Wederopstanding van de Rode Duivels

De Rode Duivels maken een vrije val op de wereldranglijst. Nooit eerder stond de Belgische nationale voetbalploeg zo laag gerangschikt: plaats 55. Toch is er voor het eerst sinds jaren reden voor optimisme.

Met René Vandereycken koos de Koninklijke Belgische Voetbalbond (KBVB) onlangs voor een dynamische bondscoach. Michel Preud'homme, voorzitter van de technische commissie van de KBVB, bedacht een plan om het jeugdbeleid te financieren. En staatssecretaris Van Weert zoekt met het door haar bedachte “open stadion model' aansluiting bij het Britse community-gedachtegoed. Het wachten is nu alleen nog op het groene licht van de KBVB, die door insiders vergeleken wordt met het Vaticaan en het Kremlin.

“Vandereycken natuurlijk! Vandereycken natuurlijk!' De populaire Vlaamse televisiecommentator Rik De Saedeleer schreeuwde het in april 1978 door zijn microfoon. René Vandereycken had net met een vlijmscherpe schuiver doelman Dino Zoff te grazen genomen. Het machtige Juventus werd uitgeschakeld door het bescheiden Club Brugge, dat als eerste Belgische club door stootte naar de finale van de Europa Cup I.

Twee jaar later, op het EK 1980 in Rome, hield Vandereycken de Belgische deur dicht: 0-0 tegen Italië. België ging naar de finale - voor het eerst én het laatst. Tijdens het WK 1986 in Mexico gooide hij de knuppel in het hok, na twee mindere partijen. Hij wist het falen van het team haarscherp te analyseren, maar verspeelde het krediet in de groep. Bondscoach Guy Thys stuurde hem wegens “ziekte' naar huis, maar nam wel zijn strategie over. België werd pas afgestopt in de halve finale, door Diego Maradona.

Vandereycken was sluw. Berekenend. Met zijn ingelaste pauzes ontwikkelde Club Brugge zich tot een aanvalsmachine, die tussen 1975 en 1978 Europa veroverde.

In 1980 verhinderde hij dat Nederland zich plaatste voor het WK. Tijdens een irritante partij in het Heizelstadion begreep hij al snel dat het meest geraffineerde elftal zou winnen. Net na de pauze zocht hij zijn moment. Toen de Nederlandse defensie open lag, onderschepte hij een bal, dreef door tot in de penaltyzone en wachtte tot hij onderuit werd geschoffeld door Van de Korput. Nog voor het fluitsignaal van de scheidsrechter, keek hij op met de cynische grijnslach die hem zo kenmerkt. België scoorde. Vandereycken pokerde met zijn nonchalance - stoppelbaard, halflang haar en shirt uit de broek - het Oranje middenveld uit elkaar en stuurde België naar Spanje.

Als coach behaalde hij successen met bescheiden teams. Met AA Gent en RWD Molenbeek dwong hi j Europese kwalificaties af en met FC Twente bereikte hij de finale van de KNVB-beker. Onder zijn leiding werden spelers volwassen. Hij nam hen altijd in bescherming tegenover het bestuur en voerde een guerrillaoorlog met zijn eigen voorzitter. De flamboyante voorzitter van de club zocht openlijk de confrontatie met de coach en ontbond het contract na één seizoen.

Vandereycken put inspiratie uit de successen van Valencia, de Spaanse club die in 2000 en 2001 als outsider de finale van de Champions League bereikte. Met zijn eerste oneliner gaf hij vorige week zijn visitekaartje af: “De Rode Duivels kunnen zeer vervelend zijn voor de tegenstander.“

Michel Preud'homme, die andere vernieuwer, moet nog even wachten op zijn beurt. De voetbalbond neemt uitgebreid de tijd om zijn plan te bestuderen. Preud'homme beleefde zijn finest hour op het WK van 1994, waar hij vooral opviel tijdens de wedstrijd tegen Nederland, die met 1-0 gewonnen werd. Hij werd prompt uitgeroepen tot “beste doelman van de wereld'.

Tijdens het WK in Italië in 1990 was Preud'homme beter dan zijn buitenlandse collega's Shilton (Engeland), Zenga (Italië) en Dasajev (Rusland). Alleen overconcentratie speelde hem soms parten. Zijn loopbaan is een aaneenschakeling van hoogte- en dieptepunten: met Standard van kampioen tot bankzitter, via het omkoopschandaal van 1982. Met KV Mechelen van provincieclub tot winnaar van de Europa Cup II - tegen Ajax in 1987 - en terug, tot op de rand van het faillissement.

Toch was er één constante: Preud'homme bleef als een bezetene aan zichzelf werken. De ouderwetse lijnkeeper groeide uit tot een meedenkende doelman, die zelfs scoorde via strafschoppen. En ook in ander opzicht dwong hij respect af. Preud'homme is een sympathieke Waal, die via zijn Vlaamse vriendin vlekkeloos Nederlands leerde spreken. De perfecte Belg.

In 1995 verhuisde hij voor zeven seizoenen naar Portugal. Hij trad in dienst bij Benfica, nu de club van de Nederlander Ronald Koeman. Preud'homme ontdekte daar de fado en zijn geest kwam er tot rust. Het naar hem genoemde plan moet het Belgisch voetbal definitief uit het slop halen en vooral via investeringen in het jeugdbeleid aan een nieuwe positieve identiteit helpen.

De derde persoon die een belangrijke rol speelt in de vernieuwing van het Belgische voetbal is Els Van Weert, staatssecretaris voor Duurzame Ontwikkeling en Sociale Economie. Zij lanceerde onlangs het ambitieuze “open stadion model', waarmee ze aansluiting zoekt bij het Engelse “Football in the Community'-schema. In Nederland heeft de stichting Meer dan Voetbal deze ontwikkeling met succes gestalte gegeven. Volgens Van Weert staat haar concept model voor maatschappelijk verantwoord ondernemen en sluit het aan bij onderwijs en welzijnswerk.

De links-liberale staatssecretaris Van Weert nodigde onlangs de Belgische voetbaljournalistiek uit voor een werkbezoek aan Charlton Athletic en maakte een budget van 300.000 euro vrij voor projecten rond integratie en hulp aan mensen in nood. De clubs en profliga reageren vooralsnog terughoudend. Het is net als met Belgisch bier: het moet lang gisten, maar het resultaat mag er meestal zijn.

Als Preud'homme en Van Weert hun zin krijgen, wacht België een nieuwe voetbaltoekomst. Bondscoach Vandereycken heeft zelfs een wereldster in spe tot zijn beschikking: de 18-jarige Vincent Kompany, die nu al vergeleken wordt met de jonge Franz Beckenbauer. Een defensieve diamant, met Congolese roots. Het zal de grijns op het gelaat van de bondscoach niet doen verstijven.