Filmheld

Heren van voorbij de vijftig: er is nog troost.

Er is een nieuw soort filmheld opgestaan die jullie (en mijn) belangen behartigt. Hij wordt gepersonifieerd door de 55-jarige Amerikaanse acteur Bill Murray. Met hém kunnen jullie je weer van harte identificeren, want Bill bezit veel levenswijsheid en ligt goed bij de vrouwen.

Ik zag Bill Murray twee jaar geleden voor het eerst in de film Lost in Translation van Sofia Coppola. Daarin speelt hij een verlopen tv-ster die Tokio bezoekt voor wezenloze reclameopnamen. Hij ontmoet er een mooie, jonge vrouw, net als hij een dolende ziel in den vreemde, en samen beleven ze interessante avonturen, zonder over de schreef van hun huwelijk te gaan. Dat laatste hoort bij Bill: hij is in de eerste plaats een beheerste held – koel, kalm en kortaf.

In zijn nieuwste film, Broken Flowers van Jim Jarmusch, probeert een jonge nymfomane, ook nog Lolita genaamd, hem te verleiden. Kom nou meisje, ik had je vader kunnen zijn, denkt Bill, en hij verlaat buitengewoon verstandig het huis. Dan ontmoet hij haar moeder, een oude vlam van hem. Met haar wil hij nog wel een nachtje doorbrengen, niet omdat hij er zo naar verlangt – hij verlangt nergens meer vurig naar – maar meer omdat het erbij hoort.

De filmheld van Murray heeft alle passie overwonnen. Hij weet wat er in de wereld te koop is, hij heeft het allemaal gezien. De voorbije jaren heeft hij pik & poen achternagelopen, nu is de tijd aangebroken om door een waas van melancholie de essentie – whatever – van het leven te ervaren.

Wat Murray zo aantrekkelijk maakt, voor beide geslachten, is zijn benijdenswaardige rust. Wij, gewone niet-filmspelende stervelingen, zijn de hele dag bezig indruk op anderen te maken. Onze conversaties staan bol van gekwek en gekwaak waar we zelf niet in geloven. Stiltes moeten vermeden worden, de mensen zouden kunnen denken dat we niets te zeggen hebben.

Murray heeft er lak aan. Hij zegt geen woord méér dan nodig is, hij zou weggelopen kunnen zijn uit een roman van A. Alberts. ,,Vindt u het ook zo koud? vroeg de secretaris. Koud? Zei meneer Dalem. Nee, dat is me niet opgevallen. Ik vind het weer eerder zacht. Zacht en helder. Ik vind alles de laatste dagen eigenlijk zo helder. Na u.'' (Uit: De vergaderzaal).

Bills vrouw gaat hem verlaten? Ze doet maar wat ze niet laten kan. Hij zit op de bank en staart onthecht naar buiten. Onderhuids woedt er misschien een veenbrand aan emoties, maar dat gaat niemand wat aan. Bill gaat slapen. Misschien moet hij eens op zoek naar dat zoontje dat hij nog ergens zou hebben, hij ziet wel.

Zen in Hollywood. Hoe verleidelijk.

Murray heeft voorgangers in de onverstoorbaarheid gehad – Keaton, Bogart, Mitchum – maar niemand is de uiterlijke roerloosheid zó dicht genaderd als hij. Inmiddels is zijn eerste imitator al opgestaan: Sam Shepard is in Don't come knocking (van Wim Wenders) ook zo'n door schade en schande wijs geworden ouwe jongen.

Nu wij nog, heren. Geef het leven zin door te doen alsof het geen zin heeft! En zwijg.