Schat aan notenschriften zonder uitleg

Werkelijk een prachtige verzameling objecten over muzieknotatie heeft het Scryption in Tilburg bij elkaar gebracht. Je kunt het zo gek niet opnoemen of het ligt er, in dat “museum voor schriftelijke communicatie'. De oudste genoteerde muziek klinkt er zomaar uit een tv. Het is een aangrijpend lied van een kinderloze vrouw, de 3.200 jaar oude “Ugarithymne'.

In datzelfde antieke genre is er ook een origineel koptisch handschrift uit Egypte, 2700 jaar oud, met boven de Griekse letters kleine kriebeltekentjes die de muziek uitdrukken, als middeleeuwse neumen. De dunne papyrus is zorgvuldig opgeborgen in een houten lessenaar waarvan de bezoeker de deksel even mag oplichten om te kijken. Cultureel dichterbij zijn in weer andere lessenaars manuscripten te zien van onder meer Beethoven en Liszt - vol aangrijpend gekras en gestreep: ook meesterwerken blijven mensenwerk. Je kijkt ook in de eerste pagina's van een Mahler-partituur van Willem Mengelberg, met slordig bijgeschreven aanwijzingen die de grote Concertgebouworkestdirigent had gehoord van de componist zelf. “Het belangrijkste staat niet in de noten“, zei Mahler zelf al.

Maar niet alleen de officiële geschiedenis van het notenschrift (die begint bij het middeleeuwse Gregoriaans gezang) is in Tilburg te zien. Japanse, Indiase en Indonesische notensystemen liggen ter bezichtiging, er zijn het beruchte moderne Klavarskribo (met de vingerzettingen op de piano als concrete basis), de grafische partituren van de oude avant-gardemuziek, en zelfs het eigenbedachte systeem van een popmuzikant compleet met keyboard met hulpplakkertjes. En er is curieuze notenbalkkunst. Zoals een met wit garen dichtgestikte partituur van Bachs Mattheus Passion. Dick Higgens doorzeefde ooit muziekpapier met een machinepistool. Je ziet 'm op een foto bezig, een velletje met het resultaat er naast.

Het houdt niet op: druktechnieken voor notenschrift, Piet Mondriaan en de boogiewoogie, een Beethovenpartituur op de computer die live meebeweegt met een opname van Mauricio Polini, klankdichten van Kurt Schwitters en Paul van Ostaijen, muziekmachientjes, Peter Schats toonklok. Wat wil je nog meer? Enkel de theorie dat de prehistorische grottekeningen in het Zuidfranse Niaux eigenlijk aanmoedigingen tot zang waren, ontbreekt.

Maar dan. Zulk mooi materiaal, zo'n grote breedte in de opzet. En wat is de uitleg? Niks! Geen tekstborden om de onderdelen van de tentoonstelling “aan elkaar te praten', geen algemene introductie om de bezoeker een beetje in de stemming te brengen voor overvloed. Zelfs geen bordjes bij de objecten. Iedereen moet de nummertjes zelf maar opzoeken in een bijschriftenoverzicht dat twee dichtbedrukte A3-vellen beslaat. daaruit word je wel wat wijzer, maar de informatie blijft summier en het is veel gedoe. De aanhouder wint, maar met moeite.

Pas wie de uitvoerige catalogus koopt ( 21,50) beseft hoeveel gemiste kansen het in Tilburg heeft geregend. Uit de vrij gedetailleerde hoofdstukjes over allerhande deelonderwerpen (het is in feite een mini-encyclopedie van het notenschrift) hadden uitstekende tekstborden gedestilleerd kunnen worden. In het boek is een zee van opmerkelijke details te vinden die de minder volhardende bezoeker juist zo aangenaam bij de les houden, temidden van al die op zich onbegrijpelijke objecten. Het zal best modern zijn om de objecten voor zichzelf te laten spreken. Maar dit is te gek.

En zo wordt de tentoonstelling een metafoor voor het notenschrift zelf: o zo belangrijk als cultuurverschijnsel, o zo krachtig als informatiebron, maar alleen begrijpelijk voor ingewijden.

Tentoonstelling: Muziek OpSchift, de wereld van de muzieknotatie. Scryption, Tilburg, Spoorlaan 434, 013-580.0821. Tot 19 maart. Zondag 12 februari is er van 13u tot ver in de avond de “dag van de muzieknotatie'. Inl.: 013- 5800821, www.scryption.nl

    • Hendrik Spiering