Een demonische dribbelaar

Barcelona-speler Ronaldinho (25) wordt vanavond ongetwijfeld door France Football gekozen tot Europees Voetballer van het Jaar 2005. De Braziliaan hoort in een rijtje grote voetbalsterren uit het Zuid-Amerikaanse land.

Scène 1 uit een voetballeven: winter 2005. Ronaldinho rukt vanuit het niets op, tart de hele defensie van Real en scoort, op volle snelheid, diagonaal. Real Madrid-Barcelona 0-3. Alleen Johan Cruijff deed het ooit beter, in 1974 (0-5).

`Ik verheerlijk de dribbel. Ik deed als kind niets anders dan dribbelen. In de salon, tussen de meubels en de stoelen, in de tuin tegen mijn hond. Met de bal aan de voet leerde ik alles.' Uit de biografie Ronaldinho, la magia de un crack (Toni Frieros, Collecion Sport, 2004).

Het `geslacht Ronaldinho' vindt zijn oorsprong in het begin van de twintigste eeuw op de tabaksplantages van Souz Cruz, in de buurt van Santa Cruz do Sul, op 215 kilometer van Porto Alegre. De ouders van Eva Maria da Silva Ervino de Assis beleefden er het einde van de slavernij in 1889. Zij zette dertien kinderen op de wereld. Eén van hen was Miguelina. De moeder van Ronaldinho werd geboren in 1949. In 1956 verhuisde het gezin naar Porto Alegre, de hoofdstad van de zuidelijke deelstaat en het grootste industriegebied van Brazilië. Miguelina raakte verliefd op João da Silvo Moreira. Hij genoot populariteit bij de bescheiden tweedeklasser Cruzeiro.

In 1971 kreeg het jonge gezin Assis de Moreira een zoon: Roberto. Hij zal twintig jaar later pieken bij het grote Gremio Foot-Ball Porto Alegrense. Op 25 maart 1980 werd Ronaldo – de oorspronkelijke naam van Ronaldinho – geboren in een familie die niet slecht boerde. De natie was volop in beweging. Het einde van zestien jaar militaire dictatuur kwam in zicht. Vakbondsleider Lula, de huidige president, liet voor het eerst van zich horen met zijn onafhankelijke arbeiderspartij Partido de los Trabajadores (PT) en Socrates, op dat ogenblik de topspeler van het nationale elftal of de seleção, demonstreerde openlijk op het veld ter ondersteuning van het democratiseringsproces.

João en Miguelina betoonden voorzichtig hun sympathie. Activisme sprak hen niet aan maar ze verkropten het evenmin dat 67 procent van de Braziliaanse bevolking balanceerde op of onder de armoedegrens en meer dan een kwart volslagen analfabeet was. Het land transformeerde zich langzaam. Vader João was een sociaal bewogen man die voor veel mensen in de bres sprong. Men roemde hem in zijn omgeving als un gran hombre. João zal slechts 29 jaar oud worden. Tijdens een familiefeest overleed hij aan een hartstilstand. De begrafenis werd bijgewoond door honderden sympathisanten van Gremio.

Ronaldo is vanaf zijn negende een kind zonder vader. Hij trok zich op aan het succes van zijn broer Roberto. Die toerde na Gremio op jonge leeftijd de wereld rond en speelde in de jaren negentig voor Torino, FC Sion, Sporting Lissabon en Montpellier. In Brazilië droeg hij het shirt van beroemde clubs als Corinthians, Fluminense en Vasco da Gama. Intussen werd Ronaldo Ronaldinho, om verwarring te vermijden met de wereldvedette van de tweede helft van de jaren negentig.

Ronaldinho floreerde in het zaalvoetbal en verzilverde op het WK onder 17 in 1997, als beste speler van het toernooi, zijn eerste wereldtitel. Door zijn doelpunten voor Gremio overschreed hij de drempel van de seleção. Zijn spelintelligentie leverde een bijdrage aan de Braziliaanse winst in de Copa America van 1999, in de schaduw weliswaar van Ronaldo en Rivaldo.

De keuze voor Gremio lijkt een anachronisme in het leven van Ronaldinho, samen met Thierry Henry het gezicht van de actuele campagne `Stand up, Speak up' tegen racisme in stadions en samenleving. De club van Duitse immigranten die Porto Alegre tot eerste handelscentrum van Brazilië uitbouwden, opteerde bij de oprichting in 1903 voor een bijzonder elitair en exclusief blank gezelschap. Gremio hanteerde een doelbewuste apartheidspolitiek. Als reactie ontstond Internacional in 1909, in de volksmond club do povo (de ploeg van de armen). Internacional kondigde in 1925 een revolutionaire daad aan en zette de rangen open voor donkere spelers. Het duurde tot in 1952 voor Gremio besloot om ook `proletarische en zwarte voetballers' te aanvaarden. In 1983 triomfeerde Gremio in het duel om de wereldbeker tegen het HSV Hamburg van Ernst Happel, met een voor Brazilië opvallend `witte' en atletische spelersgroep. Gremio koestert de traditie van het Duitse voetbal: afwachtend, fysiek en een sterk collectief. Coach Luis Felipe Scolari legde zijn elftal tactische discipline en strijdgeest op, ook later tijdens het door Brazilië gedomineerde WK van 2002.

