Het nieuws van 6 december 2005

Verstopte paddestoelen

Portabellos, ook wel portobellos, zijn paddestoelen met een grote hoed met een middellijn van ca.10 cm. Kies verse paddestoelen uit waarvan de binnenkant crèmekleurig en niet bejaard-donkerbruin is. Bereiding: verwarm de oven voor op 200 C. Snijd de steeltjes uit de paddestoelen en hak het mooie deel in kleine stukjes. Hak de ontvelde knoflooktenen in piepkleine stukjes. Roerbak de spinazie in een klein scheutje olie in een wok in enkele minuten beetgaar. Voeg de knoflook en de fijngehakte paddestoelenstelen toe aan de blaadjes en schep alles enkele keren om. Schep de spinazie in een zeef en druk al het vocht eruit. Splits de eieren. Verkruimel de geitenkaas. Roer de kaaskruimels en de eidooiers door elkaar. Klop de eiwitten met een snufje zout stijf. Smeer de bolle kant van de hoeden van de paddestoelen dun in met olijfolie. Leg de hoeden op de bolle kant en dus met de holle kant naar boven gericht in een niet te ruime vuurvaste schaal die dun met olijfolie is ingesmeerd. Vul de hoeden met het spinaziemengsel en strijk de spinazie glad. Strooi er versgemalen peper over. Spatel de stijve eiwitten door de eidooiers en geitenkaas. Schep dit mengsel over de met spinazie gevulde paddestoelen. Er glijdt ongetwijfeld ook eimengsel over de rand van de hoeden. Bestrooi het gerecht met geraspte kaas. Bak de gevulde portobellos ongeveer 10-15 minuten in het midden van de oven. Het eimengsel souffleert en wordt goudbruin van kleur. Verdeel intussen de slablaadjes over de borden. Besprenkel ze met een klein beetje lekkere olijfolie en strooi er een piepklein beetje zout over. Schep de verstopte paddestoelen op de sla.

Landsbelang?

Minister-president Balkenende heeft vorige week Suriname bezocht om er, Bouterse of geen Bouterse, de dertigjarige onafhankelijkheid van het land mee te vieren. Het eerste officiële bezoek van een Nederlandse premier sinds 1975 gaf weer dat de betrekkingen met Suriname na een lange reeks moeizame jaren nu redelijk genormaliseerd zijn. `Normaal' zijn de relaties ook in zoverre dat de media-aandacht voor Balkenendes korte bezoek bescheiden was. Dat kwam niet als een verrassing, voorbij is de tijd dat groepen vaderlandse journalisten erheen gingen voor reportages over drugsverkeer, corruptie, de decembermoorden of een halve burgeroorlog met het rimboelegertje van Ronnie Brunswijk. Maar die ooit voor velen kennelijk spannende toestanden in dat tot 1975 tot het koninkrijk behorende arme Zuid-Amerikaanse land bestaan niet meer. En dus interesseert het land, intussen `normaal' geworden volgens eigen intrinsiek gewicht, de meeste Nederlanders ook niet meer zo erg. Voor wie van Surinaamse afkomst is, voor wie behoort tot die vrij aanzienlijke groep die niet in Suriname bleef maar naar Nederland kwam, en voor hun kinderen, ligt de zaak anders. Zij zouden misschien wel wat meer over hun land van herkomst willen lezen of horen. Maar zoals de media dat land van herkomst niet meer zo interessant vinden, zijn zij zelf als groep voor de media, en voor de nationale politiek, niet meer zo interessant. Waar de laatste `paarse' minister van Buitenlandse Zaken, de VVD'er Van Aartsen, in 1998 bij zijn aantreden nog aandacht trok met de verzekering dat hij zich minder vaak dan zijn voorgangers met het dossier-Suriname zou bezighouden, lijkt zulke postkoloniale afstandelijkheid nu regel geworden.