De Iran-spelletjes van Rusland zijn uit

De grenzen van het Russische Iran-beleid zijn in zicht: Moskou voelt zich door Teheran voor de gek gehouden. Als het nu moet kiezen tussen Iran en de VS kiest het de VS.

Het Kremlin maakt plannen om 3.000 Russische technici uit Iran te evacueren, die werken aan de kerncentrale in Bushehr. Zij dreigen als menselijk schild te dienen bij een eventuele Israëlische of Amerikaanse aanval.

De krant Kommersant opende gisteren in paniekerige chocoladeletters: “Rusland bereidt evacuatie voor. Iran en VS: ten oorlog!' Na tien jaar van profijt uit het Iraans-Amerikaanse conflict nadert voor Moskou het moment dat het zo lang mogelijk wilde uitstellen: een keuze tussen Teheran en Washington.

Rusland is de afgelopen maanden meermalen diplomatiek vernederd door de ramkoers van Iran. Sinds het in 1995 een contract tekende voor de afbouw van een Iraanse kerncentrale in Bushehr, verzekerde Moskou keer op keer dat Teheran alle kernbrandstof naar Rusland zou terugsturen, waar het veilig verrijkt kon worden. Iran bleek niet geïnteresseerd. In november kondigde Teheran een nieuwe stap aan naar hervatting van het eigen uraniumverrijkingsprogramma, enkele uren nadat een Russische delegatie van het tegendeel was verzekerd. Dat Iran deze week de zegels van het Internationale Atoomagentschap IAEA van zijn onderzoekscentrum in Natanz verbrak, is de laatste druppel. Rusland is met de neus op de feiten gedrukt, stelt de gezaghebbende analist Dmitri Trenin. Het kan niet bemiddelen en heeft geen invloed in Iran. “De Amerikanen en de ayatollahs zijn door elkaar geobsedeerd. Rusland en de EU zijn marginale spelers.“

Moskous Iran-spel is uit. “Cynisch bekeken had Moskou belang bij een voortdurende “subcrisis' rond Iran“, denkt Trenin. “Dreiging van oorlog en sancties, meer niet. Zo kon het technologie en wapens in Iran afzetten en tegelijk concessies afdwingen van het Westen. Bovendien hield dat de olieprijs hoog.“

Tijdens de Sovjet-Unie waren de banden tussen Moskou en Teheran koel tot vijandig: Moskous cliëntstaat in het Midden-Oosten was Irak. Maar na 1991 verdwenen de obstakels voor een profijtelijke relatie. Irak kwam met de Golfoorlog onder een wapenembargo en viel af als hoofdklant van het Russische militair-industrieel complex. Iran bleek een nieuwe en veelbelovende afzetmarkt. De toenadering kreeg gestalte in het contract van 1995 om de Bushehr-kerncentrale af te bouwen. Rusland beloofde het van oorsprong Duitse project voor 800 miljoen dollar te voltooien.

Bushehr, anno 2006 nog steeds niet klaar, werd daarna hét struikelblok in de Amerikaans-Russische relatie. Washington stelde dat een kerncentrale voor een olie- en gasnatie als Iran geen enkel doel diende, behlave als onderdeel van een illegaal kernwapenprogramma. Strobe Talbott, architect van president Clintons Ruslandbeleid, erkent in zijn memoires dat Iran de relatie met Rusland in de jaren negentig continu overschaduwde. “Joe Lunchbucket uit Ames, Iowa, maakt zich alleen druk over de vraag of deze jongen de Russen toestaat de ayatollahs een atoombom te verkopen“, citeerde hij Clinton in 1995. Moskou speelde handig op die Amerikaanse obsessie in. Zo negeerde het tot 1995 exportcontroles op nucleaire technologie, blokkeerde strenge regelgeving en kondigde het aan Iran gascentrifuges te verkopen. Drie jaar later beloofde het opnieuw Teheran gevoelige technologie te leveren. Waarna president Jeltsin tijdens topontmoetingen steevast beloofde dat toch maar niet te doen, uiteraard tegen een prijs. Zo hielden de VS in de jaren negentig het failliete Russische ruimtevaartprogramma op de been met lancering van satellieten in ruil voor terughoudendheid in Iran.

Trenin: “De handel met Iran was voor ons secundair. Kerncentrale Bushehr levert een miljard dollar op, wapenexport nog een miljard; zoiets verdient Rusland jaarlijks als de prijs van een vat olie een dollar stijgt. Het draaide om prestige en diplomatiek nut.“ Washington werden concessies ontlokt, terwijl Teheran aan het lijntje werd gehouden. De afbouw van Bushehr vorderde traag, maar Iran kon via illegale kanalen Russische nucleaire- en rakettechnologie op de kop tikken.

Eind jaren negentig kreeg Washington genoeg van deze “hebberige, kwaadaardige en domme politiek“ (Talbott), draaide de subsidiekraan dicht en legde sancties op aan Russische bedrijven die Iran gevoelige technologie leverde. Met resultaat: Rusland verstevigde de exportcontroles en sleepte enkele overtreders demonstratief voor de rechter. Het aantreden van president Bush in 2001 veranderde weinig: Rusland bleef Iran net genoeg leveren om met iedereen op goede voet te blijven.

Een cynisch Kremlin kan als volgt redeneren: wil Iran een kernbom, dan valt zoiets niet tegen te houden. Dan is het beter als leverancier van technologie invloed te behouden en de zaak te rekken.

Toch weigert analist Trenin te geloven dat Moskou Iran helpt een kernmacht te worden. “Dat deden we in China, en met welk resultaat? Twintig jaar koude en soms hete oorlog met een vijandige kernmacht aan onze grens.“ Voor Moskou is Iran zeer nabij, een regionale grootmacht met een snel groeiende bevolking. “Daarmee willen we een goede relatie.“

Maar een Iran met kernwapens betekent een groot risico. In het conflict over de verdeling van de olierijke Kaspische Zee staat Rusland tegenover Iran. En niet de VS, maar Rusland ligt straks onder bereik van Iraanse kernraketten. Wordt Rusland straks in de VN-Veiligheidsraad tot een keus gedwongen, dan kiest het volgens Trenin voor Washington.

    • Coen van Zwol