Conservatieve kritiek op de oude maakbaarheidsgedachte

Waar het om gaat is dat Hirsi Ali bij haar pleidooi voor afschaffing van artikel 23 uitgaat van de verkeerde vooronderstellingen. Is het waar dat met dit artikel in de hand de achterstand van bepaalde groepen in Nederland instandgehouden wordt? Volgens zowel Onderwijsinspectie als onderzoekers van het Sociaal en Cultureel Planbureau is dit geenszins het geval. Laat staan dat het bijzonder onderwijs de achterstanden zou vergroten. Veel allochtonen, moslims en niet-moslims volgen met succes onderwijs op bijzondere scholen. Het lijkt erop dat haar pleidooi voor de afschaffing van artikel 23 een andere manier is om het idee van gedwongen spreiding beter gestalte te kunnen geven. Maar, anders dan zij suggereert, is het bijzonder onderwijs op islamitische grondslag etnisch niet bepaald homogeen (bevolkt door Marokkanen evengoed als Surinamers). En religie blijkt geen belemmering voor goede schoolresultaten en aansluiting op vervolgonderwijs, zelfs niet voor meisjes.

Daarentegen garandeert het openbaar onderwijs weliswaar de schijn van integratie, maar het is juist daar waar de `etnische' spanningen het hoogst oplopen. Oer-Hollandse leden van de Hofstadgroep als Mohammed B. en Samir A. hebben allen gemeen dat zij nooit bijzonder onderwijs gevolgd hebben. Hetzelfde geldt voor Murat D.

Meer in het algemeen: is onderwijs inderdaad het meest aangewezen middel om te integreren? Het is maar net wat hier onder integratie verstaan wordt. Als het betekent dat men de taal van het land spreekt en teksten interpreteert volgens de tegenwoordig gangbare postmoderne leesmethoden, dan zijn jongeren die zich voor terreuracties laten ronselen geslaagd. Daarnaast zijn er echter tal van allochtone ondernemers die, hoewel nauwelijks geletterd, geen spoor van rancune vertonen en vaak zonder veel problemen met de ongeschreven gedragscodes die in Nederland gangbaar zijn, hebben leren omgaan. Als het bijzonder onderwijs op zichzelf niet noodzakelijk tot problemen leidt, terwijl openbare scholen niet zelden falen bij de opvoeding van allochtone jongeren, op grond van welke redenering zou Hirsi Ali artikel 23 dan wel kunnen afschaffen?

Bovendien: zolang Hirsi Ali haar veronderstellingen niet kan staven met onbetwistbaar feitenmateriaal, zou het voorbarig zijn en van welhaast totalitaire bedilzucht getuigen wanneer bestaande vrijheden zouden worden geofferd op het altaar van een maakbaarheidsideaal dat de afgelopen honderd jaar alle kans heeft gehad zichzelf te bewijzen, maar uiteindelijk failliet is gegaan.