De eerste van de grote geluidsmagiërs

Het leven van Joe Meek is `a playwright's dream' met een muzikaal genie, homoseksualiteit, drugs, duivelsaanbidding en een dubbele moord. Zijn muziek staat nu op vier cd's.

Op 3 februari 1967 voltrok zich op een bovenhuis in Oost-Londen een drama. De 37-jarige muziekproducer Joe Meek schoot eerst zijn hospita dood en daarna zichzelf. De dood van de `zachtmoedige' maar excentrieke Meek, was een groot verlies voor de Engelse popwereld. Want het was Meek die sinds de jaren vijftig met simpele middelen opnamen maakte van liedjes, waarnaar je vandaag de dag nog altijd met verbazing kunt luisteren.

Joe Meek noemde zich een `producer', maar hij was meer. De gewone producer stelt zich dienstbaar op en maakt authentieke opnamen van wat een muzikant te bieden heeft. Meek gebruikte andermans werk als basis voor zijn eigen kunst. Hij was een geluidsmagiër. En als de geluidsmagiër een opname onder handen heeft genomen, kan het gebeuren dat de muzikant zichzelf er niet meer in herkent.

Andere geluidsmagiërs zijn bijvoorbeeld Phil Spector (van de Wall Of Sound), de Jamaicanen Lee Perry en King Tubby (die samen de dub-reggae creëerden), en Martin Hannett (bekend van de vochtige kelder-sound van Joy Division). Ze zijn `geniaal' en niet zelden ook waanzinnig. Zo hield Phil Spector Leonard Cohen met een geweer onder schot tot hij de juiste zangpartij leverde. Martin Hannett ging aan drank en drugs ten onder en Lee Perry stak uit frustratie zijn eigen studio in brand.

Joe Meek had zijn hoogtijdagen eind jaren vijftig, begin jaren zestig. Hij was een opname-freak die met de primitieve uitrusting van die dagen – een viersporenrecorder en allerlei zelfgebouwde effectapparaten – ongekende resultaten wist te bereiken. Meek was de ontdekker van het space-geluid, de spookachtige echo, versneld afgedraaide vocalen en de ijselijke violen. En die werden niet gecreeerd in een riante studio, maar in de slaapkamer van zijn appartement in Londen, waar de achtergrondzangeressen in de badkamer hun partijen moesten inzingen.

Joe Meek staat weer in de belangstelling. Sinds de zomer gaat in Londen een toneelstuk, gebaseerd op zijn leven en genoemd naar zijn grootste hit, Telstar. Bovendien verscheen er onlangs de cd-box Joe Meek. Portrait Of A Genius met vier cd's van ieder zo'n tachtig minuten – ongeveer een derde van wat Meek heeft voortgebracht.

Dat Joe Meek na zoveel jaar nog inspireerde tot een goed ontvangen toneelstuk, is niet verbazend. `A playwright's dream', noemden recensenten zijn leven, dat door de acteur Nick Moran en James Hicks tot een verhaal werd bewerkt. Wat wil je, als er behalve muzikaal genie ook nog homoseksualiteit, drugs, duivelsaanbidding en een dubbele moord in het spel zijn?

Joe Meek werd geboren in 1929 en op zijn zevende begon hij te knutselen met geluidsapparatuur, zoals draagbare pick-ups en bouwpakketten voor radio's. Vanaf 1955 produceerde hij liedjes voor anderen, hoewel `produceren' toen nog geen begrip was. Opnemen was in die tijd niet meer dan het zo authentiek mogelijk vastleggen van een live-sessie. Er waren geen overdubs, alles gebeurde in één `take'. De `samengestelde' opname, waarbij instrumenten los worden opgenomen en later samengevoegd, bestond nog niet. Tot Joe Meek. Zodra de oorspronkelijke muzikanten naar huis waren, begon voor hem het echte werk. Geholpen door grote hoeveelheden speedpillen was Meek nachtenlang in de weer met reverb-apparaten en equalizers. Hij ontdekte onder meer de kracht van de compressor: hierdoor worden de volume-toppen samengeperst en kunnen de verschillende signalen van de instrumenten harder doorkomen – een revolutionaire vondst waardoor een liedje eindelijk goed klonk op de radio.

Meek gebruikte alles om geluid te maken: hij bubbelde met zeepsop, hij trok de wc door of hij schudde het bestek. Hij was ook de eerste die de verschillende onderdelen van het drumstel apart opnam, in plaats van er één microfoon zo'n beetje boven te hangen, zoals toen gebruikelijk was. Van de honderden liedjes die Meek produceerde zijn er een aantal klassiek geworden: Telstar door The Tornados, Johnny Remember Me door Johnny Leyton, en het oude Yellow Rose of Texas, van Gary Miller.

Meek was geobsedeerd door het `buitenaardse' (Telstar was de naam van een satelliet), en dat is te horen aan de space-effecten in de muziek. Maar hij was ook gegrepen door excentriekere dingen als spiritisme, Ouija-boards en mediums. Hij vertelde aan zijn muzikanten dat hij had `gepraat' met de inmiddels overleden Buddy Holly die hem opdrachten gaf.

Niet alles wat Meek deed was even geslaagd: soms klonken de opgepitchte zangers als Knabbel en Babbel en waren er te veel bizarre kreten en piepende deur-geluiden toegevoegd (zijn krakende doodskist-effect werd door Jimmy Page letterlijk gejat voor Led Zeppelins Whole Lotta Love). Maar de psycho-rockabilly zoals die later werd gespeeld door bijvoorbeeld Suicide en The Cramps had niet kunnen bestaan zonder Joe Meeks pionierswerk.

Meeks interesse in het bovennatuurlijke begon hem midden jaren zestig boven het hoofd te groeien. Hij hoorde `stemmen' en werd achterdochtig. In de studio communiceerde hij met de muzikanten via briefjes: hij wist zeker dat er iemand meeluisterde. Dat hij leefde op koffie en speed maakte hem geestelijk instabiel.

Bovendien was Joe Meek een paar keer opgepakt wegens onzedelijk gedrag in een herentoilet. De schaamte om zijn, in die tijd in Engeland nog verboden, homoseksualiteit was groot. Voeg daarbij een ruzie om de rechten van zijn hit Telstar (ook in Amerika op nummer 1), en financiële problemen, en het is duidelijk dat Joe Meek in 1967 niet gelukkig was.

In Meeks huis had protegé en grote liefde Heinz een geweer laten slingeren. Op 3 februari 1967, precies acht jaar na de sterfdag van zijn held Buddy Holly, schoot Joe Meek eerst zijn hospita dood, en daarna zichzelf. Zijn erfenis waren een aantal hoogstandjes van geluidsmanipulatie en een serie effecten die later gemeengoed zouden worden.

In de studio leeft Joe Meek nog voort: een hele lijn effectapparaten heeft de naam `Joemeek'.

Joe Meek. Portrait Of A Genius. The RGM Legacy. De 4-cd-box is uitgebracht door Sanctuary Records/PIAS (CMXBX783).