Calais is nog steeds een magneet

Steeds vaker voert de politie in Calais illegale immigranten af naar opvangcentra elders in Frankrijk. De meesten keren echter binnen enkele dagen terug naar Calais, wachtend op de oversteek naar het beloofde land.

Illegal immigrants demonstrate 04 January 2006 in Calais, northern France, asking for their regularization and denouncing their numerous interpellations. A year has passed since the Red Cross centre at Sangatte, near Calais, temporary home to tens of thousands of would-be immigrants to Britain, closed its doors but up and down the coast of northern France the traffic in humans continues. The Sangatte centre, which took in 68,000 foreigners in three years, was a source of acrimony between Paris and London, which accused France of turning a blind eye to illegal immigration. It has been demolished since the closure on November 5, 2002, and local authorities say the numbers of immigrants detained in the Calais area has dropped by four fifths. AFP PHOTO FRANCOIS LO PRESTI AFP

Een middagmaal van honderdvijftig broodjes hebben de vrijwilligers in Calais vandaag klaargemaakt voor de clandestiene migranten die naar Groot-Brittannië willen. Rijkelijk veel, zo blijkt als ze om twee uur beginnen met uitdelen, vanuit een bouwkeet aan een braakliggende kade.

Als Ahmed Osma (20), Haj Ahmed (19) en Omar Ali (17) uit Eritrea uit de linkerrij komen, stoppen ze hun plastic zak onder hun jas en rennen lachend naar de rechterrij voor een tweede maal. “De mensen hier zorgen goed voor ons“, had Haj eerder al gezegd, nadat hij vergeefs had geaasd op een plekje in de bus van de Secours Catholique, die douches voor illegalen verzorgt.

Jacky Verhagen kijkt laconiek toe naar de kwajongenssfeer rond de etenskeet. “Ze hebben groot gelijk“, zegt de enige betaalde kracht van La Belle Etoile, de vereniging die de middagmaaltijden in Calais doet. Het is volgens hem nu eenmaal “steeds moeilijker in te schatten hoeveel broodjes je moet bestellen“, sinds de politie met grotere regelmaat groepen migranten oppakt en afvoert naar opvangcentra in andere provincies. Maar ze komen allemaal weer terug, binnen twee of drie dagen.

Want Calais blijft een magneet, een verstopte flessenhals in de illegale immigratie in Europa. Ahmed, Haj en Omar zijn hier nu twee maanden, maar hun beloofde land ligt aan de overkant van het Kanaal, in het Verenigd Koninkrijk. ,,Het is alleen bijna onmogelijk om er te komen“, grijnst Ahmed. Zoals alle migranten slapen ze ondertussen op straat, of in de bossen rond Calais.

De “jungle“, noemen de jongens uit Pakistan, Afghanistan en - steeds vaker - Oost-Afrika die je in Calais tegenkomt, die bossen. Ze hebben er hutten gebouwd, en beschuttingen van takken en zand. Hier en daar zijn holen.

Opvang van de illegalen is een pijnlijk thema in Calais. Drie jaar geleden sloot de Franse regering het omstreden opvangcentrum Sangatte bij Calais. Daar sliepen dagelijks 1.600 migranten in een hangar, op zoek naar een doorgang naar de overkant. In 2002 werden 97.000 illegale Kanaalreizigers onderschept. Zonder Sangatte zijn vorig jaar nog ruim 22.000 illegalen gearresteerd tijdens de oversteek.

Minister van Binnenlandse Zaken Sarkozy, drie jaar geleden zelf verantwoordelijk voor de sluiting van Sangatte, noemt de situatie nu “niet vergelijkbaar“ met toen. Volgens de autoriteiten zwerven nu dagelijks “een paar honderd“ immigranten door Calais. Hulpverleners spreken van een aantal dat sinds twee jaar varieert tussen tweehonderd en vierhonderd in Calais, plus tientallen in omliggende gemeenten. De file naar Groot-Brittannië is dus met ruim twee derde verminderd, maar niet weg.

