Broodje aap bij Hofstadproces

Een belangrijke getuige in het Hofstadproces trok gisteren zijn verklaring in. “Ik ben de man van het broodje aap-verhaal.“ De officieren van justitie hoorden het aan met treurige gezichten.

De zwaarbeveiligde “Bunker' zal hoogstwaarschijnlijk nog nooit zo'n amusante dag hebben beleefd als gisteren. Tijdens een van de laatste inhoudelijke behandelingen in het proces tegen het vermeende terreurnetwerk Hofstadgroep moesten de verdachten, advocaten, journalisten en een paar bezoekers zo hard en vaak schateren dat de rechter ze tot bedaren moest manen. Twee personen keken treurig. Officieren van justitie K. Plooy en A. van Dam vonden het theatrale optreden van “de nieuwe getuige' Jamal B. (29) allesbehalve komisch.

Op 17 december legde de draaideurcrimineel een verklaring af bij de politie in Amsterdam. Daarmee vielen ontbrekende puzzelstukjes op hun plaats in het Hofstadproces, en ook over de moord op Theo van Gogh bevatte de verklaring interessante informatie. Hoe kwam Mohammed B. aan de fiets waarmee hij op 2 november 2004 naar Amsterdam-Oost fietste om er de filmer af te slachten? Wie had het vuurwapen geleverd? Wisten de anderen van zijn moordplannen?

Jamal B. ontmoette “Hofstadlid' Bilal L., die overigens in dit proces geen verdachte is omdat hij in een eigen strafzaak wordt vervolgd, in de penitentiaire inrichting in Maastricht. Jamal zat er een jarenlange straf uit voor “gewone' criminaliteit, Bilal verbleef er zo'n vier maanden omdat hij het Tweede-Kamerlid Geert Wilders met de dood had bedreigd. De twee spraken elkaar geregeld op de luchtplaats. Bilal klapte uit de school tegenover Jamal, verklaarde Jamal zelf tegenover politie-inspecteur B. Gietema, die het onderzoek naar de moord op Van Gogh had geleid. Bilal was de leverancier van het vuurwapen en de fiets, anderen wisten van tevoren af van de aanslag op Van Gogh. Hiermee zou het OM het bewijs in handen hebben dat de Hofdstadverdachten als groep opereerden.

Bilal, zo vertelde Jamal, plande ook een gijzelingsactie in een homobar aan de Leidsestraat in Amsterdam om de vrijlating van Mohammed B. af te dwingen.

Advocaten stonden gisteren te trappelen om de onbetrouwbaarheid van Jamal aan te tonen, maar die eer en kans werd hen door Jamal niet gegund. Hij zat nog maar net op de voor getuigen gereserveerde stoel en hij schreeuwde het al uit: “Het is een broodje aap-verhaal, weet je meneer de rechter.“ De zaal keek verschrikt op. Het eerste gelach klonk nog voorzichtig. “Ik heb alles verzonnen, weet je meneer de rechter. Alles“, vervolgde hij. “Ik had het nog mooier kunnen maken.“ De zaal hield het niet langer uit. Het lachsalvo vulde de rechtszaal. Hij verzon alles, riep Jamal, om maar af te zijn van de politie. Die bleef sinds Jamal vrijkwam in maart 2005 hem, zijn zus, zwager en ouders maar “lastigvallen“. Of hij niets wilde verklaren over de ronselpraktijken van Bilal in de gevangenis, waarvoor Bilal kort na zijn vrijlating wederom was aangehouden. “U kunt zich niet voorstellen hoeveel pijn het deed“, zei Jamal over de keren dat hij zijn moeder weer na zo'n bezoek van de politie huilend op de bank aantrof. Officier Plooy zei dat het wel meeviel met dat “lastigvallen'. Nadat Jamal aangaf 500 euro te willen voor zijn verklaring, waren rechercheurs van de nationale recherche uit zijn buurt gebleven. “Als jullie me geld geven, kan ik jullie blij maken. Ik moet genoeg geld hebben“, zou hij hebben gezegd. Jamal ontkende dat gisteren.

Luisterend naar de opname van zijn afgelegde verklaring wekte Jamal niet de indruk gezwicht te zijn voor de druk. Hij sprak rustig en weloverwogen, zeker in vergelijking met zijn optreden in de rechtszaal. Geheel uit vrije wil leek hij de inspecteur te trakteren op de ene onthulling van de andere.

Opvallend was hoe inspecteur Gietema en verschillende officieren van justitie vervolgens met zijn verklaring omgingen. Hoewel tijdens het onderzoek naar de moord op Van Gogh de naam van Bilal een paar keer was gevallen als een mogelijke handlanger, ontbraken harde aanwijzingen in die richting. Gietema beschouwde de onverwachte onthullingen van Jamal niet als klinkklare onzin maar als “best wel mogelijk“. Maar hij werkte het verhoor pas enkele dagen erna uit. Toen pas drong het tot hem door wat de verklaring inhield. Daarop nam hij contact op met de zaaksofficier van justitie F. van Straelen, maar die maakte weinig haast. De vraag wat er met de verklaring moest gebeuren werd over de feestdagen heen getild.

Bij dat ene verhoor op 17 december bleef het. Jamal gaf die dag aan zijn verklaring te willen herhalen bij de rechter-commissaris (RC), maar die heeft hij nooit gesproken. Hoewel zijn verklaring kennelijk nauwelijks serieus werd genomen, werd wel op basis daarvan het onderzoek naar de moord op Van Gogh heropend, zo werd gisteren duidelijk. Maar of dit - na Jamals optreden gisteren - nog nieuw licht op de moord op Van Gogh gaat werpen is zeer de vraag.

Bilal L., die na Jamal B. plaats nam op de getuigenbank, ontkende tegen Jamal iets gezegd te hebben over “de Hofstadgroep'. Ze spraken op de luchtplaats over koetjes en kalfjes; over dingen als voetbal en kinderen maken, aldus Bilal.

“Zou het kunnen dat u wel de waarheid heeft verteld, maar dat juist Bilal tegen u leugens heeft verteld“, vroeg de oudste rechter aan Jamal. “Nee meneer“, zei Jamal beslist. Hij had de smaak te pakken: “Ik ben de man van het broodje aap-verhaal.“

    • Ahmet Olgun