Een man heeft recht op een beetje vrouwenhaat

Dat je vrouwen doodt en aan haken in een geheim kamertje van je kasteel verbergt, valt niet goed te praten. Maar zo letterlijk moet het sprookje misschien niet worden opgevat en dan is het kasteel van Blauwbaard wel een bezoek waard.

Haar vriendinnen hebben mijn reisgezellin gewaarschuwd, voor de tocht naar het kasteel van Blauwbaard: pas maar op dat je niet het loodje legt. Blauwbaard is mijn favoriete sprookje, al sinds ik het in een album ten huize van mijn grootmoeder las, met de fraaie gravures van Gustave Doré. Toch lang niet meer aan gedacht, totdat een vriendin van vroeger, verwijzend naar mijn frequente wisseling van levenspartner, mij voor Blauwbaard uitmaakte. Uit recalcitrantie heb ik toen besloten, dat Blauwbaard mijn sprookje zou blijven.

Natuurlijk - dat je vrouwen doodt en aan haken in een geheim kamertje van je kasteel verbergt, alleen maar omdat ze hun nieuwsgierigheid niet kunnen bedwingen en - tegen je instructies in - toch met alle geweld in dat kamertje willen kijken - dat valt niet goed te praten.

Maar zo letterlijk moet een sprookje niet worden opgevat, houd ik mezelf voor. Een man heeft recht op een heel klein beetje misogynie, en tenslotte is het waar dat vrouwen soms irritant nieuwsgierig kunnen zijn, ook naar de dingen die je liever achter wellevendheid of discretie had willen verbergen. Aan de andere kant: als iedereen altijd maar wellevend en discreet was, maakte ik nooit wat mee. Nou ja, aan alles zijn twee kanten. Blauwbaard vertegenwoordigt één zo'n kant. Hij is dus wel een bezoekje waard.

Eigenlijk had ik verwacht dat de bedevaart ergens naar een plek op de Balkan zou voeren, toen ik me voornam naar Het kasteel van Blauwbaard te reizen. Tenslotte kwam Dracula, ook al zo'n overdrijver, ook uit die woeste streken. Maar nee - het kasteel van mijn held, die geënt is op de vijftiende-eeuwse edelman Gilles de Rais, ligt in het Franse stadje Tiffauges tussen Angers en Nantes.

Wat er van over is dan: het is meerdere malen verwoest en weer opgebouwd in talrijke oorlogen die deze streken teisterden in de tijd dat het in heel Europa nog de Balkan was. De genadeslag kwam na de Franse revolutie, toen de meeste stenen werden verkocht aan bouwlustigen in de omgeving. De overgebleven ruïnes kunnen zich, toeristisch gesproken, moeilijk meten met de talrijke goed bewaarde burchten en lusthoven die hier vlakbij langs de Loire staan.

Vandaar dan ook dat de plaatselijke gemeenteraad, toen vijftien jaar geleden de laatste boer die de ruïne als boerderij in gebruik had zonder erfgenamen overleed, meteen begreep dat er iets georganiseerd moest worden om de attractie meerwaarde te verlenen. Er kwam een openluchtspel waarin de nadruk valt op nagebouwd middeleeuws wapentuig: ingenieuze, enorme katapulten waarmee overmaatse keien of met de pest geïnfecteerde lijken een belegerde burcht binnen geschoten konden worden.

De tijd dat de bejaarden van Tiffauges zich, in opdracht van de gemeenteraad, enthousiast aan het naaien van historische kostuums zetten en op vrijwillige basis in het openluchtspel optraden, ligt achter ons - vertellen twee habitués van de Bar des Sports, met spijt in de stem. Het monument is tegenwoordig in handen van de regionale overheid, de Conseil Général de la Vendée. De Franse vakbonden zouden het niet pikken dat er amateurs in deeltijdbetrekking zouden optreden.

`Het kasteel van Blauwbaard`, staat het monter op de wegwijzers in de omgeving van Tiffauges, maar als je er eenmaal bent, merk je eigenlijk verbazend weinig van het beroemde sprookje - al staat het donjon vanwaar zuster Anna de horizon afspeurde “of zij al iets zag komen`` nog deels overeind. De folder van het kasteel van Tiffauges zegt over Gilles de Rais enigszins besmuikt dat deze “nog heden ten dage bewondering, vermengd met vrees`` oproept.

Het is wel duidelijk waar deze discretie vandaan komt. Charles Perrault, die in de zeventiende eeuw het sprookje Blauwbaard voor het eerst optekende, heeft van hem een man gemaakt die een probleem had met vrouwen. Maar Gilles de Rais had helemaal geen probleem met vrouwen. Die is in 1440 in Nantes om heel andere redenen veroordeeld en terecht gesteld. Rais was een pedoseksueel die hier en op zijn andere kastelen minstens 140 kinderen seksueel heeft misbruikt, aan stukken gereten en vervolgens postuum weer misbruikt.

Dit gegeven verleent aan deze toeristische attractie en het daar opgevoerde openluchtspel iets heel dubbelhartigs. Dat Rais als medestrijder van Jeanne d'Arc meehielp Orléans voor de Franse koning op de Britten te veroveren? Geen probleem: de demonstratie middeleeuws wapentuig is daarop geïnspireerd. Ook een andere aanklacht uit het proces van 1440, waarover uitvoerige schriftelijke bronnen bestaan, levert voor het hedendaags gemoed geen probleem meer op: door de kerk verboden alchemie, gericht op het maken van goud, waarbij Rais de duivel placht aan te roepen. In een keldertje van de ruïne wordt deze kant van de edelman herdacht door een korte eenakter. De toeschouwers moeten beloven over de inhoud daarvan niets naar buiten te brengen. Maar ik kan hier wel verklappen dat men het maken van goud langs chemische weg volledig onder de knie heeft.

Dat Rais` seksuele voorkeuren zich minder lenen voor een tableau vivant in het openluchtspel, daar kun je je wel iets bij voorstellen. Toch is het jammer dat de regisseur er dan ook maar meteen van heeft afgezien, iets te doen met de bruiden en het geheime kamertje uit de sprookjesversie van de edelman.

De bezoeker moet het doen met enkele terloopse aanwijzingen van de gids. Aan de buitenkant van het donjon is een stenen trap zichtbaar, waarlangs de arme schapen ter slachtbank werden geleid. In een pilaar van de crypt van de kapel is een kinderkopje uitgehouwen, dat naar de grond lijkt te kijken. Er is wel eens overwogen hier naar beenderen te graven, maar het gevaar is te groot dat dan de hele crypt instort.

“Erg veel te zien viel er niet``, zegt mijn reisgenote, als we na afloop teruglopen naar de Bar des Sports. Zij acht het tekenend voor het vrouwonvriendelijk karakter van de dominante cultuur, dat een gebeurtenis waarin kinderen het haasje waren, een sprookje is geworden waarin vrouwen het slachtoffer zijn.

Van een filosofisch gesprek over de spanningen tussen man en vrouw komt dus weinig terecht - verdrongen als deze materie wordt door de nagedachtenis aan een pedoseksuele serial killer. Misschien kan ik mijn achterdocht jegens vrouwen voortaan maar beter in stilte belijden.

    • Raymond van den Boogaard