Wouter Bos houdt kaarten tegen zijn borst

Volgens de peilingen wordt de PvdA van Wouter Bos bij de volgende verkiezingen veruit de grootste regeringspartij. Maar over de mogelijkheden van een coalitie is Bos vaag. Wel speculeert hij enthousiast mee.

PvdA-fractievoorzitter Wouter Bos wil na de volgende Tweede-Kamerverkiezingen, gepland voor mei 2007, premier worden. Als zijn partij de grootste blijkt, zoals alle peilingen nu aangeven, dan heeft Bos het voor het uitkiezen. Maar met welke partij Bos straks wil regeren wordt er niet duidelijker op. In het openbaar, op spreekbeurten en in het informele circuit speculeert hij volop mee over coalitiemogelijkheden, waarna hij zich haast te zeggen dat het natuurlijk nog veel te vroeg is zich uit te leveren aan welke partij dan ook.

Het CDA is sinds enkele weken de belangrijkste gegadigde voor Bos` pogingen tot toenadering. Twee weken geleden zei hij in een interview in NRC Handelsblad dat het CDA een steeds interessantere bondgenoot wordt. Het CDA is niet langer soms links en soms rechts, maar steeds meer een conservatieve partij geworden. Dat lijkt nadelig, maar is juist een voordeel, omdat de PvdA nu beter weet waar het CDA staat. De middenpositie is volgens Bos veroverd door zijn eigen partij.

Dit weekend gaf Bos een interview met De Telegraaf. Zonder het met zoveel woorden te zeggen, leek het dat hij een lichte voorkeur voor een coalitie met het CDA heeft. Een nieuw kabinet moet een “breed draagvlak“ hebben, aldus Bos, want “bij moeilijke beslissingen is het belangrijk dat je zo veel mogelijk steun hebt in het parlement en in de samenleving“. GroenLinks en SP moeten bovendien “niet denken dat ik zomaar aanschuif“.

Na het harde uithalen tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen van september, zoekt Bos nu dus naar wat meer verzoening. Maar op spreekbeurten voor de achterban is van enige handreiking weinig te merken. Zo zei hij onlangs in een politiek café in Almere: “Aan dit CDA heb ik geen behoefte.“

Veel meer opties dan het CDA zijn er niet voor Bos. Aan de linkerkant van de PvdA is de roep groot om na de verkiezingen een links kabinet te vormen. De voortekenen voor een progressief kabinet zijn gunstiger dan ooit, zeggen PvdA-fractieleden die voor linkse samenwerking zijn. Peilingen geven een kabinet van PvdA, SP en GroenLinks ongeveer de helft van de 150 Tweede-Kamerzetels, soms iets meer.

VVD en CDA zien de PvdA vooralsnog niet staan. De VVD, acht jaar lang coalitiegenoot, sluit de PvdA uit zolang de VVD kleiner is. VVD-aanvoerder Van Aartsen en vice-premier Zalm lieten op het partijcongres vorige maand doorschemeren dat een coalitie met de PvdA van Wouter Bos er hoe dan ook niet inzit. Premier Balkenende (CDA) wil doorgaan met VVD en D66, als zo'n kabinet een meerderheid haalt.

In het informele circuit is bovendien al meer sprake van linkse samenwerking dan onder de Paarse kabinetten, toen de PvdA nog met VVD en D66 regeerde. Bos heeft enkele malen overleg gevoerd met zijn collega`s Marijnissen (SP) en Halsema (GroenLinks). Maar er is ook een meer structurele samenwerking ontstaan. Onder de naam Een ander Nederland komen Tweede-Kamerleden van PvdA, SP en GroenLinks sinds maart van vorig jaar regelmatig bijeen om, zoals zij dat zelf noemen, standpunten “af te stemmen“.

De oprichters van Een ander Nederland, onder wie de Tweede-Kamerleden Duijvestein (PvdA), Vos (GroenLinks) en Gerkens (SP), willen dat de drie partijen een gezamenlijk programma van hoofdpunten opstellen en bij de verkiezingen een links kabinet als inzet hebben.

Bos benadrukt juist zoveel mogelijk de verschillen tussen de drie partijen. De SP was tegen de Europese Grondwet, de PvdA vóór. Eerder noemde hij de SP een partij “die zich stelselmatig als een bondgenoot van de PvdA en GroenLinks heeft willen voordoen en zichzelf in de context van de discussie over linkse samenwerking een zekere Regierungsfähigkeit heeft aangemeten.“

GroenLinks krijgt veel kritiek van Bos sinds de partij in november een nota presenteerde over de verzorgingsstaat. Daarin staat onder meer dat werknemers gemakkelijker ontslagen moeten kunnen worden en dat langdurig werklozen een participatieplicht krijgen. Bos uitte meteen kritiek op het plan. GroenLinks zou onder Femke Halsema een liberale koers zijn gaan varen en zou de rol van de vakbonden drastisch verkleinen.

Wouter Bos houdt afstand van GroenLinks en SP. om te voorkomen dat hij zich bij voorbaat van rechts vervreemdt. Zich voor de verkiezingen uitleveren aan een linkse coalitie is niet slim, zegt hij. Dat zou hem vervreemden van de niet-linkse kiezer. En voor linkse kiezers zou er geen argument zijn om voor Bos te stemmen en GroenLinks of SP te verlaten, zoals gebeurde tijdens de verkiezingen van 2003.