Elke letter heeft zijn eigen kleur

De “R' is rood en het getal 1 is wit. Synestheten, maar ook “gewone' mensen associëren getallen en letters met kleuren. Hun voorkeuren komen opvallend vaak overeen.

De sterke associaties van letters met kleuren die sommige mensen (synestheten) hebben , zijn veelal niet willekeurig. Het gaat bovendien vaak om associaties die mensen zonder die ervaring ook hebben, al zijn ze minder hecht. Eerste letters van kleurwoorden blijken grote invloed te hebben op de associaties, maar ook de kleuren die traditioneel in rekenmethodes voor getallen werden gebruikt. Die rekenmethodes zijn een aanwijzingen dat veel van de associaties worden bepaald door “lijstjes' die geleerd worden tijdens de jeugd. Dat blijkt uit onderzoek onder 192 Australische synestheten en een overigens vergelijkbare groep van 50 niet-synestheten (Cognition, november).

Synesthesie is een psychologisch fenomeen waarbij twee zintuigelijke fenomenen onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Een extreem geval is de blokfluitiste die bij muzikale intervallen altijd óók een bijbehorende smaak proeft (zie Nature van 3 maart 2005). Het meest komt echter voor dat woorden of letters verbonden zijn met een kleur. Ook een vaste kleurassociatie bij weekdagen en maanden komt vaak voor. De Australische onderzoekers kwamen aan hun synestheten door een oproep in de krant The Australian. Op grond van de respons en het bereik van de krant waarin die oproep stond concluderen zij dat synesthesie bij ongeveer 1 op de 1.150 vrouwen voorkomt (0,087%) en bij 1 op de 7150 mannen (0,014%). Nattevingerwerk natuurlijk, maar niettemin ongeveer gelijk aan een Engelse schatting in een veel kleiner onderzoek uit 1996.

Van de 192 synestheten die de Australische onderzoeken benaderden na hun reactie op hun advertentie waren er 150 letter- en woordsynestheet. Deze grote groep mensen vulde twee maal een vragenlijst in over hun associaties, met drie maanden tussentijd om te controleren hoe onlosmakelijk die verbindingen tussen letters en kleuren zijn. De gemiddelde consistentie bleek 87% terwijl een controleonderzoek onder niet-synestheten met slechts een maand tussenpoos een consistentie van 26% te zien gaf.

Ondanks de grote variatie in associaties kwam daaruit een duidelijk en statistisch significant patroon naar voren: de letter R was bij maar liefst 36% van de synestheten rood (Engels: red), andere veelgenoemde “rode letters' waren de A met 36%, de M met 25% en de J met 17 procent), de letter Y bij 45% geel (yellow), de B was bij 31% van hen blauw (blue). En geheel volgens de verwachting was de P het vaakst vaak roze (pink, 13%) en werd de V door 18% als paars (violet) ervaren. Niet alle associaties sloten aan op de eerste letter: de O was vrijwel nooit oranje en de B vrijwel nooit bruin.

Sommige dominante associaties lijken bepaald door de dominante klank van het kleurwoord: 48% van de synestheten ervaart de I als wit (white).

Van de in totaal dertien significante kleur-letterassociaties zijn er er elf identiek aan de associaties die niet-synestheten uit de controlegroep noemden. Sommige associaties - zoals de witte W - zijn uniek voor de niet-synestheten. Bij getallen zijn een paar vaste combinaties haast nog krachtiger dan bij letters. Een ruime meerderheid van de synestheten associeert het getal 1 met wit (60%), een flink deel van de rest (20%) ervaart 1 als zwart. Bijna een kwart ziet 4 als rood en voor 10 procent is de drie roze. Andere significante kleurassociaties bij getallen zijn niet gevonden.

Bij de niet-synestheten ligt het bij cijfers anders, op de witte 1 na (bij hen 20%). Bij “gewone mensen' springt juist de gele 5 (20%), de blauwe 2 (38%) en de bruine 8 (28%) eruit.

    • Hendrik Spiering