Circus met wilde dieren is circus mét dierenleed

De kop ‘Circus zonder dierenleed’ (NRC Handelsblad, 5 januari) had van mij minstens een vraagteken mogen hebben. Een circus met wilde dieren is een circus mét dierenleed, of directeur Hans Martens van het Staatscircus Moskou dat nu graag hoort of niet.

Hij benadrukt dat de dieren goed verzorgd worden: „Ze krijgen goed eten, hebben genoeg loopruimte en pauzes tijdens het transport“. De Bengaalse tijgers leren hun kunstjes op basis van „geduld, wederzijds respect en vertrouwen“ in plaats van met de traditionele zweep. Martens’ bedoelingen zijn misschien goed, maar hij realiseert zich niet dat hij verouderde normen hanteert.

Wat is bijvoorbeeld voldoende loopruimte? Hij verwaarloost en mishandelt de dieren misschien niet, maar de huidige inzichten omtrent dierenwelzijn vragen meer dan dat. We realiseren ons steeds meer dat we wilde dieren leed aandoen door ze gevangen te nemen, in hokken te zetten en kunstjes te leren. Ze horen in hun natuurlijke omgeving en in hun eigen klimaat, waar ze zich naar hun natuurlijke aard kunnen gedragen.

„We zorgen goed voor de beesten“, stelt Martens, „anders kunnen ze niet eens deze topprestaties leveren“. Het is een bekende drogreden. Nertsen en vossen slijten hun hele leven in dezelfde kleine kooi op grond van de smoes „als ze het niet goed hadden, zouden ze niet zo'n mooie vacht krijgen“.

Komt niemand op het idee dat welzijn net zo goed omgekeerd evenredig zou kunnen zijn aan de kwaliteit van het product waar de consument zijn oog op heeft laten vallen?

Om de zo innig gewenste ganzenleverpaté te ‘oogsten’ moeten ganzen tegen hun wil worden volgepompt met voer, zodat hun lever tot ziekelijke proporties opzwelt. Kunnen we hier ook zeggen dat de ganzen het wel goed móéten hebben, omdat ze anders niet zo’n verrukkelijke lever zouden ontwikkelen? Het is een zieke lever die we eten.

Een circus met wilde dieren kan niet meer. Gelukkig nemen steeds meer gemeenten hun verantwoordelijkheid, en geven geen vergunning voor voorstellingen met wilde dieren. Laat het circus voortbestaan, maar dan met mensen die vrijwillig kiezen voor het doen van kunstjes, en die zich na werktijd vrij kunnen bewegen.

    • Monique Janssens Utrecht