Irak

Met stijgende verbazing heb ik Paul Scheffers bespreking van de recente boeken van Packer en Kaplan gelezen (Boeken, 30.12.2005). Zij bevatte Scheffers verrassende standpuntbepaling ten aanzien van de huidige situatie in Irak. In aansluiting bij Packer en het onbeduidende kamp van links-liberalen die voor de oorlog waren, weigert Scheffer - ondanks alles wat bekend geworden is - de oorlog te beschouwen als een grote misleiding of een groot misverstand: `De redenering dat het Midden-Oosten beter af is zonder Saddam Hussein staat nog steeds overeind`. Ik vind dat een onbegrijpelijk standpunt. Zelfs als wij afzien van het internationaal-rechtelijk argument in het kader van de Verenigde Naties en ons enkel beroepen op de eeuwenoude traditie van de rechtvaardige oorlog, moeten we constateren dat de oorlog tegen Irak een flagrante schending is zowel van het recht tot de oorlog (`ius ad bellum`) als van het oorlogsrecht (`ius in bello`). Bovendien was in het recht na de oorlog (`ius post bellum`), zoals Packer duidelijk maakt, niet voorzien zodat we alleen maar medelijden kunnen hebben met het lot van de Irakezen en ons schamen voor het Nederlandse lidmaatschap van de `Coalition of the Willing`.

En wat als Saddam Hussein nog aan de macht zou zijn geweest? De berichten die ik lees, wijzen erop dat de inwoners van Irak momenteel veel slechter af zijn dan toen de dictator nog aan de macht was. In dit opzicht raad ik iedereen aan bijvoorbeeld Eliot Weinberger`s What I heard about Irak en What I heard about Irak in 2005 (beide in London Review of Books) te lezen. Daarbij komt nog dat voorstanders van de oorlog stelselmatig het vermogen om met oorlogsgeweld gunstige gevolgen te creëren overschatten en het vermogen om dat met vreedzame middelen te doen, bijvoorbeeld met geld, onderschatten.

Misschien hebben de voorstanders van de oorlog in Irak gelijk dat er op dat territorium sowieso op afzienbare termijn een burgeroorlog zou zijn ontstaan. De verantwoordelijkheid voor de gesel van de oorlog ligt echter bij degene die naar de wapens grijpt. En die verantwoordelijkheid vermindert niet door te verwijzen dat iemand anders of een ander groepering waarschijnlijk de oorlog toch wel had ontketend.