De `goddelijke kanaries' voerden, na een afwezigheid in de finale van 24 jaar, van 1994 tot 2002 het hoge woord tijdens de wereldkampioenschappen, maar de stilistische heerschappij en de magie van het Pelé-tijdperk (1958-1970) ontbraken. Ronaldinho was in 2002 de ongepolijste diamant, opnieuw ten dienste van Rivaldo en Ronaldo. Zijn twee seizoenen bij Paris Saint Germain (2001-2003) dikten het palmares niet aan en hij leed onder de directieven van coach Luis Fernandez. Desondanks vochten Manchester United en FC Barcelona in de zomer van 2003 een commerciële concurrentieslag op wereldniveau uit. Juan Laporta, de nieuwe voorzitter, moest diep in de buidel tasten: 30 miljoen euro, een record voor Barcelona. Laporta bouwde rond het duo Rijkaard-Ronaldinho het nieuwe Barcelona op. Johan Cruijff adviseerde achter de schermen. De `vrije filosofie' van de Hollandse School ontlastte hem van het keurslijf van zijn eerdere conservatieve leermeesters.

Ronaldinho presenteerde de voorbije drie jaar het fantasierijkste voetbal ter wereld vanuit het laboratorium van Cruijff en co en evolueerde tot El Fénoméno. Volgens teamgenoot Ludovic Giuly in het Franse magazine Football Mag is Ronaldhino de beste speler ter wereld `omwille van het plezier dat hij etaleert op het veld maar ook omdat hij naast zijn zeldzame technische beheersing polyvalent is. Hij heeft het vermogen om door zijn dribbeltalent het publiek wild te maken en tegelijk op snelheid met de bal aan de voet defensies te kraken. Zijn balcontact is exceptioneel.'

In het pas verschenen Vom Myhtos des brasilianischen Fussballs (Die Werkstatt, oktober 2005) doet auteur Gerd Fischer uit de doeken hoe de WK-overwinningen van 1958, 1962 en 1970 definitief de Braziliaanse attitudes markeerden: `De tijd van het exclusief witte spel lag achter de rug. Het voetbalveld is het meest geïntegreerde deel van de samenleving. Sindsdien ontstond er een verlangen naar het kleurrijke voetbalparadijs. Futebol is de Braziliaanse kunst van het leven. Brazilië speelt voetbal met de lach op het gezicht.'

Dat is vandaag de lach van Ronaldinho. Hij is de eerste die de twee, altijd met elkaar in onmin levende, Braziliaanse voetbalstijlen in één persoon verenigt: de demonische dribbels van Garrincha (WK 1962) en Romario (WK 1994) en de sierlijke snelheid van Jairzinho (WK 1970) en Ronaldo (WK 2002). Daarnaast hoort hij bij de protestgeneratie die het Braziliaanse voetbal sinds de jaren vijftig heeft vertegenwoordigd: Didi, Pelé, Tostão en Socrates kantten zich scherp tegen de onrechtvaardigheid in de eigen maatschappij.

De letterlijk op gouden schoenen opererende Ronaldinho is de meest eigentijdse vertolker van de droom van de bevrijdingsfilosoof Gilberto Freyre: de gekleurde voetbaldans als hoeksteen van een welvarende natie. Het Braziliaanse spel hoorde volgens Freyre – de scherpste criticus van de achterstelling van de kleinkinderen van de slaven in de jaren vijftig – een veelkleurige samba te zijn van irrationele verrassingen en individuele spontaniteit.

Scène 2 uit een voetballeven: zomer 2005. Confederations Cup, finale. Ronaldinho scoort met een fabuleuze volley. De seleção vernedert aartsrivaal Argentinië met 4-1. De meest verbeeldingsrijke Braziliaanse prestatie sinds het WK van 1970. Enkel Pelé deed het ooit beter.

Ronaldinho is de digitale Braziliaan.

Rectificatie / Gerectificeerd

De Braziliaanse arbeiderspartij PT wordt in het artikel Een demonische dribbelaar (28 november, pagina 15) Partido de los Trabajadores genoemd. In het Portugees moet dat zijn: Partido dos Trabalhadores. Voetbalclub Internacional heet een club do povo , omschreven als ploeg van de armen. Bedoeld is een clube do povo, wat vertaald moet worden als volksclub.