De hartslag van radio en internet

Uitgevers willen hun klanten bereiken met zoveel mogelijk media. BNR heeft behalve radio ook het web en de krant Het Financieel Dagblad. Een gesprek met de hoofdredacteur.

Remmelt Otten

De redactieruimte van BNR Nieuwsradio, een verdieping hoger zit de krantenredactie. (Foto's NRC Handelsblad, Maurice Boyer) De redaktieruimte van BNR Nieuwsradio Foto NRC H'Blad, Maurice Boyer 060112 Boyer, Maurice

Alle media worden multimedia. Het internetbedrijf Yahoo heeft een oorlogsverslaggever in dienst die op de website reportages vanuit Irak uitzendt. De uitgever van het Dagblad van het Noorden gaat commerciële regionale radio maken. De website Startlog wil een papieren krant gaan vullen met zijn weblogs. NRC Handelsblad heeft op zijn website videocolumns en een tv-debat met vijf redacteuren. Grote krantenuitgevers als PCM (onder meer NRC Handelsblad en de Volkskrant) en De Telegraaf willen ook radio en televisie gaan maken.

Maar het meest geïntegreerde multimediaconcern in Nederland is misschien wel de FD Mediagroep met Het Financieele Dagblad, BNR Nieuwsradio en de bijbehorende websites. Het concern is sinds een jaar gevestigd aan de rotonde bij het Amstelstation in Amsterdam. Op de begane grond, vanaf de straat zichtbaar achter een grote glazen wand, zitten de radiostudio en -redactie. Boven worden de krant en de twee websites gemaakt. Hoe versterken de verschillende media elkaar? ,,Radio en internet hebben dezelfde hartslag“, zegt hoofdredacteur Michiel Bicker Caarten, die als journalist ook voor NRC Handelsblad werkte. ,,Het is hier en nu. En het kannibaliseert niet. Als we een primeur hebben, kan die tegelijkertijd op de radio en de website.“

De “multimediale' dimensie die de krant daar aan toevoegt zit hem in eenvoudige toepassingen. De webredacteur kan - net zo eenvoudig als met Word-tekstdocumenten - met plakken en knippen een geluidsfragment van de radio-uitzendingen bij een bericht op de website van Het Financieele Dagblad zetten. De lezer/luisteraar krijgt daar het nieuws zowel aangeboden van een schrijvende journalist als rechtstreeks via een radio-vraaggesprek. Ook verwijzen de krant en de radio voortdurend naar elkaar.

Inmiddels werkt ook een aantal journalisten voor alle drie de media. ,,Niemand krijgt een dienstbevel, maar het wordt wel toegejuicht“, zegt Bicker Caarten. De journalisten en correspondenten van de krant hebben allemaal een cursus kunnen volgen en duiden op de radio het nieuws in een gesprek met de presentator. En de 35 radioverslaggevers schrijven af en toe een stuk voor de krant of een FD-publicatie als De wereld in 2006. ,,De grenzen liggen bij vaardigheden - een briljante radioverslaggever kan dyslectisch zijn - en bij belangstelling en tijd. Iedereen mag zich concentreren op wat hij het beste kan. En als je bent aangenomen voor veertig uur radiomaken, kan je daarnaast niet ook nog eens tien uur stukken schrijven“, zegt Bicker Caarten.

Het radiostation is sinds drie jaar eigendom van de krantenuitgever, die op zijn beurt weer eigendom is van investeerder HAL, ondernemer Willem Sijthoff en de krantenredactie. BNR is in 1999 mede opgericht door Bicker Caarten. Sinds de zender in 2003 bij de veiling een landelijke FM-frequentie veroverde is hij in geheel Nederland te beluisteren. Door die landelijke dekking en door de bezuinigingen die mogelijk waren binnen een groot concern (automatisering, huisvesting, etcetera) maakt het station sinds 2004 een operationale winst, zegt Bicker Caarten.

Het lijkt voor de hand te liggen om aan papier, radio en internet ook televisie toe te voegen. ,,Multimedia is niet het verzamelen van zo veel mogelijk media“, zegt directeur Philip Alberdingk Thijm van de FD Mediagroep. ,,Wij experimenten al en hebben bijvoorbeeld een redacteur gedetacheerd bij het tv-programma Nova. Maar pas als blijkt dat onze doelgroep onze informatie ook op tv willen hebben, gaan we dat doen, waarschijnlijk via web-tv.“

Het is nu ook nog niet eenvoudig om geld te verdienen met een nieuwszender, zegt Bicker Caarten die voor de tv-zenders RTL en CNBC (in Londen) werkte. ,,Het gaat om de poen. Zelfs de publieke omroep is nog niet met een nieuwszender begonnen. Dat zegt genoeg.“

Het eerstvolgende nieuwe medium voor het concern wordt dan ook het tegenovergestelde van een massamedium als een tv-zender. De oud-hoofdredacteur van de krant, Fred Bakker, gaat juist kleine groepen lezers bedienen met seminars, lezingen en debatten.