Ook het debat over de opvang is niet voorbij. Na de sluiting van Sangatte ontstond in Calais een netwerk van vrijwilligers om te voorzien in maaltijden, douches en eerste medische zorg voor de overgebleven migranten. Drie jaar later zijn de die vrijwilligers er nog steeds. “Wij zijn de zwarte pukkel op de neus van Sarkozy“, meent Monique Delannoy, een verpleegster die vrijwel dagelijks na haar ronde langs haar patiënten in de regio naar Calais komt. “Dat wij nog bestaan is het bewijs van zijn mislukking.“ Veel vrijwilligers vragen vragen inmiddels om nieuwe overheidsvoorzieningen.

Maar trekt meer hulp niet meer migranten aan? Jacky Verhagen gelooft er niets van. “Dacht je dat ze in Irak weten dat je in Calais tussen de middag een broodje krijgt?“ Delannoy lacht even, maar zegt dan stellig: “Natúúrlijk weten ze dat.“ Alleen maakt het niets uit, meent zij, want de migratie is geen probleem van Calais, maar van de hele wereld. “Als we niets doen komen ze ook.“

Dat gelooft de bisschop van Arras, Jean-Paul Jaeger, ook. Vorige maand trok hij de aandacht met een open brief aan minister Sarkozy. Je kunt migranten willen weren, meent hij, maar Frankrijk “doet alsof ze niet bestaan“. En dat is in strijd met een “menselijke“ houding. Hij eiste “maatregelen“.

Maar welke? In een sober kamertje van zijn bisschoppelijk paleis in Arras spreidt Jaeger de handen. Hij wil zich niet al te veel met het politieke beleid bemoeien, maar “het strikte minimum“ lijkt hem “een plaats waar migranten worden ontvangen en hun wordt uitgelegd dat ze beter niet meer kunnen komen“. Om slaapplaatsen vraagt hij niet. ,,Niemand wil een nieuw Sangatte.“

Want de daling van het aantal migranten sinds 2002 laat volgens de bisschop wel degelijk zien dat de minister “ grotendeels gelijk heeft gehad“ met de sluiting van Sangatte. Hoe beter de opvang, hoe meer migranten, erkent Jaeger. “Maar als je die redenering radicaal doorvoert, ontstaat een onmenselijke en gevaarlijke situatie.“ De bisschop vergelijkt de situatie met skiërs die zich buiten toegestane pistes hebben gewaagd. ,,Het mag niet, maar daarom kan je nog niet zeggen: sterf dan maar.“

Sterfgevallen zijn er deze winter niet geweest onder de migranten op straat. Jaeger heeft zijn brief ook geschreven omdat hij tekenen ziet van uitputting van de vrijwilligers, vertelt hij. En uit irritatie over de “pesterijen“ die zij ondergaan. Zo wordt sommigen verweten dat zij migranten onderdak hebben geboden. Twee vrijwilligers zijn veroordeeld tot geldboetes omdat zij de politie beledigd hebben op een website.

In het kleine en kale huis van de Secours Catholique in Calais is van uitputting bij de vrijwilligers weinig te merken. Het is vermoeiend, maar ze houden het voorlopig nog wel vol, zegt de een na de ander. De autoriteiten zijn “blij dat wij er zijn“, zegt Monique Delannoy, “want wij kanaliseren de problemen“. Zij biedt regelmatig onderdak aan migranten, maar is daarvoor niet vervolgd. “Maar ik help alleen zo als ze in Frankrijk asiel willen aanvragen“, zegt ze erbij. Ze wil niet in verband worden gebracht met mensensmokkel. Delannoy hoopt op dat links over twee jaar de verkiezingen wint. Ze denkt dat zij haar tijd dan misschien anders kan gaan besteden.

Ahmed Osma, Haj Ahmed en Omar Ali vertrouwen erop dat ze dan allang in Groot-Brittannië zitten. Ze hadden inderdaad in Eritrea al gehoord van de opvang in Calais, vertelt Haj. Maar zonder broodjes waren ze ook gekomen, verzekert hij. Hulp is er altijd, knikt hij kort naar boven. “God is er ook nog“, bevestigt zijn vriend Ahmed.

    • René Moerland