Gewoon tentamen voor dyslecticus

Maandag begint de nieuwe tentamenperiode in het hbo en het universitair onderwijs. Een heel obstakel voor gehandicapte studenten, zeker voor studenten met dyslexie.

Extra tijd bij een tentamen is wat Maarten Zaane (21) uit Leeuwarden zou kunnen aanvragen vanwege zijn dyslexie. De vierdejaars student Bestuurskunde en Overheidsmanagement heeft er echter voor gekozen om de medische verklaring dat hij dyslexie heeft, niet te laten zien op school. “Het is nou niet iets waar je trots op bent. In de klas ben ik altijd vrij ad rem. Ik wil dan niet bij tentamens ineens extra tijd krijgen, omdat het anders niet lukt.“

Om toch binnen vier jaar af te studeren, heeft Zaane heel wat trucjes bedacht om door de leerstof te gaan. Bij groepsopdrachten doet hij het organisatorische werk en laat het schrijven aan een groepsgenoot over. Tijdens colleges probeert hij zo veel mogelijk te onthouden, zodat hij minder leeswerk hoeft te verrichten. “Ik lees bijna geen boeken, dat gaat gewoon te langzaam. Meestal alleen de samenvatting. Openboek-tentamens zijn voor mij een crime.“

Schrijven is iets waar student journalistiek Daniël van der Klei (23) uit Zeist minder goed onder uit komt. Hij wilde iets met radio of televisie doen, en wist niet dat hij veel zou moeten schrijven. Maar bij elke ingeleverde opdracht geldt puntenaftrek bij spelfouten. Ook voor Van der Klei, want hij heeft net als Zaane zijn officiële verklaring niet laten zien. Ook heeft hij geen begeleiding gezocht, wat achteraf gezien misschien toch wel verstandig geweest zou zijn, zegt Van der Klei. “Als ik er achteraan had gezeten, had niemand aan mijn schrijfstijl kunnen zien dat ik dyslectisch ben. Maar door gebruik te maken van extra tijd en hulpmiddelen, zou ik toch een ander diploma hebben dan mijn medestudenten. Ik wil op hetzelfde niveau zitten.“

Wanneer scholen meer aandacht aan dyslexie zouden geven en de mogelijkheden bij studenten beter bekend zouden zijn, zou de hulp voor studenten beter worden, meent Nel Hofmeester, coördinator van de Helpdesk Dyslexie van de Hogeschool Rotterdam. Zij won dit jaar met een project voor dyslexiestudenten de “impulsprijs', een beloning voor projecten ten behoeve van studenten met een beperking. “Er is nog een hele strijd te gaan. De erkenning van deze handicap gaat ontzettend langzaam, maar komt nu wel op gang. Veel talent gaat verloren omdat scholen er geen rekening mee houden.“

Ruim tachtig dyslectische studenten komen jaarlijks bij de helpdesk voor informatie. Daarnaast geeft Hofmeester voorlichting aan leraren. De reacties hierop zijn wisselend. “Sommige docenten herkennen het probleem en zijn oprecht geïnteresseerd, andere lachen dat alle studenten dan wel dyslectisch zullen zijn. Ook zijn er docenten die menen dat de studenten van universitair niveau zelf slim genoeg zijn om een oplossing te bedenken.“

Dat leraren soms zonder begrip voor de handicap kunnen zijn, weet Louis de Freitas (24) uit Rotterdam. Hij begon zijn middelbare school in een mavo/havo klas, maar werd naar de mavo gezet omdat hij de talen slecht beheerste. Daar kreeg hij van zijn leraar Nederlands te horen dat hij maar “iets met zijn handen moest gaan doen. Hij maakte klassikaal grappen over mijn schrijffouten.“ Op sociaal gebied was zijn dyslexie ook een handicap. “Ik werd als het domme jongetje uit de klas gezien, waarmee je niet omgaat.“ Uiteindelijk heeft De Freitas toch zijn havo-diploma weten te halen en studeert nu af in bedrijfseconomie.

Wat De Freitas geholpen heeft, is het softwareprogramma “Text aloud' dat hij via internet heeft opgespoord. Geschreven tekst wordt door de computer voorgelezen, zodat de student precies hoort waar de fouten zitten. Ook kan hij lesstof scannen die vervolgens voorgelezen wordt. Op de Hogeschool Rotterdam zit hij bij het Powerplatform, dat zich richt op alle studenten met een handicap. Hij probeert de school ervan te overtuigen dat deze software standaard aanwezig moet zijn. Dit schooljaar zal op alle computers van de hogeschool in Rotterdam dergelijke software worden geïnstalleerd voor dyslexiestudenten.

Zaane, De Freitas en Van der Klei hebben al een stage in het beroepsveld achter de rug. Van der Klei maakte bij RTV Utrecht radio-en televisie-items. Bij de stage van Zaane werd het spellingsprobleem gebagatelliseerd tot een algemeen probleem van huidige studenten. Ook De Freitas doorstond zijn stage, maar zat zelf erg met de hoeveelheid spelfouten die hij maakte.

Hoe studenten uiteindelijk zullen functioneren op de werkvloer, hangt af van de voorbereiding die ze op school hebben gehad, meent Hofmeester. “Op hogescholen zijn er veel stagesituaties, studenten aan de universiteit moeten er vaak zelf mee leren omgaan. Dyslectici hebben doorzettingsvermogen“, aldus Hofmeester.

    • Anneke Polak