Webcongres: Is onze armoede wel echte armoede?

Is armoede in Nederland betrekkelijk? De deelnemers aan het Webcongres, het online discussieplatform op www.nrc.nl/webcongres, reageren verdeeld.

Wie heeft gelijk, minister Zalm die beweert dat armoede betrekkelijk is en dat we nu in veel luxueuzer omstandigheden verkeren dan onze ouders in de jaren vijftig? Of de Amsterdamse burge meester Job Cohen, die in zijn nieuwjaarstoespraak waarschuwde voor de armoede in zijn stad, die zou kunnen leiden tot excessen en extremisme? Die vraag legden we deze week de leden van het Webcongres voor. Met de stelling dat de armoede in Nederland betrekkelijk is, was een kleine meerderheid het oneens. Dat wil niet zeggen dat alle “eens'-stemmers instemden met het huidige kabinetsbeleid. Zij vonden dat Zalm weliswaar formeel gelijk had, maar waren wel degelijk van mening dat de armoede in Nederland van overheidswege moest worden bestreden.

Maar eerst de verwerpers van de stelling. Als met die “betrekkelijkheid' wordt bedoeld dat het wel meevalt met de armoede, aldus Bart van Leeuwen, is dat een typische gedachte van een niet-arme landgenoot. ,,Het bestaan van voedselbanken is slechts mogelijk als er armoede bestaat'', vervolgt Van Leeuwen. ,,Armoede hoeft niet te betekenen dat er op straat geleefd wordt, zonder enig bezit. Ook zonder schulden en met een baan is tegenwoordig armoede mogelijk. En dat is een schandelijk gevolg van vele maatregelen van dit kabinet. Armoedebestrijding is een teken van beschaving. Helaas lijkt dit niet onder de normen en waarden dit kabinet te vallen.''

Door armoede te relativeren, ofwel minder ernstig te maken, verschaft minister Zalm een verkeerd inzicht in wat armoede werkelijk betekent voor de betrokkenen. Dat stelt Frans Block uit Capelle aan den IJssel. ,,Armoede is een ernstig kwaad in een welvarende maatschappij en zelfs gevaarlijk, juist voor de welvarende klasse. De arme wordt langzaamaan uitgesloten van de normaal bevonden verworvenheden van deze maatschappij. Dit kweekt ontvredenheid en rebellie tegen de heersende klasse die dit mogelijk maakt. () Dat deze mensen in een sociaal en materieel isolement terechtkomen is een schande voor een welvarende maatschappij.''

,,Minister Zalm stapt wel heel makkelijk over een reëel maatschappelijk probleem heen'', schrijft Jos Husslage uit Maassluis. ,,In feite legt hij zich neer bij een situatie waarin grote groepen mensen in relatieve, maar sommigen helaas ook in absolute armoede moeten leven. En dat in een land waarin mensen met een inkomen van tweemaal modaal er wederom vijf procent op vooruitgaan. Wie dat accepteert, getuigt van een enorm gebrek aan inlevingsvermogen en sociaal gevoel.''

Rob Timmer uit Krimpen aan den IJssel schrijft: ,,De armoede in Nederland is absoluut niet betrekkelijk. De opmerking van Zalm getuigt van de blindheid van dit kabinet, dat noch oog heeft voor de realiteit noch kennis van de gevolgen van zijn beleid.''

De gehandicapte Adrie van der Vorst uit Westervoort ervaart zijn minimuminkomen allang niet meer als toereikend om ,,op fatsoenlijke wijze in Nederland te leven'' en verwerpt de relativering van de minister: ,,Het gaat niet aan om de omstandigheden van “armen' op andere plaatsen ter wereld of in andere tijden te vergelijken. Het gaat om het leven in de maatschappij in het hier en nu. Evenals Cohen vind ik dat actie is geboden om armoede en sociale uitsluiting tegen te gaan.''

,,Je bent net zo arm als je het zelf ervaart'', vindt Hans de Koning uit Leiderdorp. ,,Zalm vindt dat vanuit zijn onmetelijk arrogante wijsheid betrekkelijk. Ik nodig hem gaarne uit om te proberen de rest van de zittingsperiode van dit kabinet rond te komen van een bijstandsuitkering. Ik denk dat hij dan wel hoopt dat het gauw voorbij is.''

