Opeens is er Diemen-Zuid

Twee witte jongens uit Diemen hebben hiphop populair gemaakt bij een breed publiek. Maar andere hiphoppers hebben kritiek op Lange Frans en Baas B en hun 'brave Balkenende-plaatjes'.

Lange Frans en Baas B geven vanavond een show in Het zuid-Plein Theater in Rotterdam. Door Jonathan Vos Bart Zeilstra en Frans Frederiks in het decor van hun theatershow 'Spreek' (Foto Jonathan Vos) Vos, Jonathan

Vraag aan Frans Frederiks wat hij toevoegt aan de Nederlandse muziekwereld en hij zegt: 'Geen reet. We doen gewoon ons eigen ding.' Maar zo simpel kan het niet zijn. Want 2005 werd hét jaar van rapduo Lange Frans en Baas B.

Ze wonnen deze maand de prijs voor beste artiesten van 2005 van radiozender 3FM, een Edison en twee TMF-awards, en verkochten 30.000 platen van hun albums Supervisie, en Het Land van Lange Frans en Baas B. Dezer dagen toeren ze door het land met hun theatershow 'Spreek'.

Ze braken door met Moppie, in de zomer van 2004. Daarna scoorden ze nog eens zes top 40-hits op rij, waaronder Zinloos en Mee naar Diemen-Zuid.

Laatst stond er ineens een groepje meiden uit IJmuiden voor de deur. 'Of Bart thuis was', zegt Hans Zeilstra, de vader van Baas B. Hij neemt de telefoon niet meer op, maar wacht eerst de voicemail berichten af. Hij hoopt dat de belangstelling afneemt, nu Bart vorige maand op zichzelf is gaan wonen. Dat hoopt ook Thijs Frederiks, de broer van Frans. Ook hij wordt gek gebeld thuis. 'Dat begint nu echt irritant te worden', zegt hij. 'Als het niet minder wordt, neem ik een ander nummer', zegt de vader van Bart.

Hoe werden twee keurige witte vwo-scholieren uit Diemen zo snel populair? Kort antwoord: ze zijn talentvol, werken hard, spreken een brede massa aan en zijn bereid compromissen te sluiten.

Ten eerste maken ze rap, en rap slaat tegenwoordig de klok van de muziekindustrie. Verder zijn ze jong en jongens, waardoor ze in de smaak vallen bij meisjes van rond de 14, de groep die relatief de meeste platen koopt. Maar omdat Lange Frans en Baas B begonnen zijn 'op straat', met harde teksten over seks en geweld, hebben ze ook een 'stoer' imago, zodat ze ook de wat oudere jongeren, van rond de twintig trekken. En de ouders van hun jonge fans vinden het weer 'cool' om hun muziek te draaien.

Maar ze zijn ook redelijk uniek in hun klasse, zegt bijzonder hoogleraar popmuziek Tom ter Bogt van de Universiteit van Amsterdam. 'Ze maken leuke rijmpjes.' Wat ze goed beheersen, zegt hij ook, is dat ze het ene moment met een nummer kunnen komen over de liefde, dan weer een ironisch of sarcastisch nummer, dan weer een nummer dat een maatschappelijke snaar raakt.

Zoals het nummer Het Land Van..., zegt Ter Bogt. Dat heeft een gevoelige snaar geraakt, niet alleen bij het jonge publiek, maar ook bij dertigers die zich zorgen maken over de maatschappij en de verhoudingen tussen zwart en wit in Nederland. Het nummer is een ode aan Nederland, vindt Ter Bogt. Ze spelen volgens hem in op een behoefte naar sociale cohesie.

Frans heeft er zelf geen theorie over. Hij vindt zichzelf en Bart gewoon goed. 'Geef me een microfoon en de crowd is van mij. Dan krijg je meteen geen grote bekken meer, dan ben ik aan het woord.' Maar hij is ook bescheiden. 'Voor ons was het redelijk makkelijk om beroemd te worden', zegt hij. 'Toen onze eerste singles en videoclipjes uitkwamen, in 2004, was er nog niet zoveel. Wij zijn van de lichting van de Grote Prijs van 2001, samen met Raymzter. Juist toen onze lichting doorbrak, was de Nederlandse rap in opkomst. Het was goede timing, we hebben mazzel gehad.' Een bedacht marketing-concept zijn ze nooit geweest, zoals the Spice Girls.

En waarom rap? 'We spelen geen instrumenten en we kunnen niet zingen', zegt Frans. 'Als ik het kon, zou ik zingen. Maar hiphop is wel zo makkelijk, zeker toen we begonnen. Een microfoon en een drumcomputer en je bent klaar.'

Maar rap hoort toch bij boze zwarte jongeren? Zij komen uit suburbia, uit Diemen. Niet uit The Bronx, New York, zoals de founding fathers van de rap in Amerika. Frans en Baas hebben geen woede in zich. Van te weinig eten hebben, van verkracht worden of je familieleden voor je ogen vermoord zien worden. 'Ik kom niet uit een gebroken gezin', zegt Frans. 'We hadden gewoon elke dag te eten en we hebben nooit geldproblemen gehad. Dan moet je ook niet net doen of dat wél zo is.'

