Koester het erfgoed van Wim Duisenberg

Politici in de eurozone moeten zich onthouden van invloed op het monetaire beleid omdat dan laksheid op de loer ligt, waar prijsstabiliteit een vereiste is, meent Melvyn Krauss.

Het ziet ernaar uit dat 2006 een beslissend jaar wordt voor de Europese Centrale Bank (ECB). Het laatste wat deze bank kan gebruiken is een eigenmachtig optredende president wie het aan collegialiteit ontbreekt, die geen greep heeft op de raad van bestuur van de Bank en die afzonderlijke akkoorden sluit met politici. Maar dat is precies wat het nieuwe jaar in petto zou kunnen hebben als de huidige president van de ECB, Jean-Claude Trichet, voortgaat op de weg die hij in december is ingeslagen, toen de bank, na de rente tweeënhalf jaar op een uitzonderlijk laag niveau te hebben gehouden, zich aan een verhoging van niet meer dan 25 basispunten waagde.

Trichets eerste inbreuk op de collegialiteit vond in dit geval plaats nog vóór de decemberbijeenkomst van de raad van bestuur, namelijk toen hij de ongekende stap nam om van tevoren zowel de renteverhoging aan te kondigen als mee te delen dat verdere verhogingen niet werden voorzien. Volgens ettelijke goede bronnen had de raad van bestuur deze vooraankondigingen niet goedgekeurd. Maar in plaats van de president in verlegenheid te brengen besloot de raad liever Trichets overschrijding van zijn bevoegdheden door de vingers te zien. Gewaardeerd werd ze echter niet.

Wat de raad evenmin beviel was de wijze waarop Trichet optrad tegenover de ministers van Financiën van de eurozone die de ECB onder druk zetten inzake de renteverhogingen. Anders dan zijn voorganger, Wim Duisenberg, die de beroemde woorden sprak ,,Ik hoor de politici wel, maar ik luister niet“, heeft Trichet met zijn optreden in december laten zien dat hij hoort én luistert.

Instinctmatig en door zijn culturele achtergrond neigt hij naar de opvatting dat de bank bij zijn besluitvorming rekening moet houden met de overwegingen van politici. ,,Hij probeert enerzijds rekening te houden met de politieke druk en anderzijds een goede centrale bankier te zijn“, heeft een invloedrijk lid van de raad anoniem verklaard. ,,Bij Trichet hebben de politici beslist een stem in ons monetaire beleid.“

Dat is een hoogst ongunstige ontwikkeling. Om te beginnen zal de invloed van de politici de kant opgaan van monetaire laksheid, wat natuurlijk al ernstig genoeg is voor een bank die allereerst voor prijsstabiliteit te zorgen heeft. Deze laksheid zal bovendien een obstakel vormen voor de structurele hervormingen die noodzakelijk zijn om in een concurrerende wereldeconomie de Europese welvaart te behouden.

Meer en meer beschouwen Europese politici overmatige liquiditeit en economische hervormingen als uitwisselbaar: hoe meer de bank toegeeft op het punt van de liquiditeit, hoe minder politici zullen hervormen. Duisenberg onderkende deze koppeling en hield zijn poot stijf. De schamele renteverhoging van de ECB in december, gevoegd bij de slappe toezegging dat er verder geen plannen zijn voor een streng monetair beleid, laat zien dat Trichet geen Duisenberg is.

De Europese ministers van Financiën hebben een slim spelletje gespeeld met de ECB. Ofschoon de politici zich al hadden neergelegd bij de verhoging met 25 basispunten, verzetten zij zich er met groot misbaar tegen, om te voorkomen wat zij werkelijk vreesden en wat beslist meer gewettigd was: een verhoging met 50 basispunten, plus de waarschuwing dat het daarmee nog niet afgelopen was.

Hun strategie heeft gewerkt. Jean-Claude Juncker, de minister van Financiën van Luxemburg, verklaarde na de bijeenkomst in december diplomatiek dat ,,het resultaat slechter had kunnen zijn“.

Zelfs de markten tuinden erin: zij gaven de ECB een hoog cijfer voor zijn onbeduidende renteverhoging. Na de verhoging is de inflatieverwachting, zoals af te lezen aan bepaalde marktinstrumenten, zelfs gedaald, wat een blijk is van toegenomen vertrouwen dat de ECB de druk op de prijzen in de hand zal houden.

Hoe hebben de ministers van Financiën dit voor elkaar gekregen? Het antwoord is van een ontmoedigende eenvoud: zij hadden een geheim wapen: Jean-Claude Trichet. Ondanks het feit dat Trichet op de bijeenkomsten van de raad van bestuur in oktober en november zeer scherpe waarschuwingen had afgegeven over de gevaren voor de prijsstabiliteit, vroeg hij, toen het moment van handelen daar was, geen sterkere maatregelen tegen die gevaren dan 25 basispunten en geen toekomstige verhogingen. ,,Wie heeft, met zo'n vijand, nog vrienden nodig?“ zullen de ministers van Financiën hebben gedacht.

Enkele leden van de raad, die ontevreden waren over Trichets slappe optreden op de persconferentie in december, hebben kort daarop hun ongenoegen gelucht via de pers. Zo heeft Axel Weber, de president van de Bundesbank, in een interview met de Frankfurter Allgemeine Zeitung duidelijk gemaakt dat toekomstige verhogingen een zeer reëel vooruitzicht zijn. De termijnmarkten hebben toen snel voor maart een volgende verhoging met 25 basispunten op de kaart gezet. De consensus waarop Trichet zich op de persconferentie in december beriep, bestond eenvoudigweg niet.

Nu onder druk van de recente gebeurtenissen de hoop op leiding door Trichet vervliegt, is het niet verwonderlijk dat in Frankfurt heimwee te bespeuren valt naar Wim Duisenberg, zelfs bij zijn vroegere critici. Duisenbergs grote talenten - die door zowel de pers als het publiek werden onderschat - waren precies wat velen missen bij Trichet: toegewijde collegialiteit, oprechte inzet voor een consensus in een lichaam dat naar verdeeldheid neigt en, in Trichets eigen woorden: ,,een uitzonderlijke bekwaamheid om in enkele uiterst veeleisende en buitengewoon vijandige situaties het hoofd koel te houden“.

Duisenberg begreep met name heel goed dat voor Europa's hoogste monetaire autoriteit ál te nauwe betrekkingen met politici buitengewoon gevaarlijk waren, vooral in een tijd waarin de Europese ministers van Financiën economische hervormingen en overmatige liquiditeit als feitelijk gelijkwaardig beschouwden.

Wim Duisenberg is vorig jaar overleden, maar zijn waarden, zijn opvattingen en zijn wijsheid mogen niet mét hem sterven. Nieuwjaar biedt een ideale gelegenheid voor Jean-Claude Trichet om stil te staan bij Duisenberg en zijn erfgoed, en te besluiten zijn eigen beleid en procedures daar nauwer op te laten aansluiten.

Melvyn Krauss is hoofdmedewerker aan de Hoover Institution van Stanford University.

    • Melvyn Krauss