Citigroup wint strijd om bank in China

De Guangdong Development Bank wordt verkocht aan een consortium onder leiding van de Amerikaanse Citigroup. Dit is een domper voor ABN Amro, de Nederlandse bank die ook interesse had in de bank uit het zuiden van China.

De aankoop van het belang van 85 procent in de bank voor 3,2 miljard dollar (2,7 miljard euro) is nog niet officieel. Het Britse persbureau Reuters citeerde echter een hoge bestuurder van de Guangdong Bank die zei dat er alleen nog een kans was voor andere bieders als de exclusieve onderhandelingen onverwachts vastlopen.

Het zou voor het eerst zijn dat een buitenlands consortium een meerderheidsbelang krijgt in een Chinese bank. Tot nu toe was er een maximum van 25 procent. De overheid is bereid met deze regel te breken omdat de bank uit Guangzhou er financieel gezien niet florissant voor staat, onder meer door moeilijk inbare leningen. De interesse vanuit het buitenland was groot omdat het een van de laatste grote banken gaat zonder buitenlandse partner en omdat de bank een goede positie heeft in het rijkere zuiden.

De Citigroup zal een belang krijgen van circa 50 procent en de andere leden van het consortium, waaronder investeringsmaatschappij de Carlyle Group, verdelen de rest.

ABN Amro was de leider van een van de andere geïnteresseerde consortia. Het Franse Société Générale leidde weer een ander consortium. Deze groepen zouden zich of uit de strijd hebben teruggetrokken of te weinig hebben geboden, zo stellen internationale media op basis van anonieme bronnen.

Buitenlandse banken, waaronder bank en verzekeraar ING, hebben de afgelopen jaren op grote schaal deelnemingen gekocht in Chinese banken. Zij anticiperen op de volledige openstelling van de Chinese bankensector voor buitenlandse concurrentie. Deze moet volgens de regels van de Wereldhandelsorganisatie WTO eind 2006 zijn gerealiseerd.