Radio3-diskjockey Giel Beelen, die wordt beschouwd als één van hun ontdekkers, vindt ze muzikaal goed, en uniek, zegt hij. 'De 'flow' die ze hebben is heel lekker. En Frans kan ontzettend goed 'freestylen', improviserend rappen. Toen ik dat voor het eerst hoorde dacht ik 'hier moet ik iets mee'.'

Frans Frederiks (25) en Bart Zeilstra (23) kennen elkaar al hun hele leven, 'vanaf ons nulde, zeg maar', zegt Frans. Ze werden vier huizen van elkaar geboren, in dezelfde straat in Diemen-Zuid. Hun vaders waren collega's bij de gemeente Diemen. De jongens speelden met elkaar op straat.

De vaders hadden altijd gedacht dat hun zonen eerbare burgers zouden worden. En daar leek het aanvankelijk ook op, zowel Bart als Frans haalde een propedeuse, in respectievelijk de psychologie en de bedrijfskunde. Maar beiden stopten met de studie.

De vaders hadden 'absoluut niet' verwacht dat ze popartiesten zouden worden, zegt de vader van Frans, die milieukundig ingenieur is. 'Hij zat altijd al wel op die computer van hem te klooien met muziek, maar ik zag hem altijd als die brave jongen die de universiteit zou afmaken.' De vader van Bart is thans zelfstandig trainer bij bedrijven. Hij had gedacht dat Bart in zijn 'voetsporen' zou treden. 'Ik vond dat hij eerst zijn studie af moest maken. Niet dat er ruzie was, maar je wilt als ouders het beste voor je kinderen.'

Want uit zo'n milieu komen de twee rappers: twee keurige PvdA-middenstandsgezinnen in Diemen. Bart heeft een zusje, Frans een jongere broer, Thijs, die nu ook op het podium staat onder de naam Brutus, ook een vwo-leerling. De ooms en tantes zeggen op verjaardagen wel eens 'nou, nou, nou, moet dat nou', over de soms expliciete teksten.

'Ik zat samen met Bart op het St. Nicolaas Lyceum in Amsterdam-Zuid', zegt Daan Riemslag die later kortstondig muziek met ze zou maken. 'Frans en Thijs zaten op het Spinoza Lyceum, daar vlak in de buurt. Vaak zochten we elkaar op in de pauzes, gingen we blowen en zo. Na school hingen we op een basketbalveldje. Daar gingen we chillen, blowen, basketballen en later kwam de muziek in het spel. Zo is het een beetje ontstaan.'

Het groepje vrienden luisterde naar rappers en hiphoppers als Snoop Dogg, 2Pac, The Notorious B.I.G. en KRS-One en later ook Nederlandse artiesten. Dáár komt hun drijfveer vandaan ook Nederlandse rap te gaan maken, zegt Bart. 'Zonder bijvoorbeeld de Osdorp Posse en Extince zouden we het niet zijn gaan doen. Zij zijn wel de voorlopers, in die zin hebben ze ons inspiratie geleverd.'

In 1997 begon het serieus te worden. Toen richtten ze D-men (spreek uit: Die Mèn) op met hun vrienden. Frans werd 18, zijn spaargeld kwam vrij en hij vroeg aan zijn vader of hij de garage mocht verbouwen tot muziekstudio. Er werd 'echt professioneel geïsoleerd', zegt Nic Frederiks, zodat de luidsprekers vol open konden.

Door op te treden op talentenjachten, in scholen en in buurthuizen verzamelden ze een kleine schare fans. Frans, Bart en hun bandgenoten deelden cassettebandjes uit in de metro, om bekend te worden.

Ze weten eigenlijk zelf niet waaróm ze zulke goede vrienden zijn gebleven. Het had ook met iemand anders gekund, zeggen ze. Maar het wérkt gewoon goed, met z'n tweeën. 'Het is alsof we al jaren in hetzelfde team zitten, we voelen elkaar blind aan', zegt Frans. 'We hebben nog nooit een dipje gehad', zegt zowel Frans als Bart.

Frans is de grote bek. 'Ik heb 3.000 keer opgetreden', zegt hij. 'Ik heb absoluut geen angst meer, of er nou twee of dertienduizend man in Ahoy voor m'n neus staan. Er zijn veel rappers, maar er zijn weinig artiesten.' Bart blijft meer op de achtergrond en bereikt zo de zwijmelende meisjes. Hij wordt gezien als het muzikale brein.

Wat je steeds hoort als je met bekenden, kennissen en zakelijke contacten van ze spreekt: het zijn zulke aardige gasten. Ze zijn niet echt 'de shit' (het 'echte werk'), zoals de 'echte bad guys' uit de Amerikaanse hiphopscene, als 50 cent en Snoop Dogg die uit het getto komen, die wapens en criminaliteit bezingen. Bart en Frans zijn pas onlangs uit huis gegaan.

