Te veel analyse is gevaarlijk - vertrouw op je gevoel

Navelstaren heeft vaak geen zin. Te veel analyse brengt mensen in verwarring over hun ware gevoelens. Wie gelukkig wil worden kan beter af en toe iets aardigs doen voor een ander.

Veel mensen hebben zichzelf de afgelopen dagen weer onder de loep genomen en zich afgevraagd hoe zij hun manier van leven kunnen verbeteren. Maar we zouden ons eens af moeten vragen of deze jaarlijkse rituele introspectie wel enige zin heeft.

De dichter Theodore Roethke had er een idee van: Self-contemplation is a curse/ That makes an old confusion worse (Om oude perikelen te lozen / Is zelfbeschouwing uit den boze). Als psycholoog die onderzoek doet naar zelfkennis en geluk, meen ik dat Roethke gelijk had. Er is steeds meer wetenschappelijk psychologische onderzoek dat zijn stelling bevestigt.Bent u onzeker over uw gevoelens jegens iemand die in uw leven een bijzondere plaats inneemt? Een analyse van de plussen en minnen van de relatie is niet per se het antwoord.Bij een onderzoek dat ik heb gedaan samen met Dolores Kraft, klinisch psychologe aan het Zuidwestelijk Medisch Centrum van de Universiteit van Texas, en Dana Dunn, sociaal-psychologe aan het Moravian College in Pennsylvania, werd de mensen in een groep gevraagd een lijstje te maken van de redenen waarom hun liefdesrelatie was zoals ze was, en vervolgens aan te geven hoe tevreden zij waren over die relatie. De leden van een andere groep werd alleen maar naar hun tevredenheid gevraagd, zonder analyse; zij oordeelden puur op het gevoel.Je zou denken dat de mensen die er goed over nadachten, het best zouden weten wat nu eigenlijk hun gevoelens waren, en dat hún beoordeling het best het verloop van hun relatie zou voorspellen.Maar het tegenovergestelde bleek: aan de tevredenheidscijfers van de puur-op-het-gevoelgroep kon je aflezen of het enkele maanden later nog aan zou zijn met hun partner. De cijfers van de navelstaarders zeiden helemaal niets over het verloop van hun relatie. Onze conclusie: te veel analyse kan mensen in verwarring brengen over hun ware gevoelens. Wat wij door zelfbeschouwing kunnen ontdekken is maar heel beperkt, en wanneer wij het onverklaarbare proberen te verklaren is het niet zo dat ineens de wateren wijken, en onze verborgen gedachten en gevoelens als spartelende vissen op het droge komen.Zelfbeschouwing is vooral problematisch wanneer wij ons slecht voelen. Onderzoek door Susan Nolen-Hoeksema, klinisch-psychologe aan Yale University, wijst uit dat wanneer mensen zich slecht voelen, piekeren over hun problemen de zaak erger maakt.Bij een bepaald onderzoek werd licht neerslachtige studenten verzocht acht minuten hetzij over zichzelf na te denken, hetzij over iets neutraals als “wolken die zich aan de hemel vormen'. De leden van de eerste groep concentreerden zich op de negatieve dingen in hun leven en gingen zich slechter voelen. De mensen in de andere groep voelden zich na afloop juist beter, mogelijk doordat hun negatieve aandacht voor henzelf door de afleidende opdracht was “uitgeschakeld'.Hoe zit het met politieagenten en brandweerlieden die vreselijke dingen meemaken? Helpt het hen als zij over hun belevenissen nadenken?Jarenlang heeft men gedacht dat hulpverleners een verwerkingsproces moesten ondergaan waarin zij zich op hun belevenissen concentreerden en die in gedachten nogmaals doormaakten; het idee was dat zij zich daardoor beter zouden voelen en dat latere psychische problemen zouden worden voorkomen. Zo stroomden na 11/9 welmenende raadgevers naar New York om politiemensen, brandweerlieden en reddingswerkers te helpen omgaan met hun traumatische ervaringen.Heeft dat iets uitgehaald? In een diepgaand overzicht van het onderzoek is een team onder leiding van Richard McNally, klinisch-psycholoog aan Harvard, tot de conclusie gekomen dat zulke verwerkingsprocedures weinig goed doen, en zelfs zouden kunnen schaden, doordat ze het normale herstelproces verstoren. Mensen doen vaak meteen nadat zich akelige dingen hebben voorgedaan, hun best om er niet aan te denken, en dat zou weleens beter kunnen zijn dan die gebeurtenissen in gedachten nóg eens door te maken.Wat kunnen wij doen om betere en gelukkiger mensen te worden? Tal van sociaal-psychologische onderzoeken hebben de constatering van Aristoteles bevestigd dat “wij rechtvaardig worden door rechtvaardig op te treden, zelfbeheersing verkrijgen door zelfbeheersing te betrachten, en moedig worden door moedige daden te verrichten.“ Als je met een aspect van je leven niet tevreden bent, is een van de beste dingen die je kunt doen: meer doen zoals de persoon die je zou willen zijn, in plaats van maar jezelf zitten te analyseren.Sociaal-psycholoog Daniel Batson en zijn collega's aan de Universiteit van Kansas vonden dat deelnemers die de gelegenheid kregen om voor iemand iets aardigs te doen, een vriendelijk, attent beeld van zichzelf kregen - tenzij hen werd gevraagd na te denken over waaróm zij aardig waren geweest. In díé groep vonden de meeste mensen zich ten slotte niet speciaal aardig. De truc is dat je je uiterste best doet om aardig te zijn voor anderen, zonder al te veel stil te staan bij het waarom. Als extraatje maken onze goede daden ons dan gelukkiger.Sonja Lyubomirsky, een sociaal-psycholoog aan de Universiteit van California in Riverside, heeft samen met collega's ontdekt dat studenten die de opdracht kregen om één dag per week een paar aardige dingen te doen, uiteindelijk gelukkiger waren dan een controlegroep van studenten die geen bepaalde instructies kregen.Begin het nieuwe jaar dus met je medemens te helpen. Dat klinkt misschien verdacht naar een oude Motown-song of naar simplistisch advies van een prof die het zo goed bedoelt - en dat is het ook. Maar het is een feit dat aardig zijn voor anderen ons ten slotte aardiger en gelukkiger maakt. Als wij er maar niet te veel over nadenken.© New York Times Syndicate(Om oude perikelen te lozen / Is zelfbeschouwing uit den boze). Als psycholoog die onderzoek doet naar zelfkennis en geluk, meen ik dat Roethke gelijk had. Er is steeds meer wetenschappelijk psychologische onderzoek dat zijn stelling bevestigt.

