Neotraditionalisme

Bernard Hulsman stelt in zijn artikel `De tijdgeest bestaat niet. De eenvormigheid van de neotraditionele architectuur` (Cultureel Supplement, 6 januari) dat het tijd wordt voor een echt debat. De vraag is daarbij: wat is neotraditionalisme? Is het een voortzetting van het postmodernisme waarin architecten klassieke bouwstijlen imiteerden als reactie op het Nieuwe Bouwen? Of is het toch de tijdgeest? Het traditionalisme werd mede bepaald door cultuurpessimisme, geloof in ondergang van de westerse beschaving, geen geloof in vooruitgang en nationalisme. Dus toch in de geest van nu? De voorliefde voor dit neotraditionalisme, in een tijd dat bouwkundeopleidingen weinig architectuurgeschiedenis geven uit angst dat historische kennis de creativiteit van hun studenten beïnvloedt, is opmerkelijk. De architect als autonoom vormgever of als designer van toegepaste vormgeving, van datgene wat de opdrachtgever graag ziet?

De kritiek op deze stijlimitaties is van alle tijden. Prof.ir J.G.Wattjes (1879-1944), een aanhanger van het Nieuwe Bouwen, bewonderaar van Le Corbusier en in zijn denken radicaler dan aanhangers van De Stijl, had geen goed woord over voor het kopiëren van vroegere stijlen. Zijn opvattingen daarover zijn weer actueel. Volgens Wattjes was het onmogelijk om bouwkunstuitingen uit het verleden in een andere tijd met andere bouwopgaven, nieuwe materialen en andere constructietechnieken tot een acceptabele eigentijdse architectuur samen te stellen. Bouwkunst was voor hem steeds weer nieuwe vormen scheppen. ”Menschelijke bouwkunst is niet als het bouwen van nestbouwende dieren, een slechts instinctieve werkzaamheid, die eindeloos precies hetzelfde voorbrengt. Als geestelijke werkzaamheid is zij beweging, een proces dat steeds weer anders voortbrengen moet”, aldus de beroemde hoogleraar in de inleiding van zijn boek Nieuw Nederlandse Bouwkunst uit 1924. Dat kopiëren van stijlen uit het verleden in een tijd met andere technieken kan degraderen tot kitsch is ook zichtbaar in dit neotraditionalisme. Stijlbepalende bouwelementen uit de baksteenarchitectuur van de jaren dertig worden nu massaal van kunststof in de fabriek gemaakt en vervolgens zonder enige functie in de gevels geplakt. Een wezenlijke overeenkomst met het interbellum is het feit dat we nu naast deze imitatiearchitectuur weer een aantal architecten hebben, die met eigen ontwerpen internationale bekendheid krijgen en zo ons land opnieuw een wereldfaam geven.

    • Tineke Loggers