elkaar te koppelen waren. De winstmarge van AC Nielsen had door een reorganisatie na de overname ieder jaar een procent moeten stijgen, maar haalde dat bij lange na niet - met als gevolg een tegenvallende beurskoers.

De aandeelhouders kwamen in opstand toen VNU vorig jaar voor ruim 5 miljard euro weer een bedrijf wilde overnemen dat verkoopgegevens van producten meet, in dit geval medicijnen, en dat bedrijf wilde koppelen aan AC Nielsen. Een club Amerikaanse aandeelhouders die zeiden dat ze meer dan 50 procent van de VNU-aandelen in bezit hadden, dwong VNU om af te zien van de overname van IMS Health. Topman Rob van den Bergh vond dat zijn lot verbonden was aan de overname van IMS Health en kondigde zijn vertrek aan - al bleek vanochtend dat de commissarissen de zoektocht naar zijn opvolger hebben gestaakt tot er meer duidelijkheid is over het bod van deze groep investeerders.

Een onthoofd bedrijf met een gestrande strategie is een ideale overnameprooi voor durfinvesteerders van het type dat nu een bod heeft uitgebracht. Die kopen een bedrijf, zoeken eventueel nieuw management en snijden harder in eigen vlees dan het oude management durfde. Daarna verkopen ze het bedrijf door, brengen het weer naar de beurs of verkopen het door in onderdelen. Volgens analist Oskar Tijs van zakenbank Kempen heeft de divisie vakbeurzen en vakbladen een waarde van circa 1,2 miljard, AC Nielsen ruim 3 miljard en de kijkcijferdivisie - het kroonjuweel - zeker 3,5 miljard euro. Hij noemt het bod van 7,2 miljard euro op VNU, dat ongeveer 1 miljard schuld heeft, lager dan verwacht, maar wel 'reëel'. 'Ik denk niet dat de aandeelhouder het kan laten liggen.''

VNU meldde vandaag in een summier persbericht dat de investeerders de indicatie hebben gegeven dat ze 28 tot 28,50 euro per aandeel willen bieden en dat de uitgever niet praat met andere bieders. De groep, met het Nederlandse Alpinvest en grote Amerikaanse investeerders als Carlyle en KKR, heeft al in de boeken van VNU mogen kijken. De uitgever verwacht in drie tot vier weken meer informatie te kunnen geven. 'Het spel begint'', zegt analist André Moons van zakenbank ING. 'Misschien willen andere partijen wel verdergaan met hun bod.''

    • Remmelt Otten