Rapport: Europeanen leven op te grote voet

Een Europeaan gebruikt ongeveer vijf hectare grond om alle grondstoffen te produceren die hij jaarlijks nodig heeft voor zijn consumptie. Dat is weliswaar nog niet de helft van wat een Amerikaan verbruikt, maar het is wel veel meer dan Europa beschikbaar heeft.

Om alle comsumptiegoederen te maken die Europeanen gebruiken – de ecologische voetafdruk – is een landoppervlakte nodig van ruim twee keer de omvang van Europa, schrijft het Europees Milieuagentschap in een gisteren verschenen rapport.

Volgens het agentschap zijn de bestedingen van huishoudens in de (toen nog vijftien) landen van de Europese Unie tussen 1990 en 2002 met een derde toegenomen. Voorzien wordt dat ze tot 2030, in de inmiddels 25 landen tellende Unie, nog eens zullen verdubbelen. Volgens het rapport heeft die consumptie door de globalisatie steeds grotere gevolgen voor het milieu, zowel in Europa zelf als in de rest van de wereld.

Het milieuagentschap ziet positieve trends. Zo is lood vrijwel geheel uit benzine verdwenen, zijn zogeheten CFK's die de ozonlaag afbreken uit productie genomen, wordt afvalwater steeds minder vaak ongezuiverd in rivieren en meren teruggestort, en is de uitstoot van stikstofoxiden en zwaveldioxide fors afgenomen.

Het grootste probleem vormt voorlopig de klimaatverandering – in Europa in de afgelopen eeuw 0,95 °C. Om daar iets tegen te doen, zal fors geïnvesteerd mogen worden. Het rapport wijst erop dat de Europese bevolking dat ook wil: volgens een opiniepeiling van de Eurobarometer vindt 70 procent van de Europeanen milieu net zo belangrijk als sociale en economische problemen. Of dat nog steeds zo is als door een milieubelasting vliegvakanties veel duurder worden, is de vraag.