Bent u onzeker over uw gevoelens jegens iemand die in uw leven een bijzondere plaats inneemt? Een analyse van de plussen en minnen van de relatie is niet per se het antwoord.

Bij een onderzoek dat ik heb gedaan samen met Dolores Kraft, klinisch psychologe aan het Zuidwestelijk Medisch Centrum van de Universiteit van Texas, en Dana Dunn, sociaal-psychologe aan het Moravian College in Pennsylvania, werd de mensen in een groep gevraagd een lijstje te maken van de redenen waarom hun liefdesrelatie was zoals ze was, en vervolgens aan te geven hoe tevreden zij waren over die relatie. De leden van een andere groep werd alleen maar naar hun tevredenheid gevraagd, zonder analyse; zij oordeelden puur op het gevoel.

Je zou denken dat de mensen die er goed over nadachten, het best zouden weten wat nu eigenlijk hun gevoelens waren, en dat hún beoordeling het best het verloop van hun relatie zou voorspellen.

Maar het tegenovergestelde bleek: aan de tevredenheidscijfers van de puur-op-het-gevoelgroep kon je aflezen of het enkele maanden later nog aan zou zijn met hun partner. De cijfers van de navelstaarders zeiden helemaal niets over het verloop van hun relatie. Onze conclusie: te veel analyse kan mensen in verwarring brengen over hun ware gevoelens. Wat wij door zelfbeschouwing kunnen ontdekken is maar heel beperkt, en wanneer wij het onverklaarbare proberen te verklaren is het niet zo dat ineens de wateren wijken, en onze verborgen gedachten en gevoelens als spartelende vissen op het droge komen.

