Veermans fout

Alweer moest een bewindspersoon gisteren in de Kamer eerdere uitlatingen intrekken. Na minister Bot (Buitenlandse Zaken, CDA), die bedenkingen uitte over de oorlog in Irak, en minister Pechtold (Bestuurlijke Vernieuwing, D66), die mijmerde over het in de toekomst schrappen van de hypotheekrenteaftrek, stond minister Veerman (Landbouw, CDA) in de beklaagdenbank. Het kabinet rijdt dezer dagen in file richting Canossa.

In een vraaggesprek met de Volkskrant betoogt de minister van Landbouw dat het idee achter het nieuwe zorgstelsel is ,,dat mensen rationeel de beste verzekeraar kiezen''. Dit idee noemt Veerman vervolgens ,,onzin, echt fictie''. Volgens de minister kiezen mensen in werkelijkheid ,,voor een situatie waarin ze zich kosjer voelen, niet voor een paar tientjes voordeel''. Op de vraag of hij dit verschil van inzicht dan niet met zijn collega Hoogervorst (Volksgezondheid, VVD) moest bespreken, zei Veerman. ,,Ik doorzie de fouten, maar heb geen zin meer daar bomen over op te zetten.''

In het wekelijkse Vragenuur in de Tweede Kamer moest Veerman gisteren toegeven dat het ,,fout'' was geweest om dat te zeggen. Daarmee was de zaak afgehandeld. In eerste instantie wekt deze gang van zaken wrevel. Waarom wordt nu alweer een minister die eerlijk zegt wat hij ervan vindt, gedwongen die mening in te trekken? En bovendien: wat betekent dat? Iedereen weet nu toch al dat deze minister in feite een van de grote prestigeprojecten van het kabinet in twijfel trekt.

Het punt is dat publieke oppositie bínnen het kabinet niet goed mogelijk is gegeven het huidige staatsrechtelijk model. Ministers worden geacht in collegiaal verband het afgesproken beleid te ondersteunen en uit te dragen. De minister-president is hierbij formeel niet meer dan de primus inter pares, de eerste onder zijns gelijken. Ministers ondertekenen bij aantreden het regeerakkoord: de lijst afspraken waarover door de aspirant-coalitiepartners vaak maandenlang is onderhandeld. Dit akkoord staat in Den Haag ook wel bekend als ,,gestold wantrouwen'', zoals Veerman kennelijk te laat ontdekte. Tegelijkertijd is hij wel het bewijs dat dit wantrouwen – in dit geval van de VVD – terecht is.

Bovendien gaat Veerman met zijn kritiek op het kabinet verder dan Bot of Pechtold. Cultuurhistoricus Von der Dunk wees er gisteren terecht op dat Bot terugkeek en Pechtold vooruitkeek. ,,Veerman daarentegen valt staand beleid van de eigen regeringsploeg aan, waaraan Hoogervorst zijn lot verbonden heeft en waarmee hijzelf heeft ingestemd.''

Eenpersoonsacties zoals die van Veerman, hoe sympathiek zij op het eerste gezicht ook lijken, zijn funest voor het vertrouwen van burgers in de politiek. De minister blaast immers de fictie van het gemeenschappelijk gedragen beleid op. Indien een bewindspersoon gaandeweg de overtuiging krijgt dat hij een belangrijk onderdeel van het kabinetbeleid niet voor zijn rekening kan nemen, staat hem één weg open: aftreden. Dat is meestal geen ramp voor het land.