De krant antwoordt

De lezer heeft gelijk: in principe wordt elke advertentie geaccepteerd. Maar de lijst uitzonderingsbepalingen is imposant. Advertenties worden geweigerd als er sprake is van strijd met de wet, een oproep tot misdaad, strijd met de goede smaak of goede zeden, als de advertentie gericht is tegen de democratie of de rechtsstaat, afkomstig is van fascistische of andere tegen de democratie gerichte organisaties of oproept tot discriminatie of rassenhaat.

Advertenties mogen verder geen schuttingtaal, smaad, laster, vloeken of beledigingen bevatten. Ook advertenties die zich richten tegen het redactionele beleid van de krant worden niet geaccepteerd. Het beledigen van andere adverteerders is evenmin toegestaan. Promotie-advertenties van andere dagbladen komen er ook niet in. Adverteerders wier goede bedoelingen of betrouwbaarheid betwijfeld worden kunnen eveneens worden geweigerd. Verder mogen artsen niet in de krant voor hun praktijk adverteren.

Adverteren voor middelen die een geneeskundige of gezondheidsbevorderende pretentie hebben mag alleen met toestemming van de Keuringsraad Openbare Aanprijzing Geneesmiddelen of van de Keuringsraad aanprijzing gezondheidsproducten.

Voor de casus die de lezer aanbrengt is van belang de regel die zegt: “teksten van organisaties met extreme religieuze of politieke opvattingen waarvan vermoed kan worden dat ze de lezers nodeloos provoceren worden ter goedkeuring aan de uitgever van NRC Handelsblad voorgelegd“ (dus niet aan de hoofdredacteur). De uitgever is in dit geval niet geraadpleegd. Het advertentiebedrijf heeft de sekte van de Maharishi niet als extremistisch beoordeeld en ook geen “nodeloze provocatie' van de lezers vermoed.

De advertentie betrof een oproep aan “500 jonge mannen' om zich door een zekere “raja Willem' te laten opleiden om “Nederland onoverwinlijk' te maken. Het was inderdaad onzin, maar naar mijn smaak vrij onschuldige onzin. Anderzijds kreeg ik verscheidene e-mails van lezers die wel geprovoceerd waren door deze advertentie. Het is dus aan mij om de uitgever hierop te attenderen.