Blangé speelt langs de lijn een beetje mee

Peter Blangé, coach van volleybalclub Nesselande, hield zijn ploeg in de aanloop naar het cruciale duel met het Belgische Roeselare een interessant betoog voor. Toen enkele spelers liepen te “klootviolen“ tijdens de training, sprak hij ze toe. Hij preekte over struggle for life, overlevingsdrang, iets wat in zijn ogen het verschil zou maken tegen Roeselare. Blangé had een vooruitziende blik. Nesselande won op karakter het Champions Leagueduel in Roeselare: 3-2 (25-19, 25-17, 19-25, 20-25 en 15-7).

Door dit resultaat houdt Nesselande uitzicht op een vervolg in het Europese bekertoernooi. De Rotterdammers strijden met het Spaanse Almeria van coach Bert Goedkoop en het Oostenrijkse Innsbruck om het resterende derde ticket in poule A. Roeselare en het Griekse Thessaloniki zijn al zeker van een plaats bij de eerste drie in de groep. Nesselande wacht nog een thuisduel tegen Innsbruck en een bezoek aan Thessaloniki. Nesselande staat nu derde en heeft alles in eigen hand. Blangé denkt dat beide duels gewonnen moeten worden om zeker te zijn van de derde plaats. Onmogelijk is dat niet volgens de oud-spelverdeler. “

Nesselande, degelijk en goed georganiseerd, is langzaam maar zeker aan het groeien naar het niveau dat coach Blangé voor ogen heeft. Hij wil de Champions League vóór 2008 winnen. In Nederland valt er maar weinig eer te behalen voor Nesselande. De club werd afgelopen twee seizoenen landskampioen en staat ook nu vier punten voor op DOC. Nesselande is Nederland ontstegen en toert voor de sportieve prikkels door Europa. Gisteravond deed de club Roeselare aan, dat geheel bestaat uit full-profs en al geplaatst was voor de volgende ronde. Nesselande had in Rotterdam dik gewonnen van de Belgen: 3-0.

Nesselande liet in de eerste twee sets uitstekend en gevarieerd volleybal zien, al was de tegenstand en interesse van Roeselare minimaal. Blangé stond telkens vlak langs de lijn om zijn formatie te voorzien van tactische informatie. “Zo speel ik toch nog een beetje mee“, lachte hij na afloop van het duel. Na de 2-0 leek het duel te kantelen. Roeselare, geholpen door het publiek in de uitverkochte sporthal (2.460 toeschouwers), leek plots de geest te krijgen en te beseffen dat het hier wel degelijk ging om een Europese topwedstrijd. Tot dat moment leverden de Belgen nauwelijks strijd.

Roeselare, waar in het verleden Ron Zwerver onder contract stond, speelde in de derde en vierde set met beduidend meer passie. Het internationale gezelschap van coach Dominique Baeyens kwam terug tot 2-2. In de beslissende vijfde set vervulden twee oudgedienden, de 37-jarige Marko Klok (37) en de 35-jarige Albert Cristina (ook oud-speler van Roeselare, red.), een grote rol. “Zij waren toonaangevend voor de strijdlust“, oordeelde Blangé na afloop. Zijn collega Baeyens was minder te spreken. “Beschamend. Dit is een wanprestatie van onze kant.“

Blangé benutte de persconferentie ook om zijn hart te luchten over de situatie rondom het mannenvolleybal. De toekomst ziet er niet rooskleurig uit. Het nationale team, dat tien jaar geleden goud won in Atlanta tijdens de Olympische Spelen, zit in een dal. Nederland wist zich afgelopen zomer niet te plaatsen voor het WK van 2006 in Japan en speelde daarna een bijrol op het EK in Servië-Montenegro, waar het elfde werd.

Blangé vindt het “onbegrijpelijk“ dat talenten al op jonge leeftijd in het buitenland gaan spelen. “Ik zeg: ga eerst investeren in jezelf, blijf tot je 25ste, 26ste in Nederland. Dán ken je alle basisprincipes van het volleybal en ben je rijp voor het buitenland. Ik snapte het spelletje ook pas toen ik dertig was.“ Hij neemt het zichzelf kwalijk dat hij er niet in slaagt de Nederlandse jongens ervan te overtuigen dat ze eerst moeten presteren in eigen land. Maar Blangé is de eerste om toe te geven dat de ambiance in de Nederlandse eredivisie weinig aansprekend is. Overwinningen van 3-0 in een slecht bezochte en sfeerloze sporthal zijn geen uitzondering. Gisteren betrad Nesselande een totaal andere wereld. Als teken van dank gingen er veel opgestoken duimen richting de ongeveer honderd meegereisde fans. Zij konden juichen, de ruim 2.000 andere toeschouwers dropen teleurgesteld af.

    • Jan Cees Butter