Liefde voor Spaanse muziek

Gerard Hulshof (1938) ontwikkelde zich van programmamaker tot doorgewinterd bestuurder. Hij was directeur van de KRO, netmanager van Nederland 1 en bestuurslid van de NOS. Als voorzitter van de commissie Media, een functie die hij nu neerlegt, maakte hij al deel uit van de vorige raad.

Gerard Hulshof uit de omroepwereld is een van de nieuwe leden van de Raad voor Cultuur. FOTO: BRAM BUDEL Budel, Bram

“Momenteel ben ik alleen nog voorzitter van het bestuur van Salto TV, de lokale Amsterdamse zender waar ook AT5 onder valt. In de culturele sector was ik voorzitter van de stichting Grachtenfestival en secretaris in het bestuur van Cinekid. Heel lang was ik programmamaker. In 1966 was ik de eerste winnaar van de Reismicrofoon, samen met Henk Terlingen, voor Ouverture, de doorbraak van chique radio op Radio 1 en 2. Ik kreeg hem ook voor het ontwerpen van een nieuwe zender, Hilversum 3, die er moest komen om een einde te maken aan de piraterij van Veronica. In de jaren zeventig was ik betrokken bij de twee grote zenderkleuringen, waarbij onder meer Radio 4 en 5 werden opgericht.

“Verder ben ik jarenlang eindredacteur geweest van het KRO-cabaretprogramma op de radio, Cursief, waar Godfried Bomans en Gerard Cox aan meewerkten. Het cabaret houd ik nog steeds bij, al is er verschil tussen wat er goed is en waar ik affiniteit mee heb. Briljant vind ik Muiswinkel en Van Vleuten. Technisch knap zijn de Ashton Brothers en De Vliegende Panters.

“Mijn grote liefde is de Spaanse klassieke en lichte muziek. Dertig jaar geleden moest ik Spaans leren voor een project op Cuba en sindsdien heb ik me steeds meer in de Spaanstalige landen en hun geschiedenis verdiept.

“Ik heb kenbaar gemaakt dat ik bij de raad wilde blijven, omdat het interessant is om over kunst te praten met mensen die er een vooraanstaande rol in spelen. En wat men vaak vergeet: de raad komt voort uit de mediaraad, en één van de hoofdonderwerpen is het mediabeleid.

“Wat mij zeer aanspreekt is de nieuwe samenstelling van de raad. In het verleden blokkeerden specialisten wel eens een advies. Het was terecht dat ze vochten voor hun sector, maar dat had voorkomen kunnen worden door eerder een dieper debat over de positie van de kunst te voeren.

“Ik stap er blanco in. Ik ga mijn nieuwe collega's ook niet vertellen hoe het vroeger was. De vaste staf van de raad zorgt wel voor de continuïteit.“