Zelfbeschouwing is vooral problematisch wanneer wij ons slecht voelen. Onderzoek door Susan Nolen-Hoeksema, klinisch-psychologe aan Yale University, wijst uit dat wanneer mensen zich slecht voelen, piekeren over hun problemen de zaak erger maakt.

Bij een bepaald onderzoek werd licht neerslachtige studenten verzocht acht minuten hetzij over zichzelf na te denken, hetzij over iets neutraals als “wolken die zich aan de hemel vormen'. De leden van de eerste groep concentreerden zich op de negatieve dingen in hun leven en gingen zich slechter voelen. De mensen in de andere groep voelden zich na afloop juist beter, mogelijk doordat hun negatieve aandacht voor henzelf door de afleidende opdracht was “uitgeschakeld'.

Hoe zit het met politieagenten en brandweerlieden die vreselijke dingen meemaken? Helpt het hen als zij over hun belevenissen nadenken?

Jarenlang heeft men gedacht dat hulpverleners een verwerkingsproces moesten ondergaan waarin zij zich op hun belevenissen concentreerden en die in gedachten nogmaals doormaakten; het idee was dat zij zich daardoor beter zouden voelen en dat latere psychische problemen zouden worden voorkomen. Zo stroomden na 11/9 welmenende raadgevers naar New York om politiemensen, brandweerlieden en reddingswerkers te helpen omgaan met hun traumatische ervaringen.

Heeft dat iets uitgehaald? In een diepgaand overzicht van het onderzoek is een team onder leiding van Richard McNally, klinisch-psycholoog aan Harvard, tot de conclusie gekomen dat zulke verwerkingsprocedures weinig goed doen, en zelfs zouden kunnen schaden, doordat ze het normale herstelproces verstoren. Mensen doen vaak meteen nadat zich akelige dingen hebben voorgedaan, hun best om er niet aan te denken, en dat zou weleens beter kunnen zijn dan die gebeurtenissen in gedachten nóg eens door te maken.

Wat kunnen wij doen om betere en gelukkiger mensen te worden? Tal van sociaal-psychologische onderzoeken hebben de constatering van Aristoteles bevestigd dat “wij rechtvaardig worden door rechtvaardig op te treden, zelfbeheersing verkrijgen door zelfbeheersing te betrachten, en moedig worden door moedige daden te verrichten.“ Als je met een aspect van je leven niet tevreden bent, is een van de beste dingen die je kunt doen: meer doen zoals de persoon die je zou willen zijn, in plaats van maar jezelf zitten te analyseren.

Sociaal-psycholoog Daniel Batson en zijn collega's aan de Universiteit van Kansas vonden dat deelnemers die de gelegenheid kregen om voor iemand iets aardigs te doen, een vriendelijk, attent beeld van zichzelf kregen - tenzij hen werd gevraagd na te denken over waaróm zij aardig waren geweest. In díé groep vonden de meeste mensen zich ten slotte niet speciaal aardig.

De truc is dat je je uiterste best doet om aardig te zijn voor anderen, zonder al te veel stil te staan bij het waarom. Als extraatje maken onze goede daden ons dan gelukkiger.

Sonja Lyubomirsky, een sociaal-psycholoog aan de Universiteit van California in Riverside, heeft samen met collega's ontdekt dat studenten die de opdracht kregen om één dag per week een paar aardige dingen te doen, uiteindelijk gelukkiger waren dan een controlegroep van studenten die geen bepaalde instructies kregen.

Begin het nieuwe jaar dus met je medemens te helpen. Dat klinkt misschien verdacht naar een oude Motown-song of naar simplistisch advies van een prof die het zo goed bedoelt - en dat is het ook.

Maar het is een feit dat aardig zijn voor anderen ons ten slotte aardiger en gelukkiger maakt. Als wij er maar niet te veel over nadenken.

© New York Times Syndicate

Hoogleraar psychologie aan de universiteit van Virginia. Schrijver van “Strangers to Ourselves: Discovering the Adaptive Unconscious.'

    • Timothy D. Wilson