Haat jegens de family values van de pinguïn

Ik had mezelf erop voorbereid dat ik wel eens teleurgesteld kon worden. Een film waar heel Amerika mee dweepte als lichtend voorbeeld van family values, daar moest wel iets mis mee zijn. De regisseur had dan wel gezegd nogal verrast te zijn dat zijn werk werd beschouwd als indirect bewijs voor Intelligent Design, maar konden miljoenen Amerikanen zich zó vergissen?

Aan de andere kant, wat kon er eigenlijk mis gaan aan een documentaire over pinguïns? Sinds ik als kind op televisie voor het eerst pinguïns van een rots het water in zag springen, eerst nog wat flappend met die malle vleugeltjes van ze, dan recht omlaag, alsof ze van een flatgebouw afstapten, ben ik verrukt van de beestjes. Belachelijk zijn ze, en prachtig. Bestaat er een leukere vogel dan de pinguïn? Nee, die bestaat niet. Bestaat er een romantischer wildernis dan Antarctica? Vast wel, maar met plaatjes van onherbergzame, uitgestrekte sneeuwvlakten, rotsen en ijsbergen kun je mij altijd naar de bioscoop lokken. Zeker in december.

Zodoende negeerde ik de miljoenen Amerikanen, en toog naar March of the Penguins . En teleurgesteld werd ik. Ja, miljoenen Amerikanen kunnen zich vergissen. En ja, er moest wel iets mis zijn met de film. Het begon al met de muziek. Semi-modern instrumentaal gepingel, lijkt het, totdat een stemmetje begint te zingen, iets dat klonk als als “It's cold here'. Madonna werd ooit omschreven als “Mickey Mouse op helium'. Dit stemmetje is “Madonna op helium'. De hele film door blijft de muziek aan- en afzwellen, en op passende momenten zet het helium-stemmetje liefdesliedjes in. Mochten we niet doorhebben dat de pinguïns schattig zijn, dan is er dat schattige stemmetje om ons er op te wijzen. En de stem van Urbanus (Belgisch accent - ook schattig) mag ons nog eens in gewoon Nederlands vertellen over de “warme liefde' en het “ondraaglijk verdriet' van de pinguïns. Want “eigenlijk zijn pinguïns net zoals mensen“, zoals hij zegt.

Met het schattigheidsgehalte nam ook het vertederd gekreun en gekreet uit het publiek toe, naar het scheen vooral van aan lege-nest syndroom lijdende oudere stellen die de aanbiddelijke pinguïnkuikens en roerende ouderlijke zorg (warme liefde!) luidkeels van goedkeurend commentaar voorzagen. Allengs begon ik een kille haat op te vatten voor de koddige diertjes en hun epische waggeltocht over het ijs, en stiekem te hopen op een cynische plotontwikkeling met bijvoorbeeld uitgehongerde poolreizigers die er eentje aan het spit zouden rijgen.

De beesten treft natuurlijk geen blaam. Zij kunnen het niet helpen dat er hier een blik Disney-emotie wordt opengetrokken. Ze kunnen het evenmin helpen dat ze worden ingezet door de anti-abortuslobby en rechtse conservatieven in Amerika als boegbeeld van christelijke waarden, ja, als de Stem van God. Op de website www.lionsofgod.com, van een religieuze organisatie uit Ohio die uitjes naar de bioscoop organiseerde, konden kijkers een formulier downloaden om mee naar de film te nemen en “op te schrijven wat God tegen je zegt, wanneer hij het tegen je zegt. Zaklamp en pen worden uitgedeeld.' Op andere sites en in tijdschriften werd aangevoerd dat de film een bewijs was voor Intelligent Design, “de schoonheid van het leven' en dus het gelijk van de anti-abortuslobby, en christelijke family values. “Het is The Passion of the Penguins“, aldus de conservatieve criticus Michael Medved, in een verwijzing naar The Passion of the Christ , “een film die hartstochtelijk traditionele waarden bevestigt als monogamie, opoffering en het grootbrengen van kinderen“.

Leuk, natuurlijk: niemand kan “traditionele waarden' of de theorie van Intelligent Design zo goed in diskrediet brengen als de aanhangers van “traditionele waarden' en Intelligent Design zelf. Met zulke medestanders heb je geen tegenstanders meer nodig. Als de film ergens al het bewijs voor is, dan is het wel evolutionaire aanpassing. Of Stupid Design. Honderd kilometer waggelen over het ijs om één ei te leggen bij temperaturen van 60 onder nul, dan vier maanden te moeten stilstaan in de kou terwijl je partner terugwaggelt om wat te eten te zoeken? Zeker dezelfde designer als van die ijshal in Duitsland. Of van Abu Ghraib. Of Kolyma.

Leuk is ook de wetenschap dat pinguïns allesbehalve monogaam zijn, en er nogal eens homoseksuele relaties op na houden. En ronduit komisch is de selectiviteit van de christenfundamentalisten bij het uitkiezen van hun natuurlijke inspiratiebronnen. Uitsluitend katholieke dieren, om met Reve te spreken. Waarom nemen we niet een voorbeeld aan de natuurlijke instincten van, zeg, onze huiskat? De hele dag liggen slapen, uren heerlijk spelen met nog levende muisjes en vogeltjes, en nestjes kittens werpen van wel drie verschillende vaders tegelijk? Waarom zien we geen inspiratie in de family values van de bidsprinkhaan?

Toch is het niet het rabiate antropomorfe hineininterpretieren van rechts Amerika dat mij tegenstaat aan March of the Penguins. Wat

mij tegenstaat is het mensbeeld dat ook een heel gewoon Amsterdams bioscooppubliek in de film meent te herkennen, een mensbeeld dat ze kreetjes van verrukking en vertedering ontlokt. Het is alleen een bepaald soort dier dat zich leent voor een dergelijke identificatie, een Disney-dier. Omgekeerd laten we iedere identificatie met mensen varen zodra ze teveel op de verkeerde diersoort gaan lijken. De menselijke roofdieren en kakkerlakken in Darwin's Nightmare, met afstand de beste documentaire van het afgelopen jaar, lieten het keihard zien. Er zijn geen miljoenen Amerikanen naar Darwin's Nightmare gaan kijken; wel werd March of the Penguins door het American Film Institute bekroond als een van de zes “momenten van belang' van 2005, vanwege “zijn universele boodschap: de behoefte om deel uit te maken van een gemeenschap die voor elkaar zorgt'. Hoe geruststellend, hoe zelfingenomen om ons te spiegelen aan een dier dat de barre natuur als ergste vijand heeft, en niet de eigen soort.

Corinne Vloet

    • Corine Vloet