Stop de verkleutering, leve de senioriteit

Ooit hadden we in Nederland de speciale school voor kinderen in de kleuterleeftijd: de kleuterschool. Je leerde er de nuttigste dingen voor het verdere leven: kleuren, verven, knippen, strikken, plakken, vouwen en klokkijken. Je leerde over discipline en begreep dat de juffrouw altijd gelijk had. In dat schoolsysteem, gesticht door pedagogische reuzin Maria Montessori (1870-1952) was de boze buitenwereld ver weg en geluk heel gewoon. Het was de wereld van vòòr de schaamte. Als de wc te ver weg bleek en je in je broek gedaan had kon je dat gewoon zeggen. Huilen mocht en als je maar je best deed bij het schilderen was het altijd mooi.

Nog altijd koestert de rest van Europa deze kleuterschool die in Nederland twintig jaar gelden opging in de basisschool. De bekende orthopedagoge Wilhelmina Johanna Bladergroen (1908-1983) geloofde heilig dat de kleuterschool afgezonderd moest zijn van de vervolgschool. De Fransen noemen de kleuterschool daarom niet voor niets de école maternelle. Je mag in de kleuterschool nog dichtbij je moeder zijn, de juffrouw is een 'leer-moeder'. In je verdere schoolloopbaan komt die unieke kleutertijd nooit meer terug.

Paradoxaal genoeg maakt sinds het afscheid van de kleuterschool in Nederland diezelfde kleuterschool furore in de maatschappij, wat oud-journalist Derk-Jan Eppink onlangs heeft aangeduid als de verkleutering van politiek, economie en samenleving.

Onder verkleutering wordt hier verstaan het toepassen van kleuterpraktijken op vraagstukken van volwassenen. Het sociaal, politiek of economisch in je broek doen op je dertigste, veertigste, vijftigste en dat normaal vinden en denken: dat moet kunnen, dat is precies de kern van de waarneembare maatschappelijke verkleutering.

Nederland kan wel zoveel beter, maar zegt de stem van de verkleutering: waarom zouden we? Soldaten sturen naar Uruzgan in Afghanistan? Waarom toch? Het is er gevaarlijk! De bevrijding van Nederland in de Tweede Wereldoorlog was ook gevaarlijk, heel gevaarlijk zelfs en toch hebben Amerikanen, Engelsen, Canadezen en Polen met inzet van hun eigen leven de klus geklaard. Ergens in het luchtlandingsgebied van september 1944 is een tekst van Montgomery uitgehouwen in steen die het kortste protest verwoordt tegen verkleutering dat ik ken: 'Eens komt de tijd om te doen wat nodig is.'

Verkleutering is denken dat de werkelijkheid een computerspel is waarbij de undo knop kan worden gehanteerd. Verkleutering is de economie beschouwen als een plaats waar ranja en ligakoeken worden uitgedeeld terwijl je gezellig verder kan spelen. Verkleutering is goede justitie verwarren met tikkertje spelen met de Hofstadgroep en verstoppertje met gezinsdodingen.

Verkleutering is echter vooral een geheel van concrete vaderlandse observaties. Onlangs werd bijvoorbeeld De Nederlandsche Bank door de Europese Unie bevraagd over het te voeren beleid bij oplopende olieprijzen en een oliecrisisscenario. De jonge ambtenaren van De Nederlandsche Bank verklaarden daarop het antwoord schuldig te moeten blijven omdat ze nog te jong waren om de laatste oliecrisis te hebben meegemaakt.

Andere observatie: terwijl Frans Guyana dankzij de status van EU- gebied en de daaraan verbonden discipline de laatste jaren is opgestoten in de vaart der volkeren verkleuterde Suriname tot het armste land van Zuid-Amerika en verkleuteren de Nederlandse Antillen tot een criminele speelplaats. Verkleutering is een licence to shit society and to kill the economy.

Senioriteit is het tegengestelde van verkleutering en kan worden gedefinieerd als de ervaring en wijsheid die een mens bij het klimmen der jaren al werkende opdoet, het humane kapitaal dat gaandeweg ontstaat. Als het goed is, want senioriteit komt een mens, een bedrijf en een maatschappij niet aanwaaien. Daar is bijvoorbeeld leeftijdsbewust personeelsbeleid voor nodig, ondernemerschap in de eigen arbeidsloopbaan en een overheid die niet bang is om humaan kapitaal te verdedigen en te koesteren.

Concreet betekent dat bijvoorbeeld dat die overheid eindelijk arbeidsbureaus en uitzendbureaus aanpakt die de categorie 45+ niet serieus willen inschrijven of niet willen bemiddelen. Humaan kapitaal en senioriteit kunnen alleen worden opgebouwd met vallen en opstaan, met transpiratie en inspiratie.

Senioriteit is immers een voordeel in een dienstverlenende economie die ontgroent en vergrijst.

In de komende 20 jaar stijgt het aantal 65+ Nederlanders van ruim 2 miljoen naar 5 miljoen, het aantal Nederlanders jonger dan vijftien jaar daalt van 3 miljoen naar 2 miljoen. Hieruit volgt dat zonder nader beleid de Nederlandse beroepsbevolking, en daarmee ook het nationale inkomen en het inkomen per hoofd over de genoemde periode, zou kunnen dalen met minimaal 15 procent. Dit percentage kan aanmerkelijk hoger uitvallen want een ontgroenende en vergrijzende economie vertoont een voorkeur in de richting van arbeidsintensieve diensten. Hoevéél hangt af van de macro-economische aanbodelasticiteit en daarmee van het succes van de toepassing van senioriteit.

De Lissabonagenda van de EU bepleit voor Nederland een arbeidsparticipatie van ouderen voor van minimaal 50 procent, een verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd naar 67, het intrekken van alle vervroegde uittredingsregelingen en deeltijdwerk zoveel mogelijk om te zetten in voltijdse banen.

Deze voorstellen zijn senioriteit proof en kunnen een deel van de negatieve effecten van ontgroening en vergrijzing op de vaderlandse economie opvangen.

Om een halt toe te roepen aan de hand over hand toenemende verkleutering zal senioriteit echter ook een sociale en politieke vertaling dienen te krijgen. En moet de ouder wordende mens laten zien dat ouder wel degelijk betekent: wijzer.

André Kolodziejak is voorzitter van de Stichting Senioriteit Nederland.