“Ik zal geen grote veranderingen doorvoeren'

De Duitse kunsthistoricus Axel Rüger is vanaf 1 april de nieuwe directeur van het Van Gogh Museum in Amsterdam. “Ik zou willen dat iedereen zich in dit museum thuisvoelt, ongeacht leeftijd of achtergrond.“

Nieuwe directeur Van Gogh Museum Axel Rüger Foto NRC H"Blad, Maurice Boyer 060111 Boyer, Maurice

De nieuwe directeur van het Van Gogh Museum gaat keurig gekleed in pak met stropdas. Maar drie dikke zilveren ringen om zijn vingers en een strak getrimd ringbaardje verraden zijn jeugdige karakter. De slanke Duitse kunsthistoricus Axel Rüger (Dortmund, 1968) is pas 37 jaar en nu al directeur van het best bezochte museum van Nederland. “Het Van Gogh Museum heeft een traditie van jonge directeuren“, lacht hij. ,,Mijn voorgangers Ronald de Leeuw en John Leighton hadden dezelfde leeftijd.“

Net als Leighton is Rüger afkomstig van de National Gallery in Londen. Daar was hij sinds 1999 als conservator verantwoordelijk voor de collectie Nederlandse schilderkunst uit de zeventiende en achttiende eeuw. De overstap naar het Van Gogh Museum, dat zich richt op de negentiende eeuw, lijkt dus niet heel voor de hand liggend. ,,Mijn band met Van Gogh is niet zo nauw als met de oudere kunst waarin ik gespecialiseerd ben“, geeft Rüger toe. ,,Maar ik word hier dan ook geen conservator van de collectie. Als directeur zal ik me vooral bezig houden met het beleid en met zaken als fondsenwerving. Het scheelt natuurlijk dat ik goed bekend ben met de Nederlandse kunst uit de Gouden Eeuw. Van Gogh is onlosmakelijk met die traditie verbonden. Uit zijn brieven weten we bijvoorbeeld dat hij veel belangstelling had voor Rembrandt.“

Rüger, die vloeiend Nederlands spreekt en eind jaren negentig een tijd in Amsterdam woonde toen hij onderzoek deed voor zijn dissertatie, vertelt dat hij het Van Gogh Museum de afgelopen jaren goed gevolgd heeft. “De National Gallery werkt veel met het museum samen, op het gebied van bruiklenen en onderzoek. Wat ik zo leuk vind aan het Van Gogh Museum is de verfrissende manier waarop de tentoonstellingen zijn ingericht. Ze durven te experimenteren. Bij een tentoonstelling als Beestachtig Mooi wordt het publiek op een heel verrassende manier geprikkeld met nieuwe invalshoeken. Dat verwacht je niet van een museum van dit kaliber. De National Gallery is een stuk conservatiever.“

Hij heeft lang na moeten denken of hij Londen wel wilde verlaten, zegt Rüger. “De National Gallery is toch een bijzonder museum, daar ga je niet zomaar weg. De Nederlandse collectie schilderkunst is er ongelofelijk breed en diep, ik had er met gemak nog dertig jaar conservator kunnen blijven. Maar ik heb ook altijd belangstelling gehad voor museumbeleid, en voor de maatschappelijke positie die zo'n instelling inneemt. Vandaar deze stap.“

Dat zijn eerste directeurschap een museum betreft dat meer dan een miljoen bezoekers per jaar trekt, had Rüger niet durven dromen. “Ik vind het geweldig dat het zo'n levendig museum is. Ik heb voor een carrière in het museumwezen gekozen omdat je er de mogelijkheid hebt om enerzijds te werken voor een groot publiek - hoe meer bezoekers hoe beter - en anderzijds ook met specialisten samenwerkt. Die combinatie van publieksbereik en wetenschappelijk onderzoek maakt dit werk zo aantrekkelijk. In het Van Gogh Museum zijn die twee aspecten heel mooi in evenwicht. Door alle educatieve activiteiten wordt het publiek heel actief betrokken bij de collectie en het onderzoek dat het museum doet.“

Ideeën over het beleid dat hij gaat voeren wil Rüger nog niet prijsgeven, maar grote verschuivingen hoeven we niet te verwachten. “Het museum loopt uitstekend, dus er is geen behoefte aan grote veranderingen. Ik zou willen dat iedereen zich in dit museum thuisvoelt, ongeacht leeftijd of achtergrond.“ Maar het museum gratis toegankelijk maken, zoals in het Verenigd Koninkrijk gebruikelijk is, gaat hem net wat te ver. ,,In Engeland zijn we daaraan gewend. De National Gallery heeft in haar geschiedenis nog nooit toegang gevraagd. Maar binnen Europa is dat uniek. Het Van Gogh Museum trekt al veel publiek terwijl het toegangsgeld vraagt, en heeft daardoor een betrouwbaar inkomen. Dat zet je niet zomaar overboord. In Londen zou ik er altijd voor zijn dat de situatie blijft zoals ze is, zodat het museum laagdrempelig blijft. Maar hier in Amsterdam vind ik het een moeilijk dilemma.“

De komende maanden zullen zwaar worden voor de nieuwe directeur. Hij hoopt aan de Radboud Universiteit in Nijmegen te promoveren op zijn onderzoek naar Bartolomeus van Bassen, een onbekende schilder van paleisinterieurs uit het begin van de zeventiende eeuw. En hij zal zich moeten gaan verdiepen in leven en werk van Vincent van Gogh. Een favoriet schilderij heeft hij al: het Korenveld met kraaien uit 1890. Rüger: ,,Het is zijn laatste schilderij en er wordt altijd van gezegd dat het zo zwaarmoedig is. Je zou eraan kunnen aflezen dat Van Gogh zelfmoord wilde plegen. Maar ik vind dat het schilderij vol energie zit. De verflaag is zo dynamisch en de kleuren zijn zo sterk dat ik van die zwaarmoedigheid niets terugzie. Het is intensief en beweeglijk. De manier waarop het werk gemaakt is, vind ik interessanter dan de biografische context waarin het geplaatst wordt. Het is een heel mooi schilderij.“

    • Sandra Smallenburg