Rode duivel

Een studente geneeskunde doet onder pseudoniem verslag van haar stage. Vandaag loopt ze mee met een psychiater van “de crisisdienst'.

“Jouw rode broek staat voor onheil. Mijn blauwe trui voor eenzaamheid. Zo heeft elke kleur voor haar een betekenis. Voor een goede binnenkomer zou je alleen maar geelgroene kleren moeten dragen“, zegt dr. Engel, terwijl hij de auto in stapt.

We zijn op weg naar Ella Peters, een psychotische, alleenstaande, jonge moeder. Dr. Engel, psychiater van “de crisisdienst', komt wekelijks bij haar op huisbezoek.

Onderweg legt hij me de situatie uit. “Haar gekte is niet gevaarlijk, dus een gedwongen opname is niet aan de orde“, concludeert hij. “Maar de kinderbescherming twijfelt over haar dochtertje; kan een meisje van vier zo wel normaal opgroeien?“

“Twijfelt?“ roep ik uit, “Als er een rode auto voor de deur staat, mag ze niet naar school. Ze draagt alleen groene broeken, omdat die haar beschermen tegen geesten. Dat kind kán toch niet anders dan óók gek worden?“

Dr. Engel glimlacht. “Ik denk dat je onderschat wat zo'n uithuisplaatsing betekent.“ En terwijl hij aanbelt, voegt hij er aan toe: “Trek zo zelf je conclusies. Maar meng je niet in het gesprek.“

Binnen nemen we plaats op de oranje bank. Ik staar naar de muren, groengeel geverfd, met een diagonale scheidingslijn. Ella, groene broek, oranje coltrui, de verfspetters nog op haar gezicht, zegt trots: “Zo is het perfect! Groen voor bescherming, geel voor hoop. Een muur in díe kleuren maakt van ons huis een fort.“

“Zeker met die groene gordijnen“, zegt dr. Engel. En Ella grijnst: “Precies: dáár kunnen ze niet doorheen! En dat geeft binnen weer ruimte voor vrolijkheid: vandaar die oranje bank!“ Ze keuvelen nog een half uur dit soort nonsens door. Ik probeer normaal te kijken, maar denk vertwijfeld: Waarom gaat hij mee in haar gekte? Zo komt ze hier toch nooit vanaf?

Dan begint dr. Engel over haar medicijnen. “Ze waren rood! Dan houdt het echt op!“ roept Ella. En dr. Engel zucht. “De vorige waren geel. Die nam je ook niet.“

Ella haalt haar schouders op. “Die pillen helpen toch niet. De geesten zíjn er gewoon.“ Dan lacht ze geheimzinnig. “Maar geen nood. Ik heb eindelijk de kleuren gevonden om ze buiten te houden!“

Haar dochtertje rent binnen, groene broek, geel T-shirt, en kruipt bij haar op schoot. Stralend vertelt ze ons over haar schooldag, en laat haar tekeningen zien.

“Je weet dat ik volgende week die mevrouw van de kinderbescherming meeneem, hè“, zegt dr. Engel, als het meisje de kamer weer uit is.

Ella knikt, timide opeens. “Willen ze me mijn kindje afnemen?“ Het blijft even stil. “Het gaat erom wat het beste voor haar is“, zegt dr. Engel uiteindelijk.

En dan kan ik het niet laten. Die pillen zijn de enige manier om ze samen te houden! Waarom dringt hij niet aan?

“Waarom probéér je die pillen niet gewoon?“ zeg ik, “Misschien helpen ze, misschien ook niet. Maar wat is het gevaar van een weekje proberen?“ Ella springt op. Ik wíst het! De duivel zit in die rode broek! Je wil me manipuleren, gék maken!“ Ze wijst naar de deur. “Mijn huis uit!“

Beduusd zit ik op de stoep, en staar naar de auto's die voorbijrijden. Een rode Saab, een blauwe Volvo, een rode Peugeot. Is het toeval dat alleen de Renault Mégane van dr. Engel geel is?