Een voorbeeld van alledaagse armoede wordt geschetst door Olaf Swaneveld uit Westzaan: ,,Een (deels invalide) vrouw van inmiddels 89 jaar kon tot 2002 redelijk van haar pensioentje leven en spaarde 25 euro per maand. Vanaf dat jaar ging het bergafwaarts. De “eigen bijdragen' in de zorg en de gestegen woonlasten nekken haar dusdanig dat zij nu 125 euro per maand op haar pensioen tekortkomt. Ze woont zelfstandig (en dat was ook een doelstelling van de achtereenvolgende regeringen) in een relatief goedkope tweekamerflat, maar dat gaat nu veranderen. Het bejaardenoord of het verpleeghuis lonkt dankzij de terreur van onze politiek-bestuurlijke en ambtelijke boekhouders. Het is maar de vraag of zij dat nog haalt dankzij de wachtlijsten. En anders? Wellicht kunnen we eerdaags nog hoogbejaarde zwervers zien bij de supermarkten. Ontluisterend en onterend, het zijn slechts eufemismen.''

Een voorstel om de leden van het huidige kabinet tot inkeer te brengen doet Henk van Vondel uit Ameide: ,,De enige manier waarop Gerrit Zalm het vermogen krijgt om zich in te leven in de mensen van wie hij denkt dat zij met relatieve armoede goed kunnen leven, is een avond te organiseren waarop de minister rechtstreeks debatteert met deze mensen. Ook zou hij eens moeten reageren op de commentaren zoals in reactie op deze stelling worden gepresenteerd. Zou hij dat allemaal durven?''

Onder de voorstanders van de stelling is slechts een minderheid ervan overtuigd dat de minima met hun huidige inkomen uitstekend rond kunnen komen. ,,Er zullen mensen of gezinnen zijn die echt tekortkomen'', vindt ook “eens'-stemmer Bart Hengeveld uit Schoonhoven. ,,Echter, er zijn ook gezinnen die geëtaleerd worden als arm, waarvan echter de leden veel te dik zijn, roken, et cetera. Zolang er nog te veel geconsumeerd kan worden is er geen sprake van armoede doch van verkeerde besteding van de beschikbare middelen.''

Het begrip armoede is steeds onderhevig aan nieuwe interpretaties, stelt Simon Breider uit Groningen. Toch doet hij een poging: ,,Armoede in de strikte zin omvat voldoende eten en drinken, een droge en warme plek en medische zorg. Iedereen die deze drie zaken in voldoende mate ontvangt zou in strikte vorm niet als armoedig mogen worden gekenschetst.'' Volgens deze definitie zou in Nederland geen armoede bestaan. Claas Borgers uit Meer vindt dat degenen die zich desondanks tot de armen rekenen, dat aan zichzelf hebben te danken: ,,Tachtig procent van de mensen die behoren tot de armoede-categorie, hebben dit mede zelf veroorzaakt. Te denken valt aan ongezond leven, afgebroken opleiding, drugsgebruik, criminaliteit, gebroken relaties en te snel en te veel kinderen op vaak te jonge leeftijd. Uitkeringen, hoe hoog ook, zullen er nooit toe leiden uit deze negatieve spiraal te geraken.''

Juist onder de minder draagkrachtigen signaleert Pieter Steven Bruins uit Havelte een groep mensen die niet adequaat met hun inkomen omgaan: ,,Neem bijvoorbeeld de aankopen van vuurwerk rond de jaarwisseling. Juist mensen uit de volksklasse kochten voor exorbitante bedragen aan vuurwerk.“

Met een lange argumentatie onderschrijft André van Schie uit Utrecht de stelling. Enkele citaten: ,,Het is in Nederland nog altijd zo dat onze allerarmsten rijker zijn dan driekwart van de wereld. () Aan de welvaart van de armen kun je de rijkdom van het land meten. Nederland doet het wat dat betreft helemaal niet slecht. Het is alleen zo dat er in de media veel aandacht is voor de allerrijksten. De nieuwslezer verdient in Nederland meer dan de minister-president en de topvoetballer meer dan een hele stad in een derdewereldland. Door de grote verschillen voelen mensen zich achtergesteld, maar ze tellen hun zegeningen niet. Voor onze allerarmsten is er goed onderwijs, goede gezondheidszorg, geen honger en altijd huisvesting beschikbaar. Voor Nederlandse, relatieve begrippen zijn sommige mensen arm, maar in absolute zin zou je je moeten schamen om deze mensen arm te noemen. Ze zijn rijker dan miljarden anderen.''

,,Ik woon sinds jaren in Bangladesh, een van de armste landen ter wereld'', reageert Paul Weijers vanuit Dhaka. ,,Dat is pas echt armoede. Laat ze in Nederland met beide benen op de grond blijven staan en in de handen klappen van plezier omdat niemand echte armoede kent. Echte armoede is constant met de dood bedreigd worden door de eigen leefomstandigheden; door honger, door slecht onderdak, door slechte medische voorzieningen, door afwezigheid van nagenoeg alle essentiële voorzieningen. Dat bestaat niet in Nederland. Armoede is wel degelijk relatief.''