Banengroei onderschat

Economen discussiëren graag over de vraag wat eerst komt: groei of banen. Maar de economie van de eurozone geeft een vrolijk antwoord op deze traditionele kwestie: beide indicatoren gaan momenteel gelijk op. Het klinkt als een recept voor hogere winsten. Beleggers in aandelen zijn zich daar nog niet bewust van.

De daling van de Duitse werkloosheid met 0,2 procent in december werd ongetwijfeld geflatteerd door technische factoren, maar de nauwkeuriger cijfers van de Internationale arbeidsorganisatie (ILO) tonen eveneens aan dat er eindelijk banen worden geschapen in de grootste economie van de eurozone.

De PMI-index voor de maand december, die de stemming onder inkoopmanagers bij industriële bedrijven in de eurozone weergeeft, wees in dezelfde positieve richting. De index steeg niet alleen, maar voorspelt nu voor het eerst sinds mei 2001 méér werkgelegenheidsgroei in de industrie.

Het grootste structurele nadeel voor de groei in de eurozone - de betrekkelijk lome arbeidsmarkt - is voorlopig in een voordeel omgeslagen. De afgelopen 30 jaar zijn de Europese werknemers steeds minder gaan werken. Die inactieve werknemers vertegenwoordigen een groot groeipotentieel.

Dat potentieel wordt op dit moment verwezenlijkt, dankzij het cumulatieve effect van een hele reeks arbeidsmarkthervormingen. De hoeveelheid geschoolde werknemers is nog steeds groot genoeg om de werkgelegenheid en de groei voor meerdere jaren op een positief peil te houden.

Uiteraard volgen de aandelenkoersen de economische groei niet precies, maar de huidige dynamiek van de eurozone is ongebruikelijk opbeurend. De gedwongen terugkeer op de arbeidsmarkt van werklozen houdt de loondruk laag. Dat is een van de redenen dat de inflatie in de eurozone 2,2 procent bedraagt, tegen 3,5 procent in de VS. Voeg daar de onverwacht hoge groei van de vraag aan toe, en de winstgevendheid zou heel behoorlijk moeten zijn.

De stijging van de aandelenkoersen in de eurozone met 22 procent in 2005 toont aan dat beleggers zich langzaam bewust worden van de verbeterde omstandigheden. Maar het zou wel eens kunnen dat ze de ontwikkelingen nog steeds onderschatten. De meeste analisten verwachten een groei van de winsten van 10,7 procent, minder dan de 14,4 procent voor de VS. Bovendien ligt de koers-winstverhouding voor de eurozone 10 procent lager. Die korting lijkt aan de forse kant.

Edward Hadas

Voor meer commentaar uit Londen: www.breakingviews.com. Vertaling Menno Grootveld

    • Edward Hadas