Engelen te koop

Ik viel meteen voor de ram met de guirlande van bladeren. De adelaar was te nors. De leeuwenkop te klein. De sfinx met de volle boezem was al vergeven.

Deutschland, Berlin: Lange Bruecke und Koenigliches Schloss Kolorierter Stahlstich von Joseph Maximilian Kolb nach einer Zeichnung von Karl Wuerbs um 1850 ullstein - histopics

In een winkel in Berlin Mitte worden delen van façades aan de man gebracht. Façades van een paleis. Ballustrades, kapitelen, wapenschilden, engelen, poorten. Voor elk façade-element, uitgevoerd in Reinhardtsdorfer Sandstein, wordt een sponsor gezocht. Ook voor eenvoudige gevelstenen. Voor 50 euro kun je eigenaar worden van eenvijfde steen.

De behoefte aan geldschieters is groot. In 2003 besloot de Bondsdag dat aan het einde van boulevard Unter den Linden, op de plek waar ooit het Berliner Schloss stond, een gebouw mag verrijzen met de afmetingen van het oorspronkelijke paleis. De gevels van het Schloss vormden een rechthoek van 193 bij 162 meter. Daar kan men heel wat versierselen op kwijt. De façade van de nieuwbouw mag een reconstructie worden, beslisten de parlementariërs, maar dan wel uit giften betaald.

Het paleis was ooit het hart van Berlijn. Keurvorst Frederik II, bijgenaamd Eisenzahn, liet in 1443 aan de Spree een kasteeltje bouwen. De stad groeide er vervolgens omheen. Het stratenplan werd zo ontworpen dat de belangrijke assen naar het Schloss voerden. Gedurende vijfhonderd jaar werd er steeds weer aan het gebouw gesleuteld. De bouwmeesters Andreas Schlüter en Johann Eosander von Göthe maakten er aan het begin van de achttiende eeuw een kolossaal barok pronkstuk van.

Na de Eerste Wereldoorlog nam de laatste bewoner, keizer Wilhelm II, de wijk naar Doorn. In de Tweede Wereldoorlog werd het paleis zwaar beschadigd. De communisten bliezen de restanten vervolgens op en lieten het puin wegvoeren. Zo ontstond in het historische en geografische hart van de stad een intimiderend gat. Dat gat is er nog steeds. En het is hoog tijd dat het wordt opgevuld.

Ook mensen zonder pleinvrees voelen zich op de Schlossplatz onbehaaglijk. De omliggende gebouwen zijn ver weg. De Berliner Dom lijkt bij gebrek aan buren wanstaltig groot. Boulevard Unter den Linden verdwijnt hier in het niets: een kerstboom zonder piek. Het hart van Berlijn is een gat dat je daadwerkelijk kunt voelen.

De communisten probeerden de vlakte ook al in bezit te nemen. Met een ministerie voor Buitenlandse Zaken, dat al lang is afgebroken. En met een paleis voor het volk, de Palast der Republik, een kruising tussen parlementsgebouw en vrijetijdscentrum. Een rechthoek van beton, staal en goudkleurig spiegelglas. Boven de ingang prijkten pontificaal hamer en sikkel, het embleem van de DDR. Binnen waren cafés, een theaterzaal, een bowlingbaan en een sauna voor 90 bezoekers. Interieur en beton werden in de jaren negentig verwijderd. Asbest. Sindsdien wacht het skelet van glas en staal op zijn definitieve einde. Het is vies geworden. Een onding achter hekwerken. Omzoomd door onkruid. Als je er langs loopt wil je meteen je handen wassen.

Lang kan het niet meer duren. De stad wees eind vorig jaar een sloper aan. Deze maand zal een Bondsdagcommissie zich nog één keer over de kwestie buigen. En dan komt, zegt iedereen, de slopershamer. Maar zoiets weet je in Berlijn nooit zeker. Er wordt al vijftien jaar over de toekomst van het DDR-paleis gediscussieerd. Sommige Oost-Duitsers hechten er aan uit melancholie. In het paleis werd immers ook gedanst en gefeest. Anderen vinden afbraak een schande uit historische overwegingen: hier zetelde per slot van rekening een parlement.

Daar staat tegenover dat de staat die bij dat parlement hoorde niet bijster geliefd was en op een dag met een feestelijke implosie verdween. Bovendien zijn er in de omgeving andere herinneringen aan de DDR. Achter het paleis staat een standbeeld van Marx en Engels, ernaast staat het gebouw van de staatsraad. (Nu een business-school). Hoog boven paleis en stad torent de geliefde Fernsehturm.

Kunstenaars hebben het onttakelde Palast ontdekt als expositieruimte. Een briljant idee. Kunst tussen roestige steunberen, tussen lege bakken waarin ooit roltrappen liepen. Kunst in een enorme, donkere, ijskoude hal. In het najaar zwiepte er een kroonluchter boven ijsschotsen en herinnerde de sculptuur van een bloederige mammoet onverbiddelijk aan vergankelijkheid. Dat paste mooi. Een symbool van vergankelijkheid in een stervend gebouw.

Waar nu de avant-garde heerst, moet straks dus een immens gebouw verrijzen dat naar Pruisische tijden verwijst. Dat is, fulmineren tegenstanders met een akelig Duits scheldwoord, rückwärtsgewandt. Op het verleden gericht. Conservatief.

Maar replica's zijn overal. Het paleis in Warschau is een kopie, net als het klooster van Monte Cassino of de Campanile in Venetië. Niet elk gebouw is een replica waard, maar er zijn genoeg voorbeelden van geslaagde reconstructies. De onlangs opgeleverde Frauenkirche in Dresden is een bewijs dat uit verloren gewaande gebouwen een nieuw kunstwerk kan ontstaan met een eigen bestaansrecht. De nieuwe Frauenkirche is weliswaar een kopie van de kerk die na het bombardement in februari 1945 ineen zeeg, maar het is niettemin een adembenemend bouwwerk.

Uiteraard heeft de Frauenkirche een andere symbolische lading dan het Berliner Schloss. De kerk staat voor vrede en wederopbouw, voor de herrijzenis van een stad. Het paleis heeft die hooggestemde positieve lading niet. Keurvorsten en keizers hebben in Duitsland al lang niets meer te zoeken, maar een verwijzing naar vijfhonderd jaar geschiedenis van stad en land kan geen kwaad.

Niemand is van plan die vorsten van weleer nog te vereren met balzalen en bladgoud. Dat zou absurd zijn. De gevels worden gereconstrueerd, niet het interieur. Achter de façades moeten musea, restaurants, een bibliotheek en een hotel worden ondergebracht, het Humboldtforum. Een prachtige aanvulling op het belendende Museumsinsel en een waardige verwijzing naar de ontstaansgeschiedenis van Berlijn.

Er is nog een klein probleem. De financiering van de nieuwbouw is nog niet rond. Architecten en kunstenaars willen het DDR-paleis daarom behouden totdat met de nieuwbouw wordt begonnen. Waarom niet? Maar uiteindelijk moet het gat in het stadshart worden gedicht. Met wetenschap en kunst, achter historische gevels.

www.berliner-schloss.de , www.palast.com

    • Michel Kerres