Iran hervat atoomonderzoek

Iran heeft het Internationaal Atoom Agentschap (IAEA) gisteren meegedeeld na een pauze van tweeëneenhalf jaar onderzoek te hervatten op het gebied van kernbrandstof, een vage verklaring die niettemin meteen tot bezorgde verklaringen uit het Westen leidde. Iran had het onderzoek opgeschort als onderdeel van de bevriezing van zijn uraniumverrijkingsprogramma als gebaar van goede wil naar het Westen, dat een geheim kernwapenprogramma vreest. Iran houdt vol dat het alleen civiele nucleaire energie nastreeft.

Mohammed Saidi, adjunct-hoofd van de Iraanse Organisatie voor Atoomenergie, zei dat het onderzoek in nauwe samenwerking met het IAEA wordt hervat en dat het “weinig van doen [zou hebben] met de productie van kernbrandstof“. Een Amerikaanse regeringswoordvoerder zei dat Washington zich “krachtig verzet“ tegen “elke verdere met verrijking verbonden stap“ van Iran. Hij voegde eraan toe dat de internationale gemeenschap “verdere maatregelen moet overwegen om Irans nucleaire ambities in te tomen“ als Iran toch dergelijke actie onderneemt. Daarbij onderstreepte hij het Amerikaanse standpunt dat Iran uiteindelijk voor de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties moet worden gebracht die dan tot sancties kan besluiten.

In principe hebben Iran en de drie Europese landen waarmee het onderhandelt over mogelijke permanente vertrouwenwekkkende maatregelen, besloten hun overleg later deze maand voort te zetten. Een Europese diplomaat bij het IAEA in Wenen zei gisteren dat het nog te vroeg is om te zeggen of dit overleg nu in gevaar komt. Iran zou op korte termijn ook gaan praten met Moskou over een Russisch compromisvoorstel om het Iraanse verrijkingsprogramma naar Rusland te verhuizen. Een Iraanse woordvoerder zei gisteren dat Teheran dit voorstel zal afwijzen als het betekent dat alleen in Rusland verrijking kan worden uitgevoerd.