'Toen ik Frans voor het eerst aan de lijn had', zegt 3FM-diskjockey Giel Beelen, 'had ik een boze meneer met gouden kettingen verwacht die me in elkaar slaat als ik niet oppas. Maar toen ik hem met de auto ophaalde in Diemen, stond er een keurige jongeman die bij wijze van spreken zijn voeten veegde voordat hij instapte'.

Sterker nog, Baas en Frans zetten zich in voor de strijd tegen zinloos geweld. Het hóefde niet, maar ze doneerden de opbrengst van hun nummer Zinloos aan de stichting 'Kappen Nou', de stichting van Jan Kloppenburg, die zinloos geweld probeert tegen te gaan. Kloppenburg noemt Frans en Bart 'sociaal bewogen jongeren met het hart op de juiste plek.'

Begin december zat bijna de hele familie van de artiesten in de Kleine Komedie. Ook de fans, kinderen vanaf een jaar of negen, kwamen met hun ouders. 'We zien dit optreden als een manier om de kinderen het theater in te krijgen', zegt mevrouw Polfliet in de pauze die met man en twee kinderen gekomen is.

'Mogen we het nummer 'geil' zingen??!!', roept Frans even later vanaf het podium. 'Het is echt een vies nummer dus ik wil wel dat alle ouders van jonge kinderen erachter staan.' 'Nee!!!, niet doen!', roept een van de vaders en hij gaat staan. 'Dan doen we het niet', zegt Frans. 'Daar hebben we respect voor.'

Vroeger waren ze stoerder. Toen maakten ze furore met hun 'straatremixes', waarop ze onverbloemd over seks rapten. Het nummer Moppie, thans één van hun meest commerciële nummers, begint zo: 'ik strik je, ik kus je, ik lik je, ik streel je, bespeel je met mijn tanden op je slipje'. Maar toen tv-zender Jetix het wilde opnemen op een cd voor Fox Kids maakten ze ervan: 'ik strik je, begin meteen te trippen, het moment dat ik denk aan je lippen'. 'We hebben ook een versie met 'Ik neuk je in je reet'', zegt Frans. 'Maar dat kán gewoon niet, voor kinderen. Dan neem ik mijn verantwoordelijkheid.' Want: 'Kids zijn de shit, ze zijn het beste publiek', zegt Frans.

De Nederlandse hiphoppers die wel pretenderen van 'de straat' te komen, schreeuwen moord en brand over deze knievallen voor de commercie. Zo zei generatiegenoot Maurits Delshot (Negativ), vorig jaar december in Nieuwe Revu: 'Mensen zien al die goede doelen-rappertjes en denken dat dit het niveau is van hiphop in Nederland. Ik wil niet voor de 'moppies' rappen, maar voor waar ik vandaan kom: de straat.'

Diskjockey Giel Beelen proeft daar 'alleen maar afgunst in', zegt hij. 'Als ze je dissen (geen respect geven, DJ), is dat juist een teken dat je het gemaakt hebt.'

Pascal Griffioen (Def P, 1969), voorman van de Osdorp Posse die vroeger fel was over commerciële rap, kan er tegenwoordig wel om lachen. Maar hij gebruikt nog wel de term 'brave Balkenende-plaatjes' voor de hits van Frans en Baas. 'De rap-artiesten van deze tijd maken nu schaamteloos de muziek waar je in onze tijd voor gelyncht werd', zegt Griffioen. 'Alles is nu eenmaal veel commerciëler en minder origineel geworden. Maar je kunt net zo makkelijk zeggen dat wij er nogal ouderwetse denkbeelden op na houden. De smaak van de massa is nou eenmaal vrij plat en simpel.'

Hun collega-rapper Ali B. vindt dat het duo ervoor zorgt dat 'een groot publiek geïnteresseerd raakt in hiphop waar ze anders nooit naar zouden luisteren'. Zelf brak hij in 2004 door bij het grote publiek. 'Hoe meer succes, hoe beter voor de scene.'

Lange Frans noemt het een kwestie van volwassen worden. 'We maken professionele muziek', zegt hij. 'Dat betekent dat we moeten verkopen en het breed moeten trekken. Als we in de rauwe hiphopscene gebleven waren zouden we hooguit drieduizend cd'tjes verkopen. 'De straat' is leuk, maar verkoopt geen cd's.'

Over tien jaar?, zegt Bart. 'Dan zit ik in een vette studio met een hoop zelfgemaakte cd's tegen de muur lekker vette muziek te maken. Dat vind ik gewoon het leukste dat er is.'

Frans zit, zegt hij, 'over tien jaar met mijn kont op Ibiza, lekker op het strand. Barbecuetje erbij, stickie aan het roken. Dat is toch prachtig?'

    • Derk Walters
    • Japke-d. Bouma