Wintersporters weer in nieuw jasje

De Nederlandse afvaardiging voor de Winterspelen in Turijn werd gisteren gepresenteerd in Nieuwegein. Chef de mission Eddy Verheijen rekent op twee of drie gouden medailles.

02-01-2006, Nieuwegein. Chaotische presentaatiee Olympische afvaardiging Turijn 2006,Chef de Mission, Ed Verheijen. (r) voor zijn Atleten foto Michael Kooren. Kooren, Michael

“The Road to Torino' kende gisteren een tussenstop in Nieuwegein, waar de Nederlandse wintersporters 39 dagen voor aanvang van de Spelen letterlijk in een nieuw jasje werden gestoken. De schaatsers Erben Wennemars en Beorn Nijenhuis hadden inspraak bij de keuze van de kledinglijn, die bestaat uit een sneeuwwit winterjack en een zwarte blazer met oranje spencer voor feesten en partijen.

Niet te bewonderen viel het nieuwe schaatspak, dat in Turijn hoofdzakelijk uit knaloranje en gedeeltelijk uit lichtblauw zal bestaan. Tijdens de vorige Winterspelen van Salt Lake City reed de nationale ploeg van hardrijders in een vergelijkbare, maar minder opvallende kleurencombinatie. Op voorspraak van KNSB-sponsor Aegon overheerst dit keer het oranje als nationale visitekaartje.

In 2002 won Nederland acht medailles (drie keer goud en vijf keer zilver). Een eervolle prestatie na de recordscore van elf medailles in Nagano 1998 (vijf keer goud, vier keer zilver en twee keer brons). Sinds 1976 zijn alleen de schaatsers medaillewinnaars en dat zal in Turijn vermoedelijk niet anders zijn. Nederland is geen wintersportnatie; hardrijden gebeurt in een hal.

De olympische skiërs, bobsleeërs en snowboarders doen meestal voor spek en bonen aan de Spelen mee, hoewel de deelnemers van de laatste twee sporten gisteren een positief praatje hielden over hun kansen in Turijn.

Tegelijkertijd kwamen de typische trainingsproblemen van deze overwinteraars aan het licht. Nederland heeft geen bergen en weinig (besneeuwde) vorstdagen, dus moeten zij vaak uitwijken naar het buitenland om te oefenen op de piste of in het ijskanaal.

De laatste (zilveren) winnares uit een andere sport dan schaatsen was kunstrijdster Dianne de Leeuw, dertig jaar geleden bij de Winterspelen in Innsbruck. Kunstrijden zit sindsdien in het verdomhoekje in Nederland, dat in deze tak van sport dan ook niemand afvaardigt naar Turijn. De tijden van Sjoukje Dijkstra, die in 1964 eveneens in Innsbruck goud won en daarna haar brood verdiende bij de ijsrevue Holiday on Ice, lijken lichtjaren geleden.

Chef de mission Eddy Verheijen, vader van stayer en medaillekandidaat Carl, schaatste op de Winterspelen van 1972. Hij eindigde in Sapporo op de 500 en 1.500 meter in het achterveld, vertelde hij gisteren. Op zijn favoriete lange afstanden verscheen hij niet aan de start. Ard Schenk, Kees Verkerk en Jan Bols waren destijds de uitblinkers op de vijf en tien kilometer.

De voormalige bochtenspecialist (met hupje) zei te verwachten dat de huidige lichting van olympische schaatsers twee of drie keer goud gaan winnen in de Oval Lingotto. Verheijen rekent op negen podiumplaatsen en een plaats in de toptien van het landenklassement; gezien de toegenomen buitenlandse concurrentie bij het schaatsen een optimistische schatting van de chef de mission.

Verheijen is zo positief gestemd vanwege de veronderstelde saamhorigheid in het Nederlandse kamp. Hij roemde gisteren de cohesie tussen de rijders van TVM, Telfort en Postcodeloterij. Van verstrengelde belangen zou dit keer geen sprake zijn. Hij heeft tevergeefs geprobeerd de drie sponsorploegen in een trainingskamp onder te brengen. “Helaas trekt elk merkenteam in de voorbereiding op de Spelen zijn eigen plan“, verklaarde Verheijen. “Maar ik ben al lang blij dat de naijver verleden tijd is. Iedereen heeft gelijke huisvesting. De eilandjes zijn gelukkig opgeheven.“

Resteerde de vraag wie op vrijdag 10 februari tijdens de openingsceremonie in het olympisch stadion van Turijn de Nederlandse vlaggendrager zal zijn. Verheijen heeft vier kandidaten op het oog, verklapte hij in Nieuwegein. Namen wilde hij gisteren nog niet noemen. Twee dagen voor de opening van de 29ste Olympische Spelen maakt hij de vlaggendrager bekend.

Verheijen verwacht dit keer geen problemen zoals vier jaar geleden in Salt Lake City, waar de schaatsers niet in de vrieskoude wilden lopen. Na een nationale discussie, waarin het veronderstelde gebrek aan vaderlandsliefde van de dienstweigeraars werd gehekeld, droeg snowboardster Nicolien Sauerbreij uiteindelijk de nationale driekleur het olympisch